‘Ik dacht dat ze een doodskist voor me timmerden’

Enkele van de vijftien Britse militairen die twee weken gevangen zaten in Iran hebben, met toestemming van het ministerie van Defensie, hun verhaal verkocht. „Ik lag te huilen als een baby.”

Militairen, ook Britse, horen hun mond te houden over operaties waarbij ze betrokken zijn. Maar voor de vijftien zeelieden en mariniers die bijna twee weken vastzaten in Iran, maakte het Britse ministerie van Defensie dit paasweekeinde graag een uitzondering. Al was het maar om de immense mediabelangstelling te kanaliseren. Geschrokken van de negatieve reacties, werden de teugels nog geen dag later al weer aangehaald.

Geschrokken waarvan? Van de woede over vijftien militairen die goed geld verdienen met hun verhaal, terwijl tegelijkertijd hun collega’s in het zuiden van Irak omkomen? Of van wat de ex-gijzelaars te zeggen hadden? Bijvoorbeeld de 20-jarige matroos die in zijn cel had „liggen huilen als een baby”, of de enige vrouwelijke gevangene die dacht dat ze een doodskist voor haar timmerden?

Het besluit om de militairen toestemming te geven hun verhaal te vertellen, lijkt een klassiek geval van mismanagement. Het ministerie zal – waarschijnlijk terecht – hebben ingeschat dat de Britse pers, zeker de boulevardbladen, alles zouden doen om ‘Het Verhaal’ te achterhalen. Dit zou tot onrust kunnen leiden bij de vijftien militairen, bij hun familie, bij collega’s uit hun bataljon of bij hoge militairen.

Door de vijftien de vrijheid te geven om te praten zonder tussenkomst van veiligheidsdiensten of de militaire top, werd bovendien voorkomen dat hun verhalen van hogerhand geregisseerd leken. Dat was niet onbelangrijk in de propagandastrijd met Iran, waar de media het beeld hadden verspreid dat de gevangen Britten gastvrij waren onthaald.

Het ministerie van Defensie heeft zich vooral de woede op de hals gehaald door de vijftien niet alleen hun verhaal te laten vertellen, maar ze het recht te geven het te verkopen. Boulevardblad The Sun en tv-zender ITV sloten gezamenlijk een deal met de 25-jarige Faye Turney, de enige vrouwelijke gijzelaar. Ze wilden niet zeggen hoeveel ze hebben betaald voor haar exclusieve verhaal. De krant The Guardian houdt het op ongeveer 100.000 pond (bijna 140.000 euro), dat is zo’n vier keer haar jaarsalaris.

En wat had ze voor dat bedrag nou eigenlijk te vertellen? Dat ze was geïntimideerd. Dat ze was gedwongen om op te schrijven dat ze in Iraanse wateren waren opgepakt. Dat ze bang was om te worden verkracht. Dat ze geblinddoekt was geweest en op een bepaald moment de indruk had gekregen als enige nog niet te zijn vrijgelaten.

Natuurlijk was het een pijnlijke, vernederende ervaring, schreven andere kranten. Maar volgens The Sunday Times handelden sommige van de vijftien bijna als sterren in een reality televisieprogramma. Militairen zeiden dat dit soort zielige verhalen het leger te schande maakten. The Independent vroeg zich af, hoe hun verhalen zich verhouden tot die van andere Britten in Irak. De krant haalde zondag zes Britse soldaten uit de anonimiteit die afgelopen week in Zuid-Irak omkwamen. Zoals de 18-jarige soldaat Aaron Lincoln die sinds januari in Irak was en gisteren overleed aan zijn verwondingen, nadat hij in Basra door een scherpschutter was geraakt, en de 26-jarige korporaal Kris O’Neill wiens pantserwagen donderdag op een bom reed.

De leider van de Britse liberalen, Menzies Campbell, zei tegen de BBC begrip te hebben voor „families van omgekomen militairen die zich afvragen waarom degenen die het hebben overleefd daarvan op deze manier moeten profiteren”. Volgens William Hague, van de oppositionele Conservatieven, heeft Defensie „de waardigheid en het respect voor het leger” te grabbel gegooid.

En de Iraniërs? Die kwamen dit weekeinde met nieuwe beelden waarop te zien was hoe de Britten tijdens hun gevangenschap een potje schaak speelden. En een woordvoerder van president Ahmadinejad zei: „Wij voorzagen al dat de vijftien zeelieden onder druk zouden worden gezet door Britse veiligheids- en inlichtingendiensten.”