Haal teelt van cannabis uit de criminaliteit

Coffeeshops sluiten, paddo’s verbieden, wietteelt illegaal houden – de penoze vaart er wel bij. Is dat wat we willen? De productie kan beter legaal, vindt Gerd Leers.

Het nieuwe kabinet is nog geen honderd dagen aan het werk of de discussie over seks, alcohol, tabak, softdrugs en bikinireclames is al hoog opgelaaid. De beperkende maatregelen die minister Ab Klink voorstelt ten aanzien van het ‘happy hour’ voor minderjarigen en het rookvrij maken van de horeca heeft hem meteen de titel ‘minister van Kleinburgerlijke Zaken’ opgeleverd.

Niet helemaal terecht. Want Klink geeft er blijk van de tijdgeest goed aan te voelen. Wie luistert, voelt aan dat de samenleving een behoefte uitspreekt aan duidelijke grenzen. Veel mensen vinden dat het gedogen uit de hand is gelopen. Ze willen duidelijkheid. In de media wordt opgemerkt dat hoe vrijer een samenleving is, hoe hoger de eisen zijn die gesteld worden aan de zelfbeheersing van het individu. En als die de zelfbeheersing niet kan opbrengen, zal de overheid maatregelen moeten nemen.

Maar de vraag is of beperkende maatregelen het beoogde effect sorteren. Het is een steeds weer terugkerend dilemma: grijp je in, dan leidt dat er vaak toe dat het ongewenst gedrag zijn toevlucht neemt tot de illegaliteit. Zeker als die maatregel slechts bestaat uit een simpel verbod.

Het bekendste product van dit dilemma is het cannabisbeleid. Aan de ene kant is het Nederlandse beleid goed voor gebruikers, vooral voor jongeren. Zij worden goed voorgelicht, komen minder snel in aanraking met harddrugs en kunnen in een veilige omgeving gebruiken. Nederland laat dan ook gunstige cijfers zien vergeleken met het buitenland: een gemiddeld gebruik, een lage overstap naar harddrugs en een zeer laag ‘ongevallencijfer’.

Anderzijds is het een gruwel voor veel burgers, met name in de grensstreken. Niet alleen de overlast, veroorzaakt door de honderdduizenden bezoekers uit heel Europa, maar vooral de hoge criminaliteit die samenhangt met de productie en de handel van cannabis. In Nederland kiezen we er namelijk bewust voor om de productie over te laten aan de georganiseerde misdaad, die jaarlijks dankbaar miljarden euro’s aan crimineel geld opstrijkt.

Natuurlijk: cannabis is slecht. Laten we daar geen doekjes om winden. Maar een simpel verbod helpt niet. Kijk naar de VS en Frankrijk: zeer repressief, met als resultaat zeer hoge gebruikscijfers. België en Duitsland: iets soepeler (beperkt cannabisbezit toegestaan), ook hogere cijfers. Kortom: de mate van repressiviteit is niet van invloed op het gewenste resultaat: uitbannen van cannabisgebruik.

Sterke repressiviteit is wel van invloed op het aantal overstappers naar harddrugs. Dat ligt in Nederland, dankzij de coffeeshops met hun strikte scheiding tussen soft- en harddrugs, namelijk veel lager dan in de landen om ons heen.

En toch zet het kabinet zijn tanden in de coffeeshops, die voor zover bekend geen dodelijke slachtoffers opleveren. De tienduizenden obesitas- alcohol- en tabaksdoden moeten het met minder aandacht doen. Daarmee is het kabinetsbeleid aangaande softdrugs geen volksgezondheidsbeleid – want dan zou je de coffeeshops moeten omarmen – maar een cultuurbeleid geworden. Zoals veel islamitische landen de alcohol uitbannen maar de waterpijp met opiaten koesteren, doet het huidige christen-sociale kabinet het precies andersom, zich daarin gesteund gevoeld door een samenleving in reveil.

Er hoeft dan ook maar één paddogebruiker te verongelukken en het land komt massaal in actie. Natúúrlijk moet je potentieel ongezonde en wellicht gevaarlijke genotsmiddelen niet zomaar vrijgeven, zoals een hoofdredactioneel commentaar in NRC Handelsblad onlangs terecht betoogde. Maar zou dat nu juist niet een reden zijn om de distributie van dit spul niet over te laten aan gewetenloze boeven, maar in handen te stellen van een streng gecontroleerde, met veel waarborgen omgeven branche? Dat biedt natuurlijk geen garantie dat er dan geen misbruik meer van wordt gemaakt, maar je kunt op die manier wel de branche verplichten aan de kwaliteit van het spul te werken, voorlichting te geven, belasting te betalen (waar afkickprogramma’s mee gefinancierd kunnen worden) en probleemgebruikers naar de hulpverlening te verwijzen.

De kern van het probleem is – in moreel-cultureel perspectief – het gebruik van geestverruimende middelen. Maar het echte probleem is natuurlijk de criminaliteit die ontstaat dankzij de bestrijding van het gebruik. De productie van cannabis wordt door de overheid overgelaten aan de penoze en de branche wordt vanzelfsprekend steeds crimineler. Of zoals Dries van Agt onlangs aan Kofi Annan schreef: „The global war on drugs is now causing more harm than drug abuse itself.”

Daarom ligt regulering voor de hand. Hoe harder we de productie bestrijden, hoe meer we de Al Capones van deze tijd subsidiëren. Hoe meer coffeeshops we sluiten, hoe meer we onze jongeren de illegaliteit in drijven.

In deze spagaat proberen grenssteden beleid te voeren: onze jeugd weg te houden van harde criminelen, onze bevolking te vrijwaren van overlast en de illegale wietteelt uit te bannen. Maar de echte oplossing is natuurlijk vervolmaking van het systeem: sta coffeeshops toe (onder strikte voorwaarden) en regel de productie. Dat is goed voor de volksgezondheid en dat is goed voor de veiligheid. Als dat geen christelijke politiek is! Wees als Nederland trots op dat beleid. Trek Europa in. Wees gidsland. Overtuig.

De Vaste Kamercommissie van Justitie organiseerde vorig jaar een hoorzitting met Europees rechts- en bestuurskundigen die concludeerden dat de EU geen bezwaar zal maken tegen gereguleerde wietteelt, aangezien ze de wietverkoop ook gedoogt. Daarvoor is volgens de deskundigen wel nodig dat de minister van Justitie aan Brussel duidelijk maakt dat Nederland een weeffout in zijn ‘gedoogsysteem’ oplost: gereguleerde cannabisconsumptie, dan ook gereguleerde teelt.

Ik neem vandaag het boek ‘Polderwiet’ in ontvangst en daaruit blijkt dat de landen om ons heen inmiddels zo zijn volgebouwd met plantages dat ze bijna in hun eigen productie kunnen voorzien. België gedoogt inmiddels drie gram bezit. U ziet: de stappen die wij hebben gezet, komen elders ook uit, alleen liggen wij op dit onderwerp voor.

Als Nederland de politieke moed heeft om weer eens gidsland te zijn, dan voorspel ik voor de cannabisteelt dezelfde toekomst als voor het homohuwelijk: internationale acceptatie en navolging. En durft de minister dat pleidooi desondanks niet aan? En willen we landen als Frankrijk en de VS niet te veel tegen ons in het harnas jagen? Stop er dan mee. Rigoureus. Weg met het gedoogbeleid. Laten we ons dan maar aansluiten bij de rest. Hoezeer mij dat ook spijt. Maar neem dan ook in Den Haag de maatregelen om deze afschaffing te begeleiden. Dat wil zeggen: neem uw verantwoordelijkheid door wetten uit te vaardigen, financiële middelen en mankracht (handhaving) ter beschikking stellen. Kortom: bied de gemeenten steun voor de afbouw en beëindiging. Maar realiseer wel dat daarmee slechts een schijnoplossing wordt geboden. Er zal geen joint minder om gerookt worden.

Gerd Leers (CDA) is burgemeester van Maastricht.

Burgemeester Leers schreef in 2004 en 2006 op de Opiniepagina over drugsbeleid. Zie nrc.nl/opinie