Een eigen radiostation voor iedereen

Tik je favoriete bands in en je krijgt je eigen radiostation.

Persoonlijke radio begon met last.fm. Toen kwam Pandora. Slacker komt nog.

Stel, je bent fan van Arctic Monkeys. Ook The Kooks vind je helemaal goed, net als Snow Patrol en The Killers.

Maar daar houd je kennis van hedendaagse hippe bandjes eigenlijk wel op. Hoe vind je nieuwe muziek?

Sinds kort is dat simpel: met de internetdienst Pandora Radio. Tik een bandnaam in het scherm van www.pandora.com en je krijgt een op maat gemaakte radiozender, waar de muziek op te horen is die bij jouw keuze past.

Al gauw komen niet enkel Arctic Monkeys, maar ook We Are Scientists en 1208 langs – bands waarvan je nog nooit had gehoord. En als de punkrock je na een tijdje gaat vervelen, voeg je The Kooks en Snow Patrol als beginpunt toe, wat je station een stuk gevarieerder maakt.

Persoonlijke internetradio is populair. Inmiddels luisteren miljoenen mensen dagelijks naar hun eigen online station. Met vijf miljoen luisteraars is Pandora Radio niet de grootste, maar wél de meest innovatieve van alle radio-op-maatdiensten.

Dit station speelt niet slaafs een voorgeprogrammeerde playlist af. Pandora ontrafelt het ‘DNA’ van de door jou gekozen liedjes en zoekt daar passende muziek bij. Bij Pandora – Home of the Music Genome Project, zoals het bedrijf zichzelf noemt – wordt elk liedje beoordeeld op zo’n vierhonderd eigenschappen: ritmepatroon, instrumentsoort, timbre, register van de stem en inhoud van de songteksten, bijvoorbeeld.

Als een liedje uit Pandora’s database voldoende lijkt op jouw initiële keuze – dat is: genoeg identieke ‘muziekgenen’ bezit – is de kans groot dat dit binnenkort een keer langskomt op je persoonlijke station.

Een persoonlijk radiostation bij Pandora kost de gebruiker niets, maar levert het bedrijf wél wat op. Dat komt doordat een flink percentage van de luisteraars regelmatig doorklikt naar advertenties, bijvoorbeeld van iTunes Store en Amazon. Dit moet binnenkort genoeg geld binnenbrengen, om de vijfenvijftig analyserende musicologen uit eigen zak te kunnen betalen. Tot die tijd is het Amerikaanse Pandora een ‘veelbelovende investering’.

Het idee komt van Tim Westergren, oprichter en directeur. Door de telefoon vertelt hij: „We wilden iets maken waarmee muzikanten een publiek kunnen vinden. Ik reisde zelf met een rockbandje door het land en merkte hoe moeilijk het is om een vast gehoor te vinden. Met onze dienst kunnen we mensen naar liedjes laten luisteren die ze niet kennen, maar die wel bij hun smaak passen.”

Pandora Radio biedt muziek aan in wisselende blokjes van liedjes. Zo kunnen de eerste vier liedjes van je Arctic Monkeys-station passen bij de typische elektrische ritmegitaren, de volgende bij de hoorbare punk-invloeden. En blijft het beluisteren van je station toch verrassend. Westergren: „Variatie programmeren we in.”

Is het echt zo eenvoudig? We vragen het aan Henkjan Honing, hoofd van de onderzoeksgroep muziekcognitie aan de Universiteit van Amsterdam. Honing maakt cognitieve modellen van wat er in het hoofd van muziek luisterende mensen gebeurt.

Honing heeft twijfel: „Het algoritme van Pandora zoekt liedjes die ‘genoeg lijken’ op jouw keuze. Maar wat is dat, ‘genoeg lijken’? Pandora kan liedjes uitzoeken die passen bij de gitaar-riffs, maar misschien ben jij wel geïnteresseerd in de vrouwelijke zangstem of het genre. Muziek is meer dan geluid.”

Tim Westergren heeft geen probleem met deze kritiek. Inderdaad, zegt hij, „er zit veel in muziek dat we niet in ons genoom kunnen vastleggen”.

Een radiodienst die niet werkt met het genoom van muziek is last.fm, de grootste aanbieder van radio-per-persoon op dit moment. Last.fm begon in 2003. Het heeft inmiddels 15 miljoen gebruikers.

Last.fm moet niets hebben van het wetenschappelijk ontleden van muziek. Bij The Social Music Revolution, zoals de radiodienst ook heet, bepalen de luisteraars wat bij elkaar past. Wie inlogt, wordt gevraagd een programmaatje te downloaden dat bekijkt welke muziek op zijn computer staat.

Door de resultaten van alle gebruikers te vergelijken, kan last.fm verbanden leggen tussen liedjes. Met die informatie biedt het radiostation muziek aan die je ‘muzikale soortgenoten’ in hun playlist hebben staan, maar die jij nog niet kent.

Deze zomer verschijnt ook nog radiodienst Slacker op het web. Slacker is van plan een mp3-speler aan te bieden waarmee het mogelijk wordt via de satelliet je persoonlijke radiostation te beluisteren.

En dan tellen we diensten als Goombah en Soundflavor nog niet mee. Deze websites bieden geen streaming radio, maar beheren je eigen collectie. Soundflavor weet wat bij elkaar hoort door playlists van gebruikers te vergelijken. Wie een bibliotheek met duizenden liedjes heeft, kan Soundflavor als dj inzetten. Goombah brengt je in contact met gelijkgestemden en biedt op basis van je playlist gratis tracks aan.

Rijst de vraag waarom persoonlijke radio het zo goed doet. Immers, een reguliere radiozender als Skyradio dankt zijn populariteit juist aan het feit dat z’n computerprogramma de grootste gemene deler in muzieksmaak selecteert.

Het antwoord luidt waarschijnlijk dat Pandora en last.fm inspelen op wat de hedendaagse computergebruiker wil: invloed en contact. Niet voor niets zijn interactieve diensten en gemeenschappen als Wikipedia, eBay, Skype, Second Life en foto-sharesite Flickr zo populair.

Online succes krijg je niet met het aanbieden van droge informatie, maar door communicatie met je gebruikers. Radio-op-maat is Web 2.0 op z’n best: de diensten laten zich leiden door de keuze van hun luisteraars én bieden de mogelijkheid om gelijkgestemden te vinden.

Maar persoonlijke radio heeft nog een troef in handen: de individuele benadering. Chris Anderson, hoofdredacteur van het technologieblad Wired, concludeerde al in 2004 dat op internet veel geld valt te verdienen aan nichemarkten, ‘de lange staart’ in de verkoopcurve. Die markten zijn klein in omvang en ze nemen dus weinig af, maar er zijn er wel heel veel van.

Amazon is een goed voorbeeld van deze ‘long tail-theorie’. Het bedrijf haalt een behoorlijk deel van de omzet binnen met het verkopen van obscure titels in kleine aantallen. Wie goed wil verdienen, hoeft dus niet te mikken op een paar grote groepen, maar kan zich op een groot aantal kleine niches richten.

Voor de radio-aanbieders zijn die niches ultra-smal: één persoon. En dat kost de aanbieders niks extra’s, want hun programmatuur is er speciaal voor gemaakt.

Intussen kunnen de radiodiensten wachten op het eerste bod van een internetgigant, zoals eerder YouTube. Maar ook als dat niet gebeurt, ziet hun toekomst er zonnig uit. De markt is oneindig en de grondstof goedkoop, althans voor wie de rechten goed regelt. Bovendien raakt muziek nooit uit de mode.

Radio online is te vinden op www.pandora.com www.last.fm www.slacker.com

Lees Chris Andersons blog over long tail op http://longtail.typepad.com/the_long_tail/ En lees zijn originele artikel op http://www.wired.com/wired/archive/12.10/tail.html