Ruzie op ‘De Brug’

Op de Galatabrug in Istanbul is de slag om de Nederlandse lezer in volle gang.

Door het Boekenweekgeschenk was het Galata Café een waar bedevaartsoord geworden voor de fans van Geert Mak, die hier menig uur doorbracht tijdens het schrijven van De Brug.

„Het liep storm”, zegt de ober van het café, die zelf ook in het boek voorkomt en die hier regelmatig op werd aangesproken. Tot zijn verbazing bleek hij opeens een Bekende Turk in Nederland te zijn.

De Nederlandse lezers waren volgens hem makkelijk te herkennen: allemaal 45 plus en grijs. „Een mooie blonde zat er helaas niet bij”.

Eén fan had zelfs twee volle avonden achter het cafétafeltje van Mak doorgebracht. Hij had zich voorgesteld als „ook een schrijver, maar niet zo’n grote als Geert Mak”.

Het Galata Café deed, kortom, goede zaken dankzij de Boekenweek.

Maar helaas: sinds kort zit er de klad in, de Nederlanders lopen nu zijn zaak voorbij. De ober zucht, het is zijn eigen schuld geweest. Had hij zijn exemplaar van De Brug maar niet moeten uitlenen aan de buurman van het Galata Fish Restaurant.

Die loopt er nu de hele dag mee te zwaaien en lokt zo de Nederlanders bij hem naar binnen.

En teruggeven? Ho maar.

De ober van het Galata Café kijkt zijn buurman niet meer aan. Hij is vastbesloten het verloren marktaandeel terug te winnen en weet ook al hoe dat moet:

„Een foto van Geert Mak, die moet ik hebben. En snel, voordat het vakantieseizoen begint”.