‘Wij zijn er niet om nationale belangen te bewaken’

Bij een mogelijke fusie van ABN Amro en Barclays komen twee kerntaken van De Nederlandsche Bank samen: waken over de soliditeit van het bankwezen en waken over de soliditeit van het financiële systeem.

Nout Wellink (Foto Maarten van Haaff) Arnold Schilder en Nout Wellink van de Nederlandse Bank. Amsterdam, 23 feb 2007. foto Maarten van Haaff Haaff, Maarten van

Amsterdam, 5 april. - De Nederlandsche Bank begeeft zich op onbekend terrein. De opmars van goedkoop en grenzeloos geld heeft ABN Amro in de handen gedreven van de Britse Barclays Bank, in wat een van de grootste bankenfusies uit de geschiedenis kan worden. Wat moet president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank adviseren aan minister Bos van Financiën, die uiteindelijk ja of nee moet zeggen. En welke betekenis heeft de ongewoon lage rente?

De twee kerntaken van De Nederlandsche Bank komen opeens samen: waken over de soliditeit van het bankwezen en waken over de soliditeit van het geld.

Geldbeheerders uit Londen onder leiding van het speculatieve beleggingsfonds TCI hebben ABN Amro naar de onderhandelingstafel gedreven. De bank maakt haar beloftes niet waar, klagen de beleggers. De hedgefondsen staan symbool voor een trend waar de centrale bank zich zorgen over maakt: de ruime beschikbaarheid van kapitaal op de internationale financiële markten en de gegroeide bereidheid van financiële partijen om risico’s te nemen.

„Heel veel geld is in omloop”, en dat heeft gevolgen voor het monetaire beleid. Allereerst blijkt de rente op de kapitaalmarkt voor langlopende leningen niet meer zo goed te luisteren naar de kortlopende rentetarieven die de centrale banken dicteren. De relatief lage rente op langlopende leningen is veroorzaakt door de mondiale spaarwoede. De koersen van obligaties stijgen, de effectieve rente daalt. Juist de langlopende rentetarieven hebben de grootste invloed op de economie: op bedrijfsinvesteringen, op de stemming op de woningmarkt. Maar daar zijn de centrale banken dankzij de financiële liberalisering een deel van hun sturende macht kwijt. Zij zullen volgens Wellink veel grotere uitslagen in de hoogte van hun rentes moeten aanbrengen om hetzelfde effect te sorteren als vroeger. „In feite is hier aan de orde of het beleid zich niet op een hogere korte beleidsrente zou moeten richten dan in het verleden”, schrijft Wellink in het jaarverslag van De Nederlandsche Bank, dat vandaag uitkomt. „Je moet als centrale bank misschien een grotere krachtsinspanning verrichten”, zegt hij.

Maar Wellink noemt nog een tweede fenomeen. De rente nu is wereldwijd veel lager dan twintig jaar of langer geleden. De hoge inflatie van toen is uitgeroeid. De rente kon dalen. Maar is die daling structureel of tijdelijk? Wellink: „Die vraag is bijna niet te beantwoorden. Ik sluit niet uit dat de rente op een lager niveau dient te liggen dan decennia geleden. Maar ik ben wel geneigd om te denken dat het niveau nu wel erg laag is.”

Een renteverhoging kan desastreus uitpakken voor financiers die veel geleend geld gebruiken: hedgefondsen, private equity (opkopers van complete bedrijven), maar ook huizenbezitters. „Als het geleidelijk gaat, absorberen de marktpartijen ’t wel”, zegt Wellink.

De lage rente en de overvloed van geld hebben ongekende consequenties voor de financiële wereld. „Het gevolg is dat er op de financiële markten risico’s genomen worden en kúnnen worden waarvan je je afvraagt of die wel evenwichtig zijn”, stelt de bankpresident. „Er is een link tussen het gemak waarmee je geld krijgt, de prijs van dat geld [de rente, red.] en de opkomst van hedgefondsen en private equity.” De directe relatie die deze financiers leggen tussen het behaalde rendement en de betaalde beloning van hun medewerkers en directies stimuleert risico’s nemen nog eens extra.

De combinatie van lage rente, hoog potentieel rendement en gretig risico nemen komen samen in het lot van ABN Amro. Wellink loopt het rijtje van belangen af. Staat het nationale belang op het spel nu de grootste bank misschien wel een hoofdkantoor in Nederland houdt, maar een Britse directievoorzitter in een Britse vennootschap krijgt? „Dat is iets voor de betrokken private partijen. Als Nederlandsche Bank zijn wij niet ingehuurd voor het bewaken van nationale belangen. Natuurlijk, als burger vind ik het leuk als ABN Amro hier blijft. Ik ben ook blij dat Shell hier zit. En Akzo Nobel.”

Het belang van ABN Amro voor de Nederlandse financiële infrastructuur? Daar kiest De Nederlandsche Bank wel partij. Neem de regierol van De Nederlandsche Bank in het garantiestelsel voor spaartegoeden als een bank onverhoopt failliet gaat. Een bank waarvan het risicoprofiel wordt vergroot door een overname of gedwongen uitverkoop van dochterondernemingen, zoals TCI bij ABN Amro vraagt, geeft een grotere kans op problemen. Dan moet de centrale bank als toezichthouder ervoor waken dat een gezond bankbeleid gevoerd blijft worden. „Anders wordt de schade afgewenteld op de financiële sector of de staat, en daarmee de gemeenschap.” Wellinks waarschuwende woorden weken geleden tegen de brief van TCI met eisen aan ABN Amro leverden hem veel kritiek op. „Ik zou het zo weer zeggen. Het is mijn wettelijke plicht in zulke situaties te waarschuwen.”

Ten slotte: het belang van ABN Amro voor Europa. Een fusie werkt als katalysator voor meer fusies, voorspelt Wellink. Hoe zit het met grote overnames als die van het Italiaanse Antonveneta door ABN Amro of van de Duitse HVB Bank door Unicredit uit Italië? „Die waren vijf jaar geleden onmogelijk geweest.” En een combinatie ABN Amro en ING? „Dan zouden mededingingsproblemen rijzen. Daarvoor zijn oplossingen. Ik zou er heel serieus naar hebben gekeken.”