Overschot aan kappers dreigt

Het kappersvak is momenteel zo populair in het beroepsonderwijs, dat de kappersbranche scholieren ontmoedigt kapper te worden. De sociale partners in de branche hebben eind vorig jaar een beleidsnotitie verstuurd naar de opleidingen met nadelen van het kappersvak. Bijvoorbeeld dat een kapper altijd op zaterdag moet werken, en dat het een staand beroep is, met een hoge werkdruk en kapperseczeem. „Bezint eer ge begint is nu ons motto”, zegt Chris Boerland, voorzitter van kappersbrancheorganisatie Anko.

De afgelopen vijf jaar steeg het aantal aanmeldingen op de kappersopleidingen met 40 procent, tot 11.000 scholieren die nu onderwijs volgen. Boerland denkt dat het komt door alle make-overprogramma’s op tv en reportages in bladen, waarin mensen een compleet nieuw uiterlijk krijgen. Met een diploma op mbo II-niveau is het mogelijk een eigen kapperszaak te beginnen. Maar Boerland vreest dat de helft van de scholieren straks geen werk zal kunnen vinden. Alleen al het afgelopen jaar kwamen er 1.500 nieuwe kapsalons bij, een stijging van 10 procent.

Anko pleit voor invoering van een maximum aan het aantal plaatsen op kappersopleidingen. Geprobeerd moet worden jongeren naar richtingen te praten waar wel perspectief is, zoals de zorg. De Taskforce Jeugdwerkloosheid is vorige week een campagne begonnen om scholieren „realistischer” voor een opleiding te laten kiezen.

Kappers: pagina 18