Energiebedrijven zijn terug bij af

Minister van der Hoeven (Economische Zaken, CDA) trekt zich niks aan van de wens van de Eerste Kamer om de splitsing van de energiebedrijven voorlopig niet in gang te zetten.

Den Haag, 5 april. - En toen was alles weer anders. Zes jaar nadat het Tweede Kamerlid Ferd Crone (PvdA) had geopperd om de energiebedrijven te splitsen in een publiek netwerkbedrijf en een commercieel leveringsbedrijf, heeft minister Van der Hoeven (Economische Zaken, CDA) hardhandig een einde gemaakt aan de overtuiging van de bedrijven dat ze zich aan de splitsing konden onttrekken. Eergisteren kondigde Van der Hoeven in de Kamer aan dat ze voor de zomer de Elektriciteitswet, waarin de splitsing is opgenomen, naar de letter zal uitvoeren.

Crone ageerde in 2001 tegen voornemens van de toenmalige minister van Economische Zaken, Jorritsma (VVD), om de energiebedrijven geheel te privatiseren. Jorritsma was de belichaming van het marktliberalisme onder Paars II.

Ondanks de liberalisering die toen in gang werd gezet, bleven de gevestigde energiebedrijven eigendom van de gemeenten en provincies. Ze kregen grotere commerciële armslag en maakten een juridische scheiding tussen netwerk- en leveringsbedrijven. Maar van volledige privatisering kwam het niet. Dat had te maken met de toenemende politieke weerzin tegen de verkoop van de netwerken. Netwerken hebben een monopoloïde karakter. Op de positie van de netwerken concentreerde zich het politieke gevecht.

Minister Brinkhorst (Economische Zaken, D66) kwam met een wetsvoorstel dat de energiebedrijven verplichtte tot splitsing. Een Kamermeerderheid van GroenLinks, PvdA, VVD en D66 was enthousiast over de splitsing. Het CDA, met een krachtige provinciale achterban, aarzelde. De SP was fel tegen – uit vrees voor banenverlies en uit overtuiging dat nutsbedrijven volledig in publieke handen moeten blijven. Brinkhorst trok het CDA over de streep met de toezegging dat de netwerkbedrijven na splitsing in publieke handen zouden blijven.

Vorig jaar zomer ging de Kamer akkoord. Daarna viel het kabinet en moest Joop Wijn (CDA), die Brinkhorst was opgevolgd, de wet door de Eerste Kamer loodsen.

Wijn voelde aan dat aanvaarding van de wet door de senaat allerminst gegarandeerd was. Een week voor de Kamerverkiezingen van 22 november wilden de PvdA en het CDA bovendien niet geconfronteerd worden met beschuldigingen van ‘uitverkoop’ van de energiebedrijven.

Na intensieve politieke onderhandelingen achter de schermen ging de senaat akkoord met een motie van CDA en PvdA, die bepaalde dat de wet in zijn geheel werd aangenomen, maar dat het cruciale artikel waarin de splitsing werd geregeld, vooralsnog niet in werking zou treden. De energiebedrijven vierden dit als een overwinning.

Maar deze week maakte Van der Hoeven, als nieuwe minister, korte metten met de euforie van de energiebedrijven. Verwijzend naar internationale ambities van de energiebedrijven Delta (in België) en de beoogde fusiepartners Essent en Nuon kondigde ze aan dat het splitsingsartikel in de wet alsnog in werking wordt gesteld.

De Tweede Kamer, die het initiatief was kwijtgeraakt aan de senaat, heeft het politieke primaat hiermee weer naar zich toe getrokken en uiteindelijk toch zijn zin gekregen.

Eerdere artikelen staan op nrc.nl/energiebedrijven