Een achtbaan testen. Niet mijn grootste hobby

Je wordt met de lente om je oren geslagen, of je daar nu zin in hebt of niet. Overal van die opdringerige gele bloemen, kinderen die dingen met krijt doen, en de pretparken gaan ook weer open. Zo ook Drievliet, een goeiig pretpark in Den Haag. Drievliet is het kleine, nederige broertje van Efteling en Walibi. Een sympathiek pretpark zonder overdaad aan kabouters, laven of andere mechanische gnomen. Een pretparkje waar een locomotiefje, geheten El Loco, een van de topattracties is.

Gisteren was ik in Drievliet. Officieel was het nog niet open – er stond een man met een schroevendraaier aan een van de attracties te klussen, een zeer alarmerend gezicht – maar één onderdeel wel: de gloednieuwe achtbaan, Formule X. Mensen hadden zich mogen opgeven om de achtbaan te testen.

Toen ik dat las, moest ik lachen. Een achtbaan testen. Niet mijn grootste hobby. Een achtbaan is op zich al een naar ding, en al helemaal als je hem moet testen terwijl je met zeventig kilometer per uur op je hoofd hangt. En dat je dan ineens een losse moer ontdekt. (Dat lijkt me toch het idee van testen, dat je loszittende elementen ontdekt.)

Maar ik bleek de enige met dit soort losse moergedachten, want er waren vijfhonderd mensen op Formule X afgekomen. Kinderen zelfs, die gewoon door hun ouders de achtbaan ingestuurd werden. Lekker testen. Toen ik bij Drievliet aankwamen, waren de meesten al tien keer achter elkaar geweest, en ze leefden allemaal nog steeds. Bij de uitgang van de achtbaan stond een soort Cliniclown die dat steeds controleerde. „Voor de hoeveelste keer was je erin?” vroeg hij dan aan een jongetje, dat rustig en met een normale teint uit de achtbaan kwam. „Elfde”, zei zo’n jongetje verveeld. „En heb je het overleefd?” vroeg de Cliniclown. „Ja”, zei het jongetje dan. Er klonk ook helemaal geen gegil uit de supermoderne achtbaan, wat iets engs had.

Al met al leverde het niet echt het lentegevoel op dat ik zocht. Misschien ook wel omdat de Cliniclowns steeds aan mij vroegen of ik ook in Formule X wilde. En dan moest ik weer uitleggen dat ik dat niet durfde. Snel maar weer weg dus, uit Drievliet. Gelukkig spotte ik naast de uitgang ineens mijn Eerste Lammetje van 2007. En toen was het toch wel een beetje lente.

Lees alle columns van Aaf op www.nrc.nl/aaf