Voltaire schreef onze taal

Voltaire was van vele markten thuis. Hij dacht, dichtte, schreef en was spion en diplomaat. Aan die lijst van competenties kan nu nog een vaardigheid worden toegevoegd. Voltaire beheerste, tot op zekere hoogte, de Nederlands taal.

Dat blijkt uit een vondst van Kees van Strien in het archief van het Fries Historisch en Letterkundig Centrum Tresoar. Op de achterkant van een vel met een in het Nederlands vertaald gedicht van zijn hand, deelt de Franse filosoof een compliment uit aan de vertaler, Pieter Anthony de Huybert, Heer van Kruiningen. „Mijnheer, uwe vertaalling is better dan de anderen, maar ge hadt dar van de recht copy neet. Ik heb de eer van ze u te senden.” Waarna Voltaire enkele regels wijdt aan een politieke kwestie waarover hij eerder met Van Kruinigen schreef.

Voltaire (1694-1778) schreef het briefje in 1743, toen hij een half jaar in Nederland was om steun te verkrijgen voor zijn vaderland dat in de Oostenrijkse Successieoorlog verwikkeld was. Volgens Van Strien is dit het enige document waaruit blijkt hij onze taal machtig was. „Er zijn Franstalige brieven waarin hij schreef dat hij het Nederlands begreep, maar nu is daar voor het eerst bewijs voor.” Het Nederlands is niet vlekkeloos, maar Voltaire had „duidelijk een talenknobbel”, aldus Van Strien. Van Kruiningen had een lofdicht op de de Friese politicus en dichter Willem van Haren vertaald. Die was fel op de hand van keizerin Maria Theresia van Oostenrijk. Van Strien: „Met dit gedicht trachtte Voltaire hem gunstiger te stemmen ten opzichte van Frankrijk. Eigenlijk was hij gewoon aan het slijmen.”

Lees de brief van Voltaire op nrc.nl/kunst