Videokunstenaar Pijnappel zoekt zijn papa via opa

Tentoonstelling: Pablo Pijnappel, Caiçara, t/m 28 mei in De Hallen,Grote Markt 16, Haarlem. Open di-za, 11-17, zo 12-17u. Inl: 023-5115775, www.dehallen.com

Pablo Pijnappel is altijd op zoek, naar personen, naar familie, naar verhalen. Die zoektochten zijn documentair gefilmd, in combinatie met found footage. Pijnappel, kunstenaar met een Braziliaanse vader en Nederlandse moeder, is neergestreken in Nederland, waar hij de academie bezocht. Sinds zijn afstuderen aan de Rietveld in 2002 buigt Pijnappel (1979, Frankrijk) zich over de mensen in zijn directe omgeving: zijn stiefvader, grootvader, een familievriendin. Hij zet fragmenten naast elkaar zonder doorlopend verhaal. Dat vergt veel van de toeschouwer. Het gaat Pijnappel dan ook niet om een ondubbelzinnig beeld, maar om hoe verhalen en geschiedenissen tot stand komen, hoe onvolledige details vragen om aangevuld te worden.

Walderedo, zijn nieuwste film die in de Hallen in Haarlem wordt vertoond, draait om Pijnappels vader Walderedo Ismael de Oliveira junior. Vader heeft zijn jonge zoon achtergelaten om zelf de wereld in te trekken. Een ouderwets ratelende projector spuwt zwarte beelden met tekst op de muur: de ondertiteling van een interview met zijn opa Walderedo sr., psychoanalyticus en zelf depressief. Hij vertelt over zijn leven.

Dan volgen beelden de geluidsfragmenten op: een gebouw, stil, steenrood en verlaten: het oude ziekenhuis waar opa vroeger werkte? Pijnappel voert je mee, langs straatbeelden: uit Tokio, maar ook uit Brazilië. Melancholieke trekken van een man komen in beeld. Een getaand gezicht, grote bruine ogen. Deze man, met Japanse vrouw en twee zoontjes, is Pijnappels vader. Waarom is hij zo droevig? Is de hele familie in de ban van een depressie? Zijn Japanse vrouw legt uit, dat ze haar man niet altijd kan bereiken, dat hij het liefst bezig is in zijn atelier, tekent, schildert. Een shot van schilderijen in een opslag, allemaal ingepakt in bubbeltjesplastic, onderbreekt de beeldenstroom van een metro door de grote stad.

Pijnappel laat de werking van het medium film zien, juist door hiaten te laten vallen. Schokkerig en associatief ontstaat een verhaal. Zo maakt Pijnappel duidelijk hoe fragmentarisch het contact is tussen de drie generaties mannen, alsof niet alleen de depressies erfelijk zijn, maar ook het onvermogen een band te onderhouden. De beelden van Walderedo filmde Pijnappel zelf, terwijl het gevonden materiaal van opa is. Een straat, een huis, een man met een baby. Dat zal Walderedo jr. zijn, daar in de armen van senior. Dan wordt duidelijk hoe de breuk tot stand kwam: wegens ruzie om een te bouwen huis. Vervolgens vertrok junior naar Japan, zijn zoon achterlatend bij zijn vrouw in Parijs.

De expositie Caiçara is een onnavolgbare zoektocht, waarbij af en toe discrepanties de kop op steken: is de vertelstem van Pijnappel, die, zelf geboren in 1979 vertelt dat hij zijn vader niet kon bereiken, toen grootvader overleed? Maar die overleed toch al in 1977 stond ergens te lezen? Ze kunnen elkaar niet gekend hebben. Toch is Pijnappel vertrouwd met hem geraakt, door de geluidsfragmenten en de filmbeelden van opa. Pijnappel zelf blijft onzichtbaar, maar maakt je uiteindelijk toch deelgenoot van zijn verleden. Hij neemt daar te ruim de tijd voor. Het maakt Caiçara erg gezocht en geconstrueerd. En dat is jammer, want beelden en verhaal zijn boeiend genoeg.