Vernieuwing in onderwijs onderzocht

Er komt een parlementair onderzoek naar de basisvorming en de Tweede Fase in het voortgezet onderwijs. De fracties van CDA en ChristenUnie in de Tweede Kamer stemmen hier alsnog mee in.

De twee fracties gingen akkoord nadat gisteren was afgesproken dat het onderzoek zich zal beperken tot deze twee onderwijsvernieuwingen. De Kamer hoopt dat de conclusies bruikbaar zijn voor een vernieuwing die nog aan de gang is, het zogenoemde ‘nieuwe leren’, ook wel ‘competentiegericht onderwijs’ genoemd.

Over deze methode, waarbij leerlingen minder klassikaal les krijgen en meer zelfstandig moeten leren, komen veel klachten, onder meer van leerlingen. Een scholierenprotest was in januari de aanleiding voor Tweede Kamerlid Mariëtte Hamer (PvdA) om voor te stellen een parlementair onderzoek in te stellen naar onderwijsvernieuwingen van de laatste twintig jaar.

SP, PVV, GroenLinks en D66 toonden zich in principe voorstander, maar lieten hun steun wel afhangen van de formulering van de onderzoeksvraag. Het CDA en de ChristenUnie reageerden in eerste instantie afwijzend, volgens woordvoerders van de fractie vooral wegens het moment waarop de PvdA met het voorstel kwam. De formatie was toen nog in volle gang, en bij de onderhandelingen over een nieuw kabinet werd juist die week gepraat over onderwijs.

Hamer heeft gisteren haar onderzoeksvraag voorgelegd aan de vaste commissie voor Onderwijs in de Kamer, en vervolgens lieten de twee christelijke coalitiefracties weten dat zij nu wel kunnen instemmen met het onderzoek. „De onderzoeksvraag was eerst veel te breed geformuleerd, maar is nu bijgesteld”, zegt een woordvoerder van het CDA.

Staatssecretaris Marja van Bijsterveldt (Onderwijs, CDA) erkende gisteren, bij een ander debat in de Kamer, dat het nieuwe leren kan bijdragen aan de uitval van leerlingen, „als het niet goed wordt uitgevoerd”. Op vragen van de Partij voor de Vrijheid antwoordde zij: „Leerlingen die niet vastgehouden worden en met wie geen contact is, lopen gevaar. Wij moeten tot een goed evenwicht komen tussen kennen en kunnen.” Maar „ouderwets klassikaal lesgeven” kan volgens haar óók „voor heel veel jongeren tot verveling leiden. En dan zijn we ze ook kwijt.”