Knolamaniet gegeten? Voor tegengif moet u bij de buren zijn

De afgelopen herfst was een uitzonderlijk rijk paddenstoelenseizoen. Maar voor twee vrouwen en een man liep een middag plukken bij Zierikzee bijna dodelijk af: ze vergiftigden zichzelf met de groene knolamaniet. Het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) schreef dit weekeinde hoe de drie gered werden, dankzij een medicijn dat per ijlbode uit Duitsland kwam.

Wie wel eens een paddenstoelengids leest, kent de reputatie van de groene knolamaniet (Amanita phalloides). Bij de foto van de trotse wit-groene zwam staat steevast een doodshoofdje. Eén zwam bevat een hoeveelheid gif die dodelijk is voor een mens. Het gif blijft dagenlang circuleren in het lichaam en doodt lever- en niercellen. Na ongeveer een week biedt alleen een levertransplantatie nog redding. In Nederland gebeurt zo’n ongeluk vrijwel nooit – paddestoelen plukken geldt hier als een ongezonde gewoonte.

De drie vijftigers meldden zich in september kort na elkaar bij de eerste hulp in het Erasmus Medisch Centrum, Rotterdam, met buikpijn en diarree. Ze overleefden dankzij een combinatie van een hoge dosis penicilline, een antioxidant en het tegengif silibinine. Dat laatste is een distelextract. Duitse artsen gebruiken het, maar in Nederland is het niet te krijgen. Een koerier bracht snel één dosis uit een ziekenhuis in Bonn, waarmee de ziekste vrouw als eerste een infuus kreeg. De andere doses kwamen binnen een etmaal, ook uit Duitsland. De artsen concluderen dat silibinine, hoewel het vierduizend euro per patiënt kost, „ook hier beschikbaar moet zijn”.