Irak-kwestie blijft in schimmige sfeer

De Tweede Kamer debatteert morgen over een Irak-onderzoek. Daarvoor is geen meerderheid. Maar wat zouden belangrijke vragen zijn?

Wat zou er zijn gebeurd als premier Balkenende zich in 2005 had geschaard achter de woorden van zijn toenmalige minister van buitenlandse zaken Ben Bot? Die zei destijds dat de oorlog in Irak, achteraf oordelend „misschien niet verstandig” was. Langer doorzetten van diplomatie en verder onderzoek naar massavernietigingswapens was wellicht beter geweest.

Soortgelijke opmerkingen waren al in veel landen gemaakt. Zo raar was het dus niet geweest als ook Nederland, dat de Amerikaans-Britse inval in maart 2003 politiek steunde, zich daarachter had geschaard. Maar het tegendeel gebeurde. Bot moest ten overstaan van de Tweede Kamer een gang naar Canossa maken.

Stel dat het vorige kabinet Bots redenering had gevolgd. Grote kans dat dan alle recente politieke ophef en de roep om een onderzoek er helemaal niet waren gekomen. Hoe anders is het gelopen. Morgen zal tijdens een Kamerdebat over Irak opnieuw veel naar het verleden worden gekeken, de oppositie zal vergeefs vragen om een onderzoek, terwijl de coalitie zich heeft ingegraven in een njet . De PvdA zal andermaal hoon incasseren vanwege het ‘inleveren’ van dit punt bij de formatie.

Tijdens die onderhandelingen in Beetsterzwaag en Hollandsche Rading was er geen beweging te krijgen in het CDA-standpunt, zo vertellen betrokkenen. Irak was „een no-go” en premier Balkenende gedroeg zich op dit onderwerp „ijzerenheinig”.

En dus stuurde het kabinet gisteren een brief naar de Kamer waarin de oude argumentatie werd herhaald dat Den Haag de oorlog terecht politiek steunde, dat er nooit sprake is geweest van Nederlandse militaire activiteit rond de inval in Irak en dat het parlement altijd volledig werd geïnformeerd. Toch blijven er vragen, bijvoorbeeld de volgende:

Het kabinet houdt vol dat de oorlog werd gesteund omdat Irak VN-resoluties schond. Aan de Nederlandse steun zou „een sluitende juridische redenering” ten grondslag liggen. Maar ambtelijke adviezen onderschreven dat niet. Waarom legde de regering dat naast zich neer?

Het kabinet zou „een eigenstandige afweging” hebben gemaakt over het toenmalige dreigingsbeeld van de Iraakse massavernietigingswapens, gebaseerd op een inschatting van de eigen inlichtingendiensten AIVD en MIVD. Hoe luidde die inschatting?

Het kabinet heeft altijd gezegd dat er geen informatie was waardoor aan het bestaan van massavernietigingswapens kon worden getwijfeld. Maar na de oorlog stelde de MIVD in een geheime notitie dat zij „regelmatig tot andere conclusies gekomen is dan die de Amerikaanse en Britse politieke leiders presenteerden” en dat er verschillen van mening waren over de conclusies die aan de gegevens van de de Amerikaanse en Britse zusterdiensten verbonden konden worden. Hoe kan dat?

VN-wapeninspecteurs hebben achteraf verteld dat zij Nederland informeerden over hun bevindingen dat er waarschijnlijk geen massavernietigingswapens waren en dat van Irak geen directe dreiging uitging. Is dit waar?

De chef van de inspecteurs, Hans Blix, wilde doorgaan met inspecties. De Nederlandse regering noemde dat echter „geen begaanbare weg”. Op basis waarvan?

Maar misschien wel de belangrijkste vraag blijft: wat is er eigenlijk tegen een onderzoek? Waarom verstrekt het kabinet niet gewoon alle documenten om haar argumentatie kracht bij te zetten?

Gevolg is in ieder geval dat er een schimmige sfeer rond de Irak-kwestie blijft hangen. Verhalen over eventuele Nederlandse actieve militaire bijdragen, vermoedens over geheime diplomatieke bewegingen om toenmalig minister van buitenlandse zaken De Hoop Scheffer op de post van NAVO-chef te krijgen en andere geruchten blijven zo levend. Terwijl de meest voor de hand liggende conclusie vermoedelijk veel minder spectaculair is: Nederland koos, om redenen van realpolitik, voor de Amerikaans-Britse lijn en negeerde tegenargumenten. Dat er achteraf, zoals Ben Bot zich al eens liet ontvallen, wellicht betere opties waren geweest, is historie. Maar wel historie die voorlopig sub rosa dreigt te blijven.

Lees de eerdere reconstructie over steun aan de oorlog via www.nrc.nl/binnenland