Pistolen zijn niet toegestaan op de Balkanbruiloft

Overal in Europa spelen bands Balkan Beats, een mix van klezmer, Oost-Europese volksmuziek en hippe beats.

Deze week is er in Paradiso zo’n Balkan Beats-party.

Balkan Beat Box: waar hiphop, klezmer, ska en polka naadloos op de Balkan aansluiten. Foto Dirk-Jan Visser (Foto: Dirk-Jan Visser / Zwolle: 10-03-2007) Balkan Beat Box in Popcentrum Hedon te Zwolle. De muziek is een mengeling van de bruiloftsorkesten uit Oost-Europa met Bulgaarse koorelementen, hiphopritmes en dance grooves. Visser, Dirk-Jan

Balkan Beat Box noemen ze zich. Maar met de Balkan hebben ze bar weinig te maken. Ori Kaplan en Tamir Muskat zijn geboren in Israël en wonen in New York. Daar hebben ze hun groep aangevuld met muzikanten uit de hele wereld. En toch, in hun muziek, waar hiphop en klezmer, ska en polka naadloos in elkaar overlopen, hoor je de Balkan. Schallende zigeunertrompetten snellen langs, flarden van Bulgaarse koren waaien voorbij en in de verte klinkt een Servisch bruiloftsorkest.

Deze avond speelt Balkan Beat Box in popcentrum Doornroosje, Nijmegen. Het is hun laatste optreden in een Europese tournee die de band de afgelopen twee maanden naar Duitsland, Frankrijk, Nederland en Oostenrijk voerde. In januari nog deden ze Israël aan, in april zullen ze door Amerika toeren.

Balkan Beats is populair – en Balkan Beat Box is niet de enige band die op de golven van het succes mee surft. Het is een hype, zegt Robert Soko. De in Berlijn woonachtige Bosniër is een Balkan Beats-diskjockey van het eerste uur, samen met dj Shantel uit Frankfurt. Soko stelde bovendien de verzamelserie Balkan Beats samen. Vooral vanuit Oost-Europa en Berlijn heeft de Balkan-hype ook West-Europa veroverd.

Ook in Nijmegen speelt Balkan Beat Box voor een uitverkochte, opgewonden zaal. Het publiek, afkomstig uit de alternatieve scene, danst en drinkt. Het valt grofweg in twee delen uiteen. Mannen die vroeger van ska en punk hielden herkennen in Balkan Beats de ritmes en de chaos van weleer. Vrouwen vallen meer voor het multiculturele karakter van de muziek. Russendisco wordt de cross-over van traditionele feestmuziek en moderne beats ook wel genoemd. Of polkapunk. Of speedfanfare. Die laatste benaming geeft het tempo goed aan; rusten doet men zelden, of het moet tijdens een riedeltje reggae zijn.

Maar Balkan Beats is de bekendste benaming. Die term bekt lekker, al dekt ze dus niet altijd de herkomst van de muziek. Immers, de 350 kilometer lange bergketen die de naam Balkan draagt begint bij de Timok-rivier in Servië en eindigt in de Zwarte Zee bij Roemenië. Dj Robert Soko claimt de term Balkan Beats te hebben bedacht. Dat gebeurde in een café in Berlijn, waar hij naast Balkan Beats ook met de naam Balkan Beast op de proppen kwam. Uiteindelijk koos hij voor het vriendelijker klinkende ‘beats’ voor zijn verzamel-cd’s. Rijk is hij er niet mee geworden, lacht hij. „Ik heb alleen patent op het logo, niet op de naam.”

Ik spreek de diskjockey enkele uren voor zijn optreden in Minus One, in het Vlaamse Gent. De club, die onlangs werd geopend, bevindt zich in een kelder op een naargeestig bouwterrein, buiten het stadscentrum. Ook deze clubeigenaar heeft besloten mee te doen aan de Balkan-hype; elke maand wil hij een Balkan-avond organiseren. Dj Soko bijt het spits af, volgende maand is Boban Markovic aan de beurt.

Wie enkele jaren geleden voorspelde dat Joegoslavische volksmuziek de dansvloeren in West-Europa en Amerika zou veroveren, zou recht in het gezicht zijn uitgelachen – niet in de laatste plaats door de Joegoslaven zelf.

Een goede verklaring heeft Soko niet voor de razendsnelle groei van het genre. Het heeft te maken met de open en tolerante houding van de stad Berlijn, zegt hij, „het grootste platform voor culturele diversiteit in Europa”. Het heeft ook te maken met de komst van vele vluchtelingen naar de Duitse hoofdstad tijdens de oorlog in Bosnië. „Op het hoogtepunt van de crisis telde Berlijn 30.000 vluchtelingen”, aldus Soko.

Soko’s levensverhaal kent een even stormachtig verloop als dat van de Balkan Beats. In 1989 verliet hij, negentien jaar oud, zijn geboorteplaats Zenica in Bosnië. Dat was drie jaar voor de oorlog uitbrak. Hij belandde in Rotterdam, waar hij voor malafide Joegoslavische aannemers werkte. Toen hij verliefd werd op een Duitse vrouw, vertrok hij naar Berlijn, waar hij taxichauffeur werd.

Evenals vele andere vluchtelingen heeft Soko een gemengde afkomst: hij heeft een Kroatische vader, een Servische moeder en groeide op in centraal Bosnië, „tussen de moskeeën en de moslims”. Dat beïnvloedde volgens eigen zeggen zijn latere muziekkeuze. „Al die verschillende culturen zijn mij met de paplepel ingegoten.”

In Berlijn begon hij met een aantal lotgenoten Joegoslavische avonden te organiseren, „uit rebellie tegen die belachelijke oorlog die ons ongevraagd uit elkaar dreef”. Daarom hingen ze een groot portret van de Joegoslavische leider Tito aan de muur, vierden ze vergeten communistische feestdagen als de Dag van de Republiek, terwijl ze oude Joegoslavische volksliedjes draaiden, gemixt met punk, ska en hiphop.

De film Underground van de Bosnische regisseur Emir Kusturica is een grote inspiratiebron voor Soko – en niet alleen voor hem. De film, die in 1995 een Gouden Palm in Venetië won, werd een culthit. De filmmuziek, van Goran Bregovic, een uit Sarajevo gevluchte Bosniër, droeg aan die status bij. Soko: „We zagen dat de Duitse meisjes er graag op dansten.” Vanaf dat moment ging het bergopwaarts. Sinds drie jaar rijdt de diskjockey niet langer in de taxi, maar leeft hij van zijn optredens. En Goran Bregovic? Die reist tegenwoordig met zijn wedding & funeral-band de hele wereld over.

Hoewel Underground het verhaal van Joegoslavië vanaf de Tweede Wereldoorlog vertelt, blijven vooral de bruiloftsscènes je bij: vol kleurige, absurdistische en wrede taferelen. De getuige schaakt de bruid, het eten op tafel is niet dood, het bruidspaar danst met een koffer vol bankbiljetten in de hand en terwijl de priester op zich laat wachten, tettert het orkest onverdroten voort, staande op een levensgrote ronddraaiende suikertaart.

Zo gek zie je het zelden, maar misschien herinneren toeristen, die in de jaren zestig en zeventig massaal Joegoslavië bezochten, zich nog een Balkanbruiloft. Beschonken bruiloftsgasten stoppen bankbiljetten in de trompetten en trombones of plakken de briefjes met wat spuug op het voorhoofd van de muzikant. De avond eindigt steevast hetzelfde; met de bruid en de bruidegom op de tafel en met de spelende zigeuners aan hun voeten. Zo’n Balkanbruiloft heeft het Koninklijke Concertgebouw Orkest niet in gedachten. Het orkest hoopt op een feestelijke doch rustige avond. Het hoopt ook dat burgemeester Job Cohen van Amsterdam die avond enkele bruidsparen in de echt wil verbinden – pistolen zijn niet toegestaan.

Opmerkelijk is wel dat de hype van de Balkan Beats op de Balkan zelf, vooral in Bosnië en Servië, nauwelijks aanslaat. Daar luisteren de jongeren juist naar Westerse muziek: naar trance, drum ‘n base, hiphop. DJ Soko, die al vaker in Servië draaide, ondervond het aan den lijve; de dansvloer bleef leeg. „Deze muziek herinnert hen aan wie ze zijn en waar ze zijn: Serviërs in Servië. Ze zitten gevangen in een uitzichtloze situatie. Jonge Serviërs willen daar helemaal niet zijn, ze willen toetreden tot de EU, reizen naar de Verenigde Staten. Ze willen zich een van ons voelen.”

Contrabanda: Balkan Beats & Gypsy Grooves, vrijdag 6 april, Paradiso, Amsterdam. Met Amsterdam Klezmer Band, Boban Markovic Orkestar en dj Shantel.

Goran Bregovic wedding & funeral band, dinsdag 24 april, Concertgebouw, Amsterdam.