Met tevreden gevoel naar ‘Peking’

De Nederlandse coach Jacco Verhaeren rekende bij de WK zwemmen op vier medailles.

Het werden er vijf. Toch betreurt hij dat Nederland geen goud heeft gewonnen.

Aan de vooravond van de wereldkampioenschappen zwemmen langebaan (50 meter) in Melbourne had Jacco Verhaeren getekend voor vier medailles van zijn ploeg. Op de slotdag van het evenement kon de technisch directeur van de zwembond concluderen dat de oogst nog iets groter was tijdens een evenement dat werd gedomineerd door de unieke prestaties van de Amerikaan Michael Phelps en de affaire rond Ian Thorpe.

Hoewel de Nederlandse zwemploeg zonder goud naar Nederland terugkeert, verdreven de vijf medailles die werden gewonnen in het gelegenheidsbad van de Rod Laver Arena wel de nare droom van de vorige WK, in Montreal in 2005. Toen presteerde de ploeg, voor het eerst zonder de boegbeelden Inge de Bruijn (sabbatical) en Pieter van den Hoogenband (herstellend van een herniaoperatie), ver beneden peil. Alleen Marleen Veldhuis haalde een podiumplaats, zilver op de 50 meter vrije slag.

Verhaeren is teleurgesteld dat de ploeg nu zonder gouden medaille naar huis moet. Met name Marleen Veldhuis had gisteren de kans, op de 50 meter vrije slag. „Met een gouden plak voor Marleen hadden we een mooi toernooi met vijf medailles perfect kunnen afsluiten. Nu is het gevoel redelijk”, zei hij.

Maar volgens hem is de ploeg in vergelijking met de WK in Montreal „vele malen sterker” geworden. „Er zijn meer medailles gehaald, meer persoonlijke records gezwommen, meer beste seizoenstijden.”

De zwemster die destijds in Montreal de Nederlandse eer nog enigszins redde, Veldhuis, nam ook in Melbourne weer het voortouw voor de nationale zwemploeg. De 27-jarige zwemster liet zien dat haar overstap naar Eindhoven, in september vorig jaar, sneller dan verwacht resultaten oplevert. Op de openingsdag fungeerde de sprintster als motor van de estafetteploeg (4x100 meter) die brons veroverde, de eerste estafettemedaille op een WK sinds 1991.

Ook op haar beide individuele nummers haalde ze medailles. Verrassend was het zilver op de 100 vrij, vaak iets te lang voor haar, maar in Melbourne bleef ze zelfs de Duitse wereldrecordhoudster Britta Steffen voor, terwijl ze het nationale record van Inge de Bruijn verbeterde. Op de slotdag veroverde ze nog eens brons.

Ook Pieter van den Hoogenband kon met een tevreden gevoel terugkijken, al is de kans groot dat hij zijn carrière afsluit zonder wereldtitel. Op de 200 vrij was hij kansloos tegen Michael Phelps, zoals iedereen op alle nummers in Melbourne. Desondanks werd Van den Hoogenband, die bezig is aan een uitvoerig uitgedokterde rentree na zijn rugoperatie, tweede. Zijn beste kansen zullen volgend jaar in Peking op de 100 meter liggen, het nummer dat hij bij de vorige twee Spelen won. In Melbourne werd hij in een zinderende finalerace zesde, maar de onderlinge verschillen waren uiterst klein.

Ten slotte meldde Inge Dekker zich aan de wereldtop met een individuele bronzen medaille op de 50 meter vlinderslag – overigens geen olympisch nummer. Dekker, die onmiskenbaar veel snelheid heeft, rekende in Melbourne echter maar gedeeltelijk af met haar veelbesproken ‘finalesyndroom’; in de finale van de 100 meter vlinder waarin ze als vierde eindigde, werd de geboren Drentse andermaal gehinderd door haar zenuwen, waardoor ze een mindere race zwom dan in de halve finale.

Verhaeren hoopt dat een mentale begeleider de zwemster van haar zenuwen kan verlossen. „Je hebt tenslotte ook een voedingsassistent en fysiotherapeute in de begeleiding. Sommigen hebben ook iemand nodig om de hersenen te masseren”, zei de zwemcoach.

De twee sterkste zwemvrouwen kregen in Australië steun van twee jonge talenten, Femke Heemskerk (19) en Ranomi Kromowidjojo (16); zij vormden het middenstuk van de 4x100 meter-estafetteploeg, en zwommen beide persoonlijke records. Vooruitblikkend op ‘Peking’ noemt Verhaeren de estafetteploeg „zeer kansrijk”, mede doordat er „nog groei zit in Ranomi en Femke”.

De basis van de zwemploeg blijft onverminderd smal, zeker bij de mannen. Met Peking aan de horizon werd in Melbourne duidelijk dat Van den Hoogenband, Veldhuis en Dekker de kar zullen moeten trekken als het gaat om finales en medailles. Het drietal zwom in Melbourne de benodigde olympische limieten en is daarmee genomineerd voor de Olympische Spelen.

Verhaeren hoopt dat zijn ploeg in Peking weer sterker zal zijn. „Ook ten opzichte van de EK in Boedapest, zeven maanden geleden, zijn de zwemmers toch weer beter geworden.”

De zwemcoach hoopt daarnaast dat een aantal zwemmers ondertussen aansluiting vindt bij de relatief kleine selectie van nu. Zwemmers als Nick Driebergen en Moniek Nijhuis werken nu hun eigen trainingskampen af in Europa. Verhaeren noemt dat een belangrijke stap voorwaarts. „Ik vind dat een heel positieve ontwikkeling, omdat we dergelijke talenten in het verleden nog wel eens verloren lieten gaan.”