Trouwen met de zus van je weduwe

bent u een goed verstaander? een kleine tentoonstelling optimale communicatie. universiteitsmuseum groningen. t/m 13 mei.

Hoe stel je taal tentoon? In het universiteitsmuseum van Groningen is een kleine tentoonstelling ingericht over taalverwerking. Die vindt plaats in de hersenen en zodra de hersenen van de bezoeker de ruimte hebben betreden, kan de tentoonstelling beginnen. De bezoeker ervaart hoe taal hem of haar op het verkeerde been kan zetten. Bijvoorbeeld doordat verschillende vormen van informatie met elkaar conflicteren.

Een computerscherm toont vier woorden die allemaal een kleur betekenen, maar de letters hebben een kleur die niet overeenkomt met de betekenis. Het blijkt onmogelijk om zowel de woorden als de kleuren te onthouden.

En er zijn ‘verbale’ illusies, waarin de betekenis vervormd overkomt. Het zou zonde zijn om hier de verbale illusies uit de tentoonstelling te verklappen, daarom volgt een eigen voorbeeld. Vraag iemand om de volgende drie vragen achter elkaar te beantwoorden. ‘Kan een vrouw trouwen met het vriendje van haar dochter?’ ... ‘Kan een man trouwen met de moeder van zijn zus?’ ... ‘Kan een man trouwen met de zus van zijn weduwe?’ ... Tachtig procent van de mensen zal de laatste vraag met ja beantwoorden, terwijl het goede antwoord nee is.

Dergelijke zinnen, die veel mensen op het verkeerde been zetten, zijn interessant voor taalonderzoekers: wat misgaat vertelt vaak veel over hoe het systeem werkt. De tentoongestelde taalrariteiten zijn een bijproduct van het taalkundige onderzoeksprogramma ‘Conflicten in interpretatie’, dat op drie universiteiten liep. Ze laten bijvoorbeeld zien hoe de verwachting de interpretatie stuurt. Die verwachting stuurt je soms de verkeerde kant op en de hersenen zijn niet altijd slim genoeg om dat op tijd recht te zetten. Soms ook wel, bijvoorbeeld in deze intuinzinnen (zinnen waar je in kunt tuinen): ‘Ik sloeg de man meermalen met de wandelstok gade.’ Of: ‘De astronoom huwde een ster.’

Taal zit ook vol subtiliteiten waar je je niet bewust van bent. ‘Zij heeft zachtjes een kat geaaid’: is dat hetzelfde als ‘Zij heeft een kat zachtjes geaaid’. Nee, want ‘Kun je een koekje twee keer eten?’ is ook niet hetzelfde als ‘Kun je twee keer een koekje eten?’. Je kunt een koekje niet twee keer eten (of je zou er een heel ongewone context omheen moeten verzinnen), maar je kunt wel twee keer een koekje eten. Kinderen van vier kennen dit betekenisonderscheid nog niet, blijkt uit een experimentje met de kleuters Lize, Jaromir en Renske, dat op de tentoonstelling bekeken kan worden. Er komen knikkers en een glijbaan aan te pas, en de kleuters zijn enthousiast (‘Ik ben klaar!’).

Computers begrijpen voorlopig nog niet veel van taal. Er staat een computer die in een gegeven stukje tekst min of meer kan uitrekenen waar de woorden ‘hem, haar, hij’ of ‘zij’ naar terugverwijzen. De bezoeker wordt uitgenodigd om het die computer zo moeilijk mogelijk te maken.

Vervolgens worden de rollen omgedraaid en mag een computer proberen de bezoeker op het verkeerde been te zetten met allerlei taalspelletjes. En dat lukt.

Tot slot kan de bezoeker nog meedoen aan een taalkundig experiment met zinnetjes. Waar het over gaat, zal pas in de zomer worden onthuld, op een speciale website, met daarop ook de resultaten.

En net nu de bezoeker de smaak te pakken krijgt, staat hij alweer bij de deur, en dat is jammer. Het is maar een kleine tentoonstelling.

Op de trap naar de bovenverdieping, waar zich de vaste collectie van het museum bevindt, passeren we nog een mooie optische illusie. Op de bovenverdieping zelf komt de liefhebber van het anatomische papier-maché volop aan zijn trekken, onder andere dankzij een mooi-bizarre ‘spierman’ uit 1844.

Zoals de vaste collectie een soort rariteitenkabinet is, waar je je om kunt verwonderen, zonder dat er veel bij wordt uitgelegd, zo is ook de tentoonstelling ‘Bent u een goed verstaander?’ vooral bedoeld om de verwondering op te wekken en niet om verklaringen te geven. Want, inderdaad, wetenschap begint altijd met verwondering.