Met de grote haaien verdwijnt ook de kamschelpvisserij

De visserij op Sint Jacobsschelpen langs de Amerikaanse oostkust is ingestort door de enorme achteruitgang van diverse grote haaiensoorten in het noordwesten van de Atlantische Oceaan. Dat heeft een cascade-effect in de voedselketen teweeg gebracht: door het wegvallen van de toppredators zijn middelgrote haaien en roggen enorm in aantal toegenomen, waardoor vervolgens de schelpdieren zijn gedecimeerd. Dat schrijven Canadese en Amerikaanse onderzoekers onder leiding van visserijbioloog Ransom Myers na bestudering van visbestanden langs de oostkust van de Verenigde Staten (Science, 30 maart).

Populaties van grote haaien staan wereldwijd onder druk door toegenomen bejaging (met name door de Aziatische vraag naar haaienvinnen) en door bijvangst in visnetten en in de lijnenvisserij. In sommige gebieden zijn ze vrijwel verdwenen. Het team van Myers heeft nu het eerste bewijs gevonden dat het wegvallen van deze dieren, die aan de top staan van het voedselweb, tot verschuivingen dieper in het ecosysteem kan leiden.

Het team bestudeerde de visstand in het gebied tussen Cape Cod in Massachusetts en Cape Canaveral in Florida over een periode van 35 jaar, van 1970 tot 2005. Een van de belangrijkste datasets kwam van een jaarlijkse monitoring van de haaienstand voor de kust van North Caolina, die sinds 1972 wordt uitgevoerd. Dit kustgebied ligt midden in de trekroute van haaien en geeft daardoor een beeld van de haaienstand langs de hele oostkust.

De gegevens lieten zien dat de lokale achteruitgang van grote haaien dramatisch was. In de studieperiode slonken de populaties van de zandbankhaai (Carcharhinus plumbeus) met 87 procent, de zwartpunthaai (C. limbatus) met 93 procent, de tijgerhaai (Galeocerdo cuvier) met 97 procent, de geschulpte hamerhaai (Sphyrna lewini) met 98 procent en de stierhaai (C. leucas), de zwarte haai (C. obscurus) en de gladde hamerhaai (S. zygaena) zelfs met 99 procent.

Vooral de grootste exemplaren van deze soorten werden door de jaren heen zeldzaam, hetgeen wijst op overexploitatie. Tegelijk namen twaalf van de veertien soorten kleine haaien en roggen in aantal toe. Niet toevallig staan juist deze vissen op het menu van de grote haaien. De populatie van de Afrikaanse koeneusrog (Rhinoptera bonasus) vertienvoudigde zelfs sinds midden jaren zeventig. Dat is enorm als je bedenkt dat deze rog langzaam volwassen wordt en niet veel nageslacht krijgt. De enige aannemelijke verklaring voor deze toename is volgens de onderzoekers dan ook dat de natuurlijke sterfte door bejaging is weggevallen.

Afrikaanse koeneusroggen voeden zich voornamelijk met schelpdieren, waaronder ook de kamschelp (Argopecten irradians) die geldt als culinaire lekkernij en bekend staat als de Sint Jacobsschelp. In 2004 moest de traditionele Amerikaanse visserij op deze schelp worden stilgelegd omdat hordes koeneusroggen alles hadden opgegeten.

Het team van Myers schat dat de populatie in de Chesapeake Bay uit meer dan 40 miljoen roggen bestaat, die jaarlijks 840.000 ton schelpdiervlees verorberen. Vissers in Virginia en Maryland haalden in 2003 niet meer dan 300 ton op.

Volgens de onderzoekers treden dergelijke cascades op in ecosystemen op veel meer plaatsen ter wereld. Meer onderzoek daarnaar is dringend nodig.

Sander Voormolen