Homohatende christenfamilie

Joyce Roodnat over Louis Theroux’ documentaire over ‘Amerika’s meest gehate familie’, zondag bij de BBC

Louis Theroux flikt ’t ’m opnieuw. Hij werd beroemd met een documentaire tv-serie die Louis Theroux’s Weird Weekends heette, met films die verslag legden van de tijd die hij spendeerde met vreemde types die van dichtbij toch meestal weer knuffelbaar bleken te zijn, of ze nou neonazi’s waren, porno-acteurs of ufo-vrezende strijders voor ons aller redding. Hij ging door op dat pad, krabbelde in een volgende reeks reportages opnieuw aan extreme, vaak Amerikaanse subculturen die je net zo goed uitwassen kunt noemen.

Als zoon van een Engelse moeder en de Amerikaanse schrijver Paul Theroux beschikt Louis Theroux (1970) over een dubbele nationaliteit, maar het is de Britse die hij cultiveert. Hij vervolmaakte het personage dat hij voor zichzelf creëerde: de naïeve Engelsman met de klassieke bril, de onkreukbare manieren, de stiff upper lip en de licht verkouden stem met het onverwoestbare accent. Het Amerikaanse aspect zit ’m in zijn Woody Allen-achtige charme: welbewuste harkerigheid. Wel eerlijk, niet provocerend, dat is Theroux. Of nee, hij is uitermate provocerend, maar ongrijpbaar doordat hij zich zo bleu opstelt.

En het lukt hem allemaal opnieuw in de nieuwe film die hij voor de BBC maakte: Louis Theroux – The Most Hated Family In America. Ook nu nestelde hij zich een paar weken in het hart van een angstaanjagend gezelschap, een religieuze sekte, de Westboro Baptist Church in Kansas. Op een enkele uitzondering na bestaat deze geloofsgemeenschap uit de leden van één familie, enkele tientallen nazaten van dominee Phelps, aangevoerd door een van zijn dochters, advocate en zelf moeder van 11 kinderen.

Ze vrezen hun oudtestamentische god, en dat kan niet letterlijk genoeg genomen worden. Ze zien het als hun missie om te waarschuwen tegen het grootste kwaad dat de moderne westerse wereld in bezit heeft genomen en de grootste belediging voor god: de homoseksualiteit. De tolerantie voor dit kwaad bracht god ertoe om de wereld te treffen. God werd een „terrorist”, weten ze. Hij strafte de VS voor het toelaten van de homoseksuele liefde met de aanslagen van 11 september, met de oorlogen in Irak en Afghanistan. America is doomed and we are the evil angels en dat zal Amerika weten.

De meeste gehate familie van Amerika zijn ze? Daar zitten ze niet mee. Ze willen dat zijn – alleen zo weten ze zich bemind door hun ziedende god. De leden van de kerk staan met zijn allen pal om zijn wraak te duiden, bijvoorbeeld bij de ‘jodenkerk’ want: „Die mensen haten God en ze aanbidden het rectum.” Ook de begrafenissen van in Irak gesneuvelde soldaten zijn niet veilig: „Dank God voor onze dode soldaten!”, scanderen ze. De rouwende familieleden worden geconfronteerd met leuzen ten gunste van de oorlog (een godsbesluit en dus goed, inclusief de slachtoffers) en met protestborden als God Hates Fags, terwijl op de wijs van America the Beautiful wordt gezongen: ‘O wicked land of sodomites…’

Louis Theroux geeft het gesprek met hen niet op. Wel de discussie. Die heeft, beseft hij al snel, net zomin zin als de vraag hoe het kan dat deze mensen zo in de ban kunnen zijn van een patriarch die klaarblijkelijk een kwaadaardige gek is. De film cirkelt om de vraag hoe het mogelijk is dat mensen, die verder heus aardig zijn, zo verbeten diens seksuele preoccupaties konden overnemen; hoe het kan dat ze die met rente willen uitdragen; en vooral hoe ze ertoe komen om hun kinderen ermee te vergiftigen.

Bij die kinderen komt Theroux uit. Bij de 7- à 8-jarigen die de perverse scheldkanonnades van hun ouders overnemen. Bij het jongetje met het brilletje dat bij een picket line wordt bekogeld door een woedende automobilist. Bij de jonge meiden. Er zijn er veel, in deze familie. Leuke meiden, met zonnebrillen en lang haar en een gulle lach. Ze zitten op school, ze studeren, ze hebben een baantje. Ze staan alleen. Ze zijn voorbestemd om zonder partner door het leven te gaan, zijn wars van de smerige lust tot vleselijke gemeenschap waar hun ouders niet over ophouden. Waarom toch steeds dat woord ‘fornication’ gebruikt, vraagt Theroux aan een van de moeders. „Hoe zou jij het dan noemen?” „Nou…”, aarzelt Theroux, „…fun”. Hoon is zijn deel. Dat soort onzin houdt hij maar voor zijn eigen, gedoemde want ongetrouwd samenlevende, zelf.

Voor die derde generatie, voor de kleinkinderen van de enge blikken dominee, bloedt Theroux’ hart. Hij papt met ze aan. Hij mag hen, zij mogen hem, ook al voorzien ze giechelend de hel voor hem. Hij probeert met ze te praten. Over hun twijfels, die moeten ze toch hebben? Heel af en toe stokt een stem. Er is één minieme bekentenis, die direct wordt afgedekt. Verder geven de meiden geen krimp.

Aapjes kijken, dat is Louis Theroux – The Most Hated Family In America. De aapjes kijken terug. En de aapjes winnen.

Louis Theroux - The Most Hated Family In America. Zondag 1 april, BBC 2, 22-23uur, (Nederlandse tijd).