Deukjes en krassen niet toegestaan

Arcelor Mittal, de belangrijkste leverancier van staal voor de auto-industrie, hoopt met sterker en lichter staal zijn marktaandeel verder te vergroten en terrein terug te winnen van fabrikanten van kunststof onderdelen.

Ingespannen tuurt de operator naar zijn scherm. Vlak naast zijn werkplek rollen kilometers plaatstaal over een band die de dikte van het staal meet en controleert of er geen deukjes en krassen in zitten. Geeft de monitor van de operator aan dat er fouten in het staal zitten, dan wordt de hele rol afgekeurd. Het staal is dan niet meer bruikbaar voor de auto-industrie, maar wordt gedegradeerd tot grondstof voor verfblikken, wasmachines of andere industriële toepassingen.

Staalfabriek Sidmar in Gent, onderdeel van de nieuwe staalcombinatie Arcelor Mittal, is een belangrijke leverancier van autostaal. Hier wordt jaarlijks 2 miljoen ton staal gemaakt voor autoproducenten als Volkswagen en Renault-Nissan. Met een marktaandeel van 26 procent is Arcelor Mittal de grootste producent van autostaal ter wereld. In de Verenigde Staten heeft het grootste staalbedrijf ter wereld, dat vorig jaar ontstond door een overname van Arcelor door Mittal, eenentwintig productielijnen voor de auto-industrie, in Europa veertien.

Staal is wereldwijd nog steeds een groeimarkt, al vlakt die groei in West-Europa af. De komende drie jaar zal het verbruik in West-Europa met slechts 2,2, procent groeien, tegen 4,4 procent in Oost-Europa, zo vertelde topman Lakshmi Mittal van Arcelor Mittal eerder deze week op een bijeenkomst voor journalisten in Brussel. De vraag naar staal voor auto’s zal tot 2010 met slechts 1,5 procent groeien. Het opbouwen van een sterkere onderhandelingspositie tegenover de auto-industrie, die veel geconcentreerder is dan de staalsector, was een van de drijfveren achter het samengaan van Arcelor en Mittal.

De afnemende vraag in West-Europa is reden voor Arcelor Mittal om flink te investeren in innovatieve staalproducten als Ultra High Strength Steel, zeer sterk staal waarmee 40 procent kan worden bespaard op het gewicht van onder meer auto’s. Want hoe sterker het staal, hoe minder materiaal er nodig is om een auto stevig en dus veilig te maken.

Als de Eiffeltoren opnieuw zou worden gebouwd met dit lichte type staal, zo heeft Arcelor Mittal becijferd, zou er nog maar 1.000 in plaats van ruim 7.000 ton staal nodig zijn om het bouwwerk net zo stabiel te maken.

Die gewichtsbesparing past bij de trend in de auto-industrie om energiezuiniger auto’s te bouwen die toch ruim zijn. „Auto’s worden groter en veiliger en dus zwaarder”, zegt Bernard Fontana, directeur van de autosectie van Arcelor Mittal. „Als we geen lichter staal zouden ontwikkelen, zouden auto’s alleen maar zwaarder worden en dus meer brandstof verbruiken.”

Lichter staal is steeds beter in staat om schokken op te vangen en dus steeds veiliger, aldus Fontana. De gewichtsbesparing kan de komende tien jaar nog 30 procent groeien, schat de directeur, onder meer doordat plaatstaal voor de buitenkant van auto’s in de afgelopen tien jaar in dikte is teruggebracht van 1 naar 0,5 millimeter. Die gewichtsbesparing zal echter nagenoeg teniet worden gedaan door andere trends op autogebied. Fontana noemt het toenemend gebruik van airbags, boordcomputers en meer ruimte, allemaal zaken die een auto zwaarder maken.

Met lichter staal wil Arcelor Mittal proberen om een stukje van de automarkt terug te winnen die de afgelopen decennia is ingenomen door kunststoffabrikanten die steeds meer auto-onderdelen leveren. „Ons lichtgewicht staal is crashbestendiger, goedkoper, duurzamer en makkelijker recyclebaar dan polymeren”, luidt de stelling van Sven Vandeputte, directeur van het geheel uit staal opgetrokken researchcentrum van Arcelor Mittal in Gent. Volgens Vandeputte zijn „zes tot zeven” klanten die eerder waren overgestapt op kunststof en aluminium onderdelen (onder meer bumpers en velgen) weer teruggekeerd bij het staalconcern.

Lichter en sterker staal levert zowel de autoproducenten als Arcelor Mittal voordelen op. De auto-industrie loopt graag voorop met energiezuiniger auto’s en met producten die nóg ruimer en comfortabeler zijn.

En de staalindustrie kan voor meer geavanceerde producten meer geld vragen, schakelt met de productie van hoogwaardiger staal concurrenten uit en boort een nieuwe groeimarkt aan, ook in het vrijwel verzadigde West-Europa.