De Wilderiaanse problemen

Hoe bestrijd je Geert Wilders? De gevaarlijke Geert, het Hollandse monster, hoe pakken we dat aan? De oude garde van het goede Nederland is herrezen: meer uitkeringen, meer immigranten, meer gedoogbeleid, geen kritiek op migranten, geen kritiek op islam, en justitiële bestrijding van onwelgevallige politici. Deze wedergeboorte hebben we te danken aan één man: Geert Wilders.

De Wilderiaanse uitspraken over het verlangen om moslims te zien verdwijnen was het fluitsignaal voor de oude garde uit het multiculturele paradijs. Vroeger had dit gezelschap het parlement en de media als podium waartegen intellectuelen en journalisten nauwelijks bezwaar durfden te maken. Nu moeten ze samen met een jeugdige links-extremistische groepering een collegezaal als podium gebruiken. Het is erg zielig. Waar komen de aanhangers van Geert Wilders vandaan? Daarvoor moeten we kijken naar de feiten, de Integratiekaart van WODC en CBS over 2006:

Bijna één op de vijf inwoners van Nederland is allochtoon. Er zijn 1,7 miljoen niet-westerse allochtonen en 1,4 miljoen westerse allochtonen.

Op 1 januari 1996 bestond 7,6 procent van de bevolking uit niet-westerse allochtonen. Op 1 januari 2006 bedroeg dat 10,5 procent.

Van de niet-westerse allochtonen is 41 procent geboren in Nederland (de tweede generatie). Daarvan is 48 procent van Marokkaanse en 46 procent van Turkse afkomst.

Vanaf 2002 neemt de immigratie van de niet-westerse personen sterk af. Dit heeft te maken met immigratiebeperkende maatregelen die de overheid de afgelopen jaren heeft getroffen. Terwijl de autochtone bevolking in 2005 met nog geen 4.000 is gegroeid, nam de tweede generatie niet-westerse allochtonen met 25.000 personen toe.

De hoge vruchtbaarheid van niet-westerse allochtone vrouwen beïnvloedt „in opwaartse zin het Nederlandse geboortecijfer”.

De onderzoekers van CBS en WODC brengen de magere resultaten van Turkse en Marokkaanse kinderen op de basisschool terug tot taalachterstand.

Niet-westerse allochtone leerlingen gaan minder vaak naar havo of vwo dan autochtonen en westerse allochtone leerlingen. Dat geldt vooral voor Turkse en Marokkaanse leerlingen.

Met de instroom in het hoger onderwijs gaat het aanzienlijk beter. In 2004 behaalden 55 procent van de Marokkanen en 49 procent van de Turken en 52 procent van Surinaamse en Antilliaanse leerlingen een diploma.

Eén op de vier niet-westerse allochtonen van 15 tot 65 jaar ontving in september 2004 een uitkering. Dit is twee keer zo veel als autochtonen.

Waar werken de minderheden? In de horeca en zakelijke dienstverlening: meer dan de helft is werkzaam bij een uitzendbureau of schoonmaakbedrijf.

Trouwen Turken en Marokkanen met autochtone mensen? Deze vraag moeten we ook omgekeerd stellen: trouwen autochtonen met Turken en Marokkanen? Nauwelijks, dit geldt voor de eerste en de tweede generatie.

Criminaliteit: van alle verdachten in 2004 was 62 procent autochtoon. Als we dit per herkomstgroep bekijken, verschijnt een ander beeld: slechts 1,3 procent van de autochtone bevolking werd als verdachte gezien, tegenover 3,2 procent van allochtonen. De deelname van de westerse allochtonen (1,7 procent) is aanzienlijk kleiner dan die van niet-westerse allochtonen (4,4 procent). Het wordt nog dramatischer wanneer de onderzoekers met de demografische en sociaal-economische kenmerken tot de conclusie komen dat de oververtegenwoordiging het grootst is bij twaalf- tot achttienjarige Marokkanen van de tweede generatie.

Er zijn ook problemen die niet in het rapport worden besproken:

De toenemende islamisering en het onbehagen dat daarmee samenhangt.

De islamitische en multiculturele bedreiging van de mensenrechten zoals gelijkheid tussen man en vrouw, gelijkheid van homo’s en hetero’s en de vrijheid van meningsuiting.

De groeiende radicalisering bij jonge moslims: de terroristische dreiging.

De feiten spreken voor zich. De conclusie moet zijn: niet Wilders, maar deze problemen moeten worden bestreden. Maar de oude garde ziet de problemen niet. Nee, ze willen de problemen ook niet zien.

Mohamed Rabbae, oud-Kamerlid voor GroenLinks, is een van die mannen uit het multiculturele paradijs. Recentelijk zei hij in een anti-Wildersbijeenkomst: „Het OM was ten tijde van Janmaat veel actiever. Nu worden de uitspraken van Wilders niet meer grondig geanalyseerd.”

Rabbae hoopte ooit dat de moslims via de rechter het boek van Rushdie zouden kunnen verbieden. Deze linkse Mohamed maakte bezwaar tegen een Bin Ladenimitatie in het tv-programma Kopspijkers. Gelukkig waardeert tegenwoordig GroenLinks de vrijheid van meningsuiting.

Dat het OM onder druk van dit soort intolerante lieden het strafrecht had ingezet, is niet vatbaar voor herhaling. Rabbae heeft nooit in zijn politieke leven bezwaar gemaakt tegen de Wahbbistische activiteiten in de Nederlandse moskeeën.

Laat ik het markant zeggen: de afwezigheid van een serieus beleid ter bestrijding van de genoemde problemen heeft Nederland te danken aan de multiculturele industrie. Mohamed Rabbae en zijn geestverwanten criminaliseerden elke kritische analyse van de multiculturele samenleving. Hieruit sproten de 26 zetels voort, die Fortuyn postuum heeft kunnen veroveren.

Het OM zou slechts moeten worden ingezet ter bescherming van onze rechtsorde en niet ter verdoezeling van multiculturele problemen. Met de arrestatie en verbanning van Geert Wilders zullen de problemen niet verdwijnen. Rabbae en de zijnen moeten met analyse en oplossingen komen voor het multiculturele drama. Zijn dan hun oplossingen in de ogen van de burgers overtuigend, dan zullen de zetels van Geert Wilders naar GroenLinks gaan. Zo werkt de democratie.

P.S. Wilders heeft mij ge-sms’t: „Ik heb helemaal geen bad. Groet.” Moeilijk verifieerbaar. Maar het lezen van Donald Duck ontkent hij niet.