‘Bouwen aan het Marokko waarvan ik droom’

Hoe kijkt u terug op het debat waarin Wilders en de VVD u belangenverstrengeling verweten?

Ik krijg veel steunbetuigingen. Het debat heeft iets losgemaakt. Mensen vinden dat je best taboes mag doorbreken, maar dat dit te ver ging. Er moet over belangrijke onderwerpen, zoals de dubbele nationaliteit, zeker gesproken kunnen worden. Maar zonder mensen te vernederen. Belangrijk is hoe de traditionele partijen zich in de toekomst opstellen. Gaan zij uit opportunisme en angst voor de kiezers mee met Wilders, zoals de VVD? Of gaan ze het debat aan om de opmars van Wilders te stoppen?

Voelde u zich voldoende gesteund door uw partij, de PvdA?

Enkelen hebben me gesteund. Ik had liever gehad dat de PvdA vanaf het begin volledig achter me had gestaan. De PvdA kent mij en weet wat ik doe. Mijn integriteit werd in twijfel getrokken. De PvdA voelde zich gedwongen om een onderzoek naar mijn activiteiten aan te kondigen.

Wat behelsde dat onderzoek?

Ik heb zelf officieel gemeld waar ik mee bezig was. Dan is het gebruikelijk dat de partij kijkt naar mogelijke belangenverstrengeling. Als de werkgroep waarin ik zit zich bijvoorbeeld tegenstander zou betuigen van integratie, dan heb je als Kamerlid een probleem. Ik heb de PvdA gezegd dat de werkgroep juist heel erg voor integratie is. PvdA-Kamerlid Dijsselbloem heeft de website bekeken waarop onze activiteiten staan en er zouden Arabische teksten in het Nederlands worden vertaald. De partij vroeg mij dat te doen, maar dat wilde ik niet omdat ik zelf onderwerp van het onderzoek was.

Wat is uw reactie op kritische geluiden uit de Marokkaanse migrantengemeenschap in Nederland over uw advieswerk?

Het is heel belangrijk te weten wie kritiek heeft. Er is veel nijd en jaloezie. Er zijn mensen die helemaal geen belang hebben bij het werk dat wij doen. De handlangers van de vorige koning in het buitenland – de amicales – zijn zwaar gefrustreerd. De critici die nu van zich laten horen vinden dat zij zelf voor de werkgroep hadden moeten worden gevraagd. Er zijn ook mensen die bang zijn dat ons advies in de prullenbak belandt. Mijn indruk is dat de grote meerderheid van de Marokkaanse migranten mijn werk juist toejuicht.

De Marokkaanse koning zegt dat hij met de Hoge Raad voor migranten ook wil bereiken dat deze ‘authentiek Marokkaans’ blijven. Dat voedt de vrees dat hij macht over hen wil uitoefenen.

Ik ben daar niet zo bang voor. De nog op te richten Hoge Raad waarover wij adviseren, moet de problemen van Marokkanen in het buitenland aanpakken. Deze zaak is in handen gelegd van de Adviesraad voor de Mensenrechten. Dat geeft aan dat migratie wordt verbonden met mensenrechten. Het is niet in handen van het Marokkaanse ministerie van Binnenlandse of Buitenlandse zaken, laat staan van het ministerie van Veiligheid. Anders had ik er geen vertrouwen in gehad. De Adviesraad bouwt nu aan het nieuwe Marokko waarvan ik droom. De koning heeft een belangrijke rol, maar je kan niet zeggen dat wij een verlengstuk van hem zijn. Dat doet geen recht aan de strijd die Marokkanen hebben gevoerd. Critici willen die strijd niet zien. Een aantal mensen houdt vast aan het beeld dat Marokko niet aan het veranderen is. Maar vroeger, als ik in Marokko in een café zat, durfde ik niet eens te praten met vrienden, bang als ik was dat de ober van de geheime dienst zou zijn. Zo was het nog aan het eind van de jaren tachtig. Nu praat zelfs de taxichauffeur over corruptie en maakt grapjes over de koning. Dat is niet niks. Maar natuurlijk is het nog lang niet zoals het moet zijn. Dit is een land met actieve fundamentalisten, iedereen moet proberen te voorkomen dat zij aan de macht komen. Dat is voor mij de drijfveer om het moderniseringsproces te steunen. Ik droom van een land waar mensen- en vrouwenrechten worden gerespecteerd, waar kinderen niet worden geïndoctrineerd. Dat zou Wilders toch ook moeten zien.

Een Belgische parlementariër weigerde deel te nemen aan de werkgroep. Een ander heeft zijn werk opgeschort.

Ze hadden gezien welke ellende ik in Nederland meemaakte. Ik denk dat angst voor extreemrechts een rol speelt. Ik zie het als een knieval. Fatiha Saidi, die deelname geweigerd heeft, is bang dat haar positie wordt geschaad. Het zou mijn keuze niet zijn. Die Belgische parlementariërs hebben ook een andere geschiedenis dan ik. Als je de periode van onderdrukking, van intimidatie en gevangenissen niet persoonlijk hebt meegemaakt, is het heel moeilijk om je staande te houden. Ze kennen Marokko van vakantie en hebben geen verleden als activist.

Veroorzaakt het hebben van een dubbele nationaliteit problemen?

Ik zie niet zo gauw een spanning ontstaan door het bezit van de Nederlandse en de Marokkaanse nationaliteit. Voor Turkse migranten in Nederland is dat veel moeilijker. De nationalistische identiteit is in Marokko niet zo door de staat opgelegd als in Turkije. De Armeense kwestie was voor Nebahat Albayrak (nu staatssecretaris van Justitie (PvdA) – red.) een probleem. Een Turks staatsburger riskeert gevangenisstraf als hij de genocide erkent. Marokko legt zijn expats ook niet de dienstplicht op. Laten we onderzoeken waar precies de spanningen liggen, los van personen. Nederland moet daar vervolgens met het betreffende land over praten.

Identiteit en loyaliteit zijn niet aan een papiertje gebonden. Je kunt alleen de Nederlandse nationaliteit hebben en niet loyaal zijn. Je moet mensen niet vragen zichzelf weg te cijferen. Je kunt niet verlangen dat mensen geen enkele band hebben met hun land van herkomst.