Rouvoet is onze man

Bij het begin van de Maand van de Filosofie roept Maarten Meester in zijn preek André Rouvoet op de leiding te nemen van de Tweede Reformatie. Zijn broer Frank nodigt uit tot samenzang.

Beste leden van de Verlichtingskerk, het doet me pijn zoals ik u hier voor me zie zitten, met afhangende schouders en uitgebluste ogen. Ik weet dat velen van u Kants werk al jaren niet meer hebben aangeraakt, laat staan gelezen. Ik weet ook dat u onder elkaar Gerard Reve parafraseert: „Immanuel Kant, die Verlichting van u, die bevrijding uit de onmondigheid die we aan onszelf te wijten hebben, weet u wel, wordt dat nog wat?”

En nu lijken zelfs de organisatoren van de Maand van de Filosofie ons verlaten te hebben. Want waarom zouden ze anders als thema ‘Het Redelijke Beest’ gekozen hebben? Vertellen ze ons daarmee niet fijntjes dit: interessant, dat Kant heeft geprobeerd ons te verlossen van geloof en traditie. Charmant, dat hij ons opdroeg voortaan zelf kritisch na te denken. Helaas hebben de twee eeuwen na zijn dood in 1804 bewezen dat wij mensen niet meer zijn dan redelijke beesten. Dus snel terug in de hokken van onze traditie, met de geestelijkheid als opziener.

Kunnen wij het de organisatoren kwalijk nemen? vraagt u mij. Zou zelfs onze grote voorganger de moed niet hebben opgegeven? „Wie zou het over zijn hart verkrijgen Kant een overzicht te geven van de geschiedenis sinds 1795, het jaar waarin de filosoof zijn geschrift Zum ewigen Frieden uitgaf”, schreef de Duitse filosoof Peter Sloterdijk toch al in 1981? Wie zou Kant dan een kwart eeuw later durven vertellen over fatwa’s en aanslagen door religieuze fanatici? Over een Amerikaanse president die een ander land binnenvalt onder het mom ‘a mission from god’ te vervullen?

Mogelijk zoekt u uw voorbeelden dichter bij huis – want Verlichting begint met zelfkritiek. Wie zou Kant durven vertellen dat anno 2007 Nederlandse ambtenaren met een beroep op hun religieuze overtuiging mogen discrimineren naar seksuele voorkeur? vraagt u. Wie zou het over zijn hart verkrijgen hem te zeggen dat de katholieke kerk invloed uitoefent op de benoeming van Nederlandse universitaire docenten? Wie zou de moed opbrengen Kant te melden dat de fractievoorzitter van het CDA is aangesteld op grond van zijn geloofsovertuiging?

En zo was u nog lang doorgegaan, als ik u niet had afgekapt. Ik zeg u namelijk dit: wanhoop niet. De Tweede Reformatie, die religie definitief zal verbannen uit het publieke domein, is nabij. Zij voltrekt zich onder onze ogen, hier in ons eigen Nederland. Zie hoe de parallellen zich opdringen tussen onze tijd en die van de eerste Reformatie! Anders dan velen gevreesd hadden, was de aarde niet vergaan in het jaar 1500 – zoals ook de millenniumbug in 2000 uit is gebleven – maar een gevoel van onbehagen bleef in die dagen alom tegenwoordig, net als nu. Zo had de ontdekking van nieuwe werelden niet alleen rijkdom gebracht, maar ook onzekerheid – cultuurrelativisme, met een postmodern woord. Precies zo voelen velen van ons zich tegenwoordig vreemdeling in eigen land, alleen zijn de nieuwe werelden nu zelf naar ons toe zijn gekomen, in de vorm van immigranten.

Het onbehagen ten tijde van de Reformatie kwam ook voort uit angst voor de islam. Inderdaad, net als nu. Laten we niet vergeten dat in 1529 de Turken voor de poorten van Wenen stonden, dat tussen 1530 en 1640 Noord-Afrikaanse piraten 1 miljoen Westerse christenen gevangen namen en als slaven verhandelden.

En zoals toen het gezag van de katholieke kerk tanende was, zo hebben wij Nederlanders nu de buik vol van de gevestigde religieuze instituties. Waar de Reformatie zich richtte tegen de corruptie en de aflaten, en de genadeleer aanscherpte, wordt nu het totale christelijke geloof algemeen betwijfeld.

In de zestiende eeuw hielp de boekdrukkunst Luthers ideeën snel te verspreiden, nu radicaliseren jongeren via internet, sms en mobiele telefoon. Toen had de Renaissance voor een kennisexplosie gezorgd, nu de gentechnologie. Staat u mij een laatste parallel toe? Maken de nieuwe Bijbelvertaling en de bewerkingen van de Blokkers en Nico ter Linden de schrift niet weer voor grote groepen toegankelijk, zoals toen de versies in de volkstaal? Het enige wat nog mist, is een Luther. Toch is ook voor die rol een geschikte kandidaat voorhanden.

Maar wat kijkt u kritisch!

Denkt u dat veel van die tekenen juist wijzen op een terugkeer van religie? U laat zich toch niet misleiden door de media? Kent u de harde data dan niet? In 2020 zal volgens Jos Becker van het Sociaal Cultureel Planbureau nog slechts 28 procent van de Nederlanders lid zijn van een kerkgenootschap of een religieuze groepering. Van hen zal 10 procent katholiek zijn en 8 procent islamiet. De terugloop gaat het hardst onder protestanten: zo zal in 2020 nog slechts 4 procent tot de Protestantse Kerk Nederland behoren. Zelfs de mensen die ervoor doorgeleerd hebben, geloven niet meer: een op de zes predikanten twijfelt aan het bestaan van god. In Zeeland is al een atheïstische dominee opgestaan, Klaas Hendrikse.

Maar u blijft kritisch kijken – en ik had ook niet anders van u verwacht. Is dat alles geen navelstaarderij? vraagt u misschien. Hier in Nederland mag religie dan op de terugtocht zijn, wereldwijd rukt zij juist op. Er zijn 6 miljard gelovigen tegen iets meer dan 1 miljard ongelovigen, en die gelovigen krijgen veel meer kinderen dan wij. Religie en demografie spannen dus samen. Mogelijk wijst u op mensen uit andere culturen, aanhangers van andere religies, die naar Nederland komen. U bent bang voor al het geweld dat de toename van het aantal gelovigen met zich mee gaat brengen, wereldwijd en in Nederland. U citeert de woorden van de trendwatchers Buwalda en Bakas dat politici zich erop moeten „voorbereiden dat de komende tien à vijftien jaar religieuze verschillen worden uitvergroot, dat er meer bewegingen komen die haat zaaien, en dat de scheiding tussen kerk en staat minder vanzelfsprekend zal zijn.”

U wijst mij erop dat de Nederlandse politici door vast te houden aan ons verzuilde stelsel eerder meewerken aan de nieuwe godsdienstoorlogen dan dat ze zich erop voorbereiden. Hoe moeten nieuwkomers begrijpen dat zij een Verlicht land binnentreden als de overheid religieus onderwijs en religieuze omroepen financiert en wettelijk verplicht is godslastering te bestraffen? vraagt u. Wie kan weten dat in Nederland de rede regeert, als politici dat niet uitdragen?

Misschien herinnert u mij aan het antwoord van premier Balkenende op de vraag van Indonesische studenten hoe het mogelijk was dat in Nederland twee mannen kunnen trouwen. En inderdaad: onze premier zei niet: „Luister eens, Nederland is een verlicht land, dus wij discrimineren niet naar seksuele voorkeur.” Nee, hij liet weten zelf tegen het homohuwelijk te hebben gestemd.

Mogelijk denkt u aan de aanbeveling van André Rouvoet op de achterflap van De volken geroepen van Pieter Bos. Een boek waarin de voorman van de organisatie Serving the Nations schrijft: „Wij zijn sterk vervreemd van Gods werkelijkheid en zijn manier van handelen, via verbonden. Maar God, de Gemeente, het huwelijk en Jezus’ komende koningschap zijn niet democratisch.” Goed, Rouvoet heeft zijn aanbeveling teruggenomen, zegt u, maar onder druk. Zagen wij niet eventjes een doorbraak van het irrationele? Hoe weten we dat er niet meer van deze momenten volgen?

En weer kap ik u af.

Want, zeg ik u, laten wij als Verlichters ervoor passen anderen te verketteren omdat zij in onze ogen niet Verlicht genoeg zijn. Weten we niet uit eigen ervaring hoe moeilijk het is zelf kritisch na te denken en ons niet te laten leiden door geloof en traditie? Hoe kunnen we dan anderen veroordelen wanneer zij daar niet direct in slagen? Laten wij liever kijken naar de Verlichte momenten die zij ongetwijfeld ook hebben. Neem de zorgen over het happy hour en de grotere inspanningen voor het milieu bij dit nieuwe kabinet – volkomen rationeel. Laten we die rationele stappen dan ook toejuichen en de christenpolitici in het kabinet vragen op de ingeslagen weg voort te gaan door hun verantwoording te nemen. Meer kunnen we niet doen: er is immers geen dwang in de Verlichting.

Vandaar mijn oproep aan André Rouvoet – want het is tijd de naam van de tweede Luther naar buiten te brengen – om de leiding van de Tweede Reformatie op zich te nemen. Laat u zich toch niet misleiden door zijn nette uiterlijk; door zijn scheiding, zijn bril en zijn tengere postuur. De man is een revolutionair! Hij staat immers in een lange traditie van onafhankelijke geesten die op beslissende momenten hebben ingezien dat ze hun verantwoordelijkheid moesten nemen en radicaal moesten breken met het bestaande.

Anders dan Balkenende, die uit dezelfde traditie stamt, is hij leider van een Gideonsbende. Balkenende daarentegen is misschien te veel kind van de Verzuiling om daarmee te kunnen breken.

Als ik naar Rouvoet kijk, zie ik het ene moment Paulus en het volgende Luther. Of beter: eerst Saulus, dan Paulus en dan Luther. Zoals Saulus toetrad tot de groep christenen die hij eerst had bestreden, zo zal Rouvoet de kant van de Verlichting kiezen. Zoals Saulus zijn naam veranderde in Paulus, zo zal Rouvoet zijn partij omdopen in Verlichtings Unie. Zoals Paulus afrekende met de joodse spijswetten en de besnijdenis, zo zal Rouvoet artikel 23 over de vrijheid van onderwijs uit de Grondwet verwijderen. En zoals Luther de kerk wist te hervormen, zo zal Rouvoet het Nederlandse stelsel ontdoen van de resten van de Verzuiling.

Vandaar mijn uitnodiging aan hem om tijdens de eerste dienst van de Verlichtingskerk in Maastricht publiekelijk kond te komen doen van zijn bekering tot de Verlichting.

We bidden nu Kants categorische imperatief, in de hoop dat de stem van de Rede ook André Rouvoet zal bereiken: „Handel zo dat de maxime van je handelen tot algemene wet verheven kan worden.

De Maand van de Filosofie opent op vrijdag 30 maart 2007 in boekhandel Donner in Rotterdam, waar Désanne van Brederode het essay presenteert dat zij voor de Maand heeft geschreven. Inl.: www.maandvandefilosofie.nl Voor de Verlichtingskerk zie: www.gebroedersmeester.nl. De Gebroeders zullen niet (laten) collecteren tijdens hun diensten. Om toch aan fondsen te komen, veilen zij tijdens de Nacht van de Filosofie op 31 maart filosofische boeken over beesten.