Frankrijk en de stembus

Frankrijk maakt zich op voor een machtswisseling. De 74-jarige president Jacques Chirac verlaat de politiek. Hij houdt het na twee termijnen voor gezien en doet niet mee aan de presidentsverkiezingen van zondag 22 april en zondag 6 mei. Als president was hij geen groot succes, maar misschien had Frankrijk wel niet meer te bieden dan deze machtspoliticus zonder ideeën.

Chirac laat na een lang politiek leven een land achter dat met zichzelf worstelt. Waar de jeugd pessimistischer is dan waar dan ook in Europa; dat op zoek is naar zijn identiteit en geplaagd wordt door sociale ongelijkheid en onvrede in de banlieues. Jonge relschoppers maken het de generatie politici na Chirac niet gemakkelijk. Zie het geweld deze week bij Gare du Nord en de politieke reacties daarop.

De eerste ronde van de verkiezingen op 22 april telt zeven linkse, drie rechtse en twee alternatieve kandidaten. In de peilingen gaat de rechtse kandidaat Nicolas Sarkozy voorop, gevolgd door de socialistische voorvrouw Ségolène Royal en de ‘alternatieve’ kandidaat van het midden, François Bayrou. Daarachter komt Chiracs generatiegenoot uit rechts-radicale hoek, Jean-Marie Le Pen (78). De overige kandidaten spelen een ondergeschikte rol.

De campagne wordt gedomineerd door een paar hoofdthema’s: nationale identiteit, veiligheid en geweld. Het (rechtse) Franse dagblad Le Figaro ruimde vandaag een groot deel van zijn voorpagina in voor deze verkiezingsonderwerpen. In een peiling vroeg de krant welke kandidaat het meest overtuigt als hij of zij over de nationale identiteit spreekt. Sarkozy wint met 30 procent, gevolgd door Le Pen (19 procent), Royal (15 procent) en Bayrou (8 procent). En als het aankomt op rellen zoals bij Gare du Nord, geloven de Fransen dat die het minste zullen voorkomen als Sarkozy president is. Hier is Royal hekkesluiter.

Hét verkiezingsthema op de achtergrond is voor grote delen van het electoraat de onvrede over de immigranten; de Noord-Afrikanen en de ‘Arabieren’ die „alles afpakken”, zoals een autochtone bewoonster van Montpellier onlangs zei in een reportage in NRC Handelsblad. Het thema is niet nieuw; Le Pens Front National is er in eerdere verkiezingen groot door geworden. Maar veel nadrukkelijker dan in voorgaande jaren dringen immigratie en de daarmee samenhangende problemen zich in de huidige race om het presidentschap op.

Frankrijk is na de on-inspirerende Chirac-jaren toe aan een president die het land kan ontdoen van zijn nationale depressie. Economisch gaat het niet slecht, hoewel de werkloosheid met een kleine tien procent te hoog blijft. Het zijn de maatschappelijke en economische ongelijkheid en het onvermogen van de politiek om hier een passend antwoord op te geven, die tot fricties leiden.

Frankrijk lijkt er ook niet van doordrongen dat globalisering een blijvend verschijnsel is. Alle kandidaten prediken economisch patriottisme. Maar de invloed van de Franse staat op het bedrijfsleven neemt af en buitenlandse investeerders krijgen steeds meer invloed. Politici zouden dat hardop moeten durven zeggen.

De nieuwe president van Frankrijk zit opgescheept met de erfenis van Chirac die heeft nagelaten de bevolking gelijke kansen, meer werk en hoop op een betere toekomst te bieden.