Een vies ventje

L’Homme est-il bon? luidde de vraag van twee weken geleden op deze plaats, of liever: hoe deze mogelijk onvertaalbare titel van een strip van Moebius te vertalen? En wel zo dat de filosofische kwestie (is de mens goed?) in één adem gezwaluwstaart kan worden met de culinaire wijze waarop de aliens in dit verhaal de vraag interpreteren (is mens lekker?). Wat tegelijkertijd de onbevredigende oplossing was van de in 1981 gepubliceerde vertaling.

Op het Vertalië-weblog kwamen tientallen alternatieven binnen. Veel reacties zochten het in een ander woord voor ‘lekker’ dat ook in morele zin opgevat kon worden. ‘Is mens te pruimen?’ zou bijvoorbeeld al een veel betere vertaling zijn en in het kielzog daarvan ook ‘Is mens te vreten?’, ‘Is de mens wel helemaal lekker?’, ‘Is de mens goed (te eten)?’ of ‘Is de mens zoet?’. Maar die hebben allemaal als nadeel dat de clou nog steeds te veel wordt weggeven.

Al iets filosofischer en raadselachtiger (en dus spannender) was: ‘Is de mens nog wel goed?’ Met als impliciet antwoord: nee, hij is bedorven, de mensheid is bedorven en verdorven, rot en lurp als een hart dat is begraven op een vuilnisbelt.

Probleem was alleen dat het oor van de verdwaalde ruimtereiziger dat geproefd wordt door de leider van de aliens kakelvers was, zo vers als vers kan zijn, en helemaal niet reeuws, rans, garstig of kamig: het werd er immers levend afgerukt, van levende lijve, zoals aliens, Fransen, Johannes van Dam en andere gourmands dat nu eenmaal horen te doen met delicatessen.

Ook een reden dat je er hier niet helemaal mee komt is dat je moet kiezen tussen ‘de mens’ (filosofisch, met lidwoord, in de zin van ‘de mensheid’) en ‘mens’ (het gerecht, in de zin van ‘gehakt’ of ‘andijviestamppot’). Daarom is het ook moeilijk om iets met op zichzelf grappige varianten van ‘ houden van’ te doen, in de trant van ‘Houdt u van mens?’ (Antwoord: geen idee, dat heb ik nog nooit gegeten.) Voor de diepgang en dubbelzinnigheid ben je dan gedwongen voor het meervoud te kiezen: ‘ Houdt u van mensen?’, wat misschien ook niet zo gek is.

Het ziet ernaar uit dat we niet alleen in filosofisch maar ook in vertaaltechnisch opzicht gedwongen zijn tot vrijheid. En daar vinden we ook suggesties als: ‘Heeft de mens smaak?’, ‘Een vies ventje’, ‘Een oordeel over de menselijke smaak’, ‘Een kwestie van smaak’. Daar zit toch nog altijd te weinig moraalfilosofie in, naar onze smaak.

Misschien zou je ervan kunnen maken ‘Proeve van Goed en Kwaad’, waar de dubbele bodem in het proeven zit, of ‘Is de mens gerecht?’ in de zin van eetbaar en rechtvaardig, wat weliswaar niet helemaal grammaticaal is maar wel lekker archaïsch. Of als je het echt simpel wil houden en niet een vraag stelt maar een apocalyptisch antwoord geeft, noem je het verhaal: ‘Het Laatste Oordeel’, maar dan moet je wel doorhebben dat er hier daadwerkelijk een laatste oortje versnoept wordt.

De Vertalianen sjokken flokflokkend verder en zingen vrolijk, tevreden over de embarras du choix die ze voor ons hebben achtergelaten: Zo gezond en lekker, goed, goed, goed!

Ga in discussie met Henkes en Bindervoet op hun weblog: www.nrc.nl/vertalie