Echt geld voor virtueel werk

Ook in Second Life zijn werknemers nodig. Dus ontstaan er uitzendbureaus.

Een serieuze arbeidsmarkt, of meer iets voor hobbyisten?

De nieuwste vestiging van uitzendbureau Randstad is ruim en licht. Medewerkers lopen rond om vragen van de ongeveer tien bezoekers te beantwoorden. Links staan manshoge borden met vacatures. Gezocht: fietsenmaker, journalist, beveiligingsbeambte. De potentiële werknemer moet aan één belangrijke voorwaarde voldoen: hij moet een avatar zijn, een driedimensionale computeranimatie.

Deze Randstadvestiging staat namelijk in Second Life, de populaire virtuele wereld van het Amerikaanse bedrijf Linden Lab. Net drie weken open, trekt de vestiging ruim 200 bezoekers per dag.

Het is ook in die virtuele wereld waar de banen moeten worden uitgevoerd. De werknemers – die ergens achter een computerscherm het poppetje laten bewegen en praten – worden uitbetaald in de lokale munt, de Linden Dollar (LD). Die is niet veel waard (1000 LD is ongeveer 4 euro) en kan alleen in de virtuele wereld worden uitgegeven. Aan kleding bijvoorbeeld, een helikopter, een duikpak.

„Dat noemen we Second Life-banen”, zegt Mark Feitsma, bij Randstad verantwoordelijk voor de virtuele vestiging. De fietsenmaker bijvoorbeeld zal in een virtuele fietsenwinkel fietsen verkopen, en de koper uitleggen hoe hij ermee kan manoeuvreren. De journalist schrijft voor een blad dat uitsluitend uitkomt in Second Life. Op de site www.virtuelebanen.nl zijn de vacatures te vinden, én hoeveel LD’s de banen opbrengen.

Daarnaast zijn er op de vestiging banen te vinden die wél euro’s opleveren, terwijl ze in de virtuele wereld worden uitgevoerd, de zogenoemde ‘echte’ Second Life-banen. Zoals vorige week, toen voor de opening van de virtuele versie van de Amsterdam Arena iemand nodig was voor in de bar, en twee mensen voor de beveiliging. „Je weet nooit of er voetbalfans op af komen die niet komen om gewoon te praten.” Tot slot adverteert Randstad in de virtuele vestiging ook voor gewone banen. „Het is een interessante doelgroep, die op bezoek komt. Jong en hoogopgeleid.”

Een ander voorbeeld van de ‘echte’ Second Life-banen is het personage ‘Amber’, dat de ABN Amro vertegenwoordigt. Op de vacature voor Amber in de virtuele Randstadvestiging reageerden bijna veertig avatars. De tien mensen die na een sollicitatie op het web overbleven, moesten achter hun personage vandaan komen. Randstad wilde de kandidaten toch in het echt zien om de keus te kunnen maken. Uit deze groep werd één van de twee benodigde werknemers geselecteerd. „De andere kwam via ons gewone kantorennetwerk”, zegt Ruud Polman, directeur Communicatie en Marketing van Randstad.

Hoeveel mensen op deze manier hun geld verdienen, weten Feitsma en Polman niet. Het gaat voorlopig nog om voorbeelden. Zo adverteert Randstad ook voor advocatenkantoor Faassen en partners. Dat wil een avatar die studenten informatie kan geven over carrièreperspectieven. „En er zijn twaalf Randstadmedewerkers die zorgen dat er in de virtuele vestiging tijdens openingsuren altijd twee avatars beschikbaar zijn voor vragen. Dat is natuurlijk ook een voorbeeld van zulke echte Second Life-banen.”

Er zijn geen cijfers, zegt Louise Jordan, maar de aantallen werknemers op Second Life zijn nog zeer bescheiden. Zij is creatief directeur van het Britse Rivers Run Red, een bedrijf dat al sinds 2003 gespecialiseerd is in virtuele werelden en projecten doet voor onder meer Adidas, Vodafone en Heineken. Ook is zij op dit moment bezig een avatar te bouwen voor (en lijkend op) Bill Clinton.

Jordan denkt wel dat de werkgelegenheid zal groeien. „De eerste fase was het bouwen van alle eilanden en gebouwen. Nu zie je dat steeds meer bedrijven willen dat er ook werknemers rondlopen om klanten te helpen.” Ze ziet het als een logische ontwikkeling in de uitbreiding van de communicatie. „Deze virtuele vestigingen doen eigenlijk hetzelfde als callcenters, of interactieve websites. En hebben dus vergelijkbare typen werknemers nodig.”

Ook Randstad merkt dat veel bedrijven geïnteresseerd zijn. Sinds de vestiging in de lucht is, wordt hij platgebeld, zegt Feitsma. Bedrijven die ook iets willen, maar niet weten waar ze moeten beginnen. Hij ziet kansen voor alle dienstverleners, die ook nu al veel contact hebben met hun klanten.

Voor een deel zal de werkgelegenheid een verschuiving inhouden van werk dat nu in callcentrums gedaan wordt, maar er komen ook nieuwe banen. Zoals voor mensen die de virtuele eilanden en avatars kunnen bouwen. „Die bouwvergaderingen vinden óók in Second Life plaats.”

Niet alleen de vraag naar zulke ‘eurobanen’ groeit, ook komt er steeds meer werk dat in Linden Dollars wordt uitbetaald. Zo zijn er sinds deze week vacatures voor een boer en treinconducteur voor op 0031, een nieuw Nederlands eiland dat de toegang tot de virtuele wereld eenvoudiger en duurzamer moet maken – vier op de vijf bezoekers aan Second Life haken na één keer af. Via een Nederlandse website komen verse avatars meteen terecht in een boerderij, waar ze uitleg krijgen. Ook zullen waarschijnlijk gastheren voor het eiland worden aangenomen.

Volgens Feitsma kan het gebruik van Second Life sterk toenemen als er een stemfunctie bij komt. „Binnen een maand of twee zullen avatars kunnen praten. Gewoon, rechtstreeks, en met de eigen stem van degene die achter de knoppen zit. Dan wordt het echt spannend hoe dit zich verder ontwikkelt.”

Kijk voor meer openstaande vacatures voor banen voor één dag of langer op www.virtuelebanen.nl