De mysterieuze foto’s van het lijk zijn verdwenen

De zaak-Eric O. krijgt toch nog een vervolg. Bewijsmateriaal zou zijn achtergehouden, getuigen zouden zijn geïntimideerd, zo blijkt uit nieuwe verklaringen. Eric O. is „verbijsterd”.

Het vonnis is onherroepelijk. Maar twee jaar nadat het gerechtshof in Arnhem de sergeant-majoor der mariniers vrijsprak van een dodelijk schietincident in Irak, krijgt de zaak Eric O. toch nog een vervolg.

Gisteren meldde een ándere sergeant-majoor zich bij de Koninklijke Marechaussee om aangifte te doen. John Hoekendijk werd tijdens het hoger beroep van de zaak O. al eens uitgebreid gehoord. Maar toen kwam niet aan de orde wat Hoekendijk nu wel heeft verteld: leidinggevenden binnen het Korps Mariniers zouden het bewijsmateriaal rond het schietincident hebben gemanipuleerd. Officieren zouden verklaringen hebben gedicteerd aan getuigen. Foto’s zouden zijn verdonkeremaand. En de dag voordat sergeant-majoor Hoekendijk moest getuigen bij het Hof in Arnhem, zou Eric O. hem met twee collega’s hebben bedreigd. O. zou Hoekema tegen een muur hebben gedrukt, en met een vinger in de borst hebben gepriemd. „Onvriendelijk”, zei Hoekendijk daar gisteren over in het televisieprogramma Nova.

De hoofdlijnen van de zaak Eric O. zijn bekend. De sergeant-majoor zou op 27 december 2003 in Irak ten onrechte hebben geschoten in de richting van een groep plunderaars. Daarbij kwam een Iraakse burger om. Aanvankelijk repte het OM van dood door schuld, of zelfs moord. Later legde het OM alleen overtreding van dienstvoorschriften ten laste. De rechtbank in Arnhem, en later ook het gerechtshof, oordeelden echter dat Eric O. geen blaam trof.

Nu zijn er nieuwe beschuldigingen, en niet alleen aan het adres van Eric O. In zijn verklaring rept Hoekendijk van verschillende pogingen van de leiding van het mariniersbataljon in Irak om verklaringen rond het schietincident te beïnvloeden. Zo zou een onderofficier na het schietincident foto’s hebben genomen van een lijk met schotwonden, dat was binnengebracht bij een Iraaks mortuarium. De foto’s zouden zijn ingeleverd bij de bataljonsleiding, maar die zou ze hebben achtergehouden.

Hoekendijk is niet de enige met dergelijke verhalen, zo benadrukt zijn advocaat John Peters. De advocaat heeft naar eigen zeggen contact met een aantal mariniers dat problemen heeft met de manier waarop ze door de militaire leiding onder druk zijn gezet. Een daarvan is oud-korporaal Remco Ripson, destijds de plaatsvervanger van Eric O. Tijdens zijn verhoor door de rechtbank in 2004 verklaarde hij onomwonden dat in zijn eerste verklaringen over het incident bij de marechaussee „alles gelogen” was. De situatie was niet zo bedreigend geweest als hij eerder had verklaard. Zo hadden de Iraakse plunderaars geen wapens of stenen in handen gehad.

Waarom Ripson zijn eerste verklaringen had aangedikt, werd destijds in de rechtbank niet duidelijk. Maar nu zegt de oud-korporaal dat hem is voorgezegd wat hij moest vertellen. „Na het incident zijn in totaal acht mariniers, waaronder Ripson, bijeengeroepen in een tent”, vertelt advocaat Peters. „Een officier heeft hen toen verteld wat ze moesten verklaren. Daarna moesten ze dat op papier zetten. Die verklaringen zijn ingenomen.” Volgens Peters hebben Ripson en zijn collega’s het optreden van de officier als „intimiderend” ervaren.

Eric O. heeft gisteren „onthutst” en „verbijsterd” gereageerd op de beschuldigingen, zo zegt zijn advocaat, Geert-Jan Knoops. Van bedreiging is geen sprake geweest, zegt hij. Hetzelfde geldt voor de mogelijke beïnvloeding van de getuigen door de leiding van het mariniersbataljon. „In eerste aanleiding is dat aan de orde geweest”, aldus Knoops. „Maar daar is concreet niets van gebleken.” Van het bestaan van foto’s heeft Knoops niet gehoord. Desondanks noemt de advocaat ze „irrelevant”. „In het dossier zit een uitgebreid autopsierapport van het lijk in het mortuarium in As-Samawah. Deskundigen hebben verklaard dat dat slachtoffer nooit door Eric O. kan zijn gemaakt.”

Voor de zaak zelf zal het niet meer uitmaken. De vrijspraak in hoger beroep is onherroepelijk, en kan niet worden herzien. Wel kan het OM besluiten nieuw onderzoek te starten, bijvoorbeeld naar bedreiging. Een woordvoerder van het parket in Arnhem kan daar nog niets over zeggen. „Er is gisteren een verklaring opgenomen door de marechaussee. Die zal worden verzonden naar het Openbaar Ministerie.”