Het f-woord klinkt in Brussel

De Europese Unie en fraude is een riskante combinatie. De woordvoerder van de Commissie was gisteren de hele dag bezig de schade over een mogelijke fraudezaak te beperken.

Zweet op het voorhoofd van Johannes Laitenberger, de belangrijkste woordvoerder van de Europese Commissie. Het ging gisteren op de dagelijkse persbriefing dan ook om Europa en fraude, en dat kan in Brussel een gevaarlijke combinatie zijn.

Een dag eerder was bekend geworden dat de politie invallen had gedaan op dertig plaatsen in Italië, Frankrijk, België en Luxemburg in verband met mogelijke malversaties bij de Commissie, het dagelijks bestuur van de Europese Unie. Er zouden smeergelden zijn betaald om contracten te krijgen voor vertegenwoordigingen van de Europese Commissie buiten de EU. Het zou onder meer gaan om de installatie van beveiligingssystemen in kantoren. Gistermorgen maakte een woordvoerder van de Belgische justitie bekend dat in verband met deze zaak drie mensen waren gearresteerd: een zakenman, een ex-medewerker van een europarlementariër en een ambtenaar van de Europese Commissie. Alle drie Italianen.

‘Europese Commissie doelwit van politie’, kopte de International Herald Tribune gisteren prominent op de voorpagina. De Belgische krant Le Soir opende er zelfs mee: ‘Fraude in het hart van Europa’. Verklaarbaar, want de Europese Unie heeft een geschiedenis als het om fraude gaat. Zo was er de Franse eurocommissaris Edith Cresson die haar eigen tandarts voor meer dan een ton als adviseur inhuurde, een affaire die 1999 leidde tot de val van de hele Commissie. En er was een kwestie rond Eurostat, het Europese bureau voor statistiek, die daarna aan het licht kwam. Eurostat bleek opdrachten te hebben gegeven aan bedrijfjes van oud-medewerkers en miljoenen euro’s zoek te hebben gemaakt.

Voldoende aanleiding kortom voor een communicatiecrisis. In zo’n geval wordt nog wel eens een adviseur ingehuurd die zegt: ga meteen met de billen bloot, geef de pers zo veel mogelijk informatie – of doe in ieder geval alsof. En verklaar dat je maatregelen hebt genomen om herhaling te voorkomen. Anders gaan journalisten dagenlang speculeren en herinnering ophalen aan die oude zaken.

Maar woordvoerder Laitenberger had gisteren een andere strategie in zijn hoofd toen hij de perszaal van de Europese Commissie betrad. Iedere dag rond twaalf uur verzamelen zich daar honderden journalisten om woordvoerders te bestoken met vragen. Gisteren was dat vooral één onderwerp: fraude bij de Europese Commissie.

Laitenberger las een verklaring voor van enkele minuten. Die luidde kort samengevat: geen commentaar. Hij zei alleen dat het onderzoek was begonnen na een klacht van de Europese Commissie. Details kon hij niet geven, in het belang van het onderzoek. Voor meer informatie verwees hij naar Olaf, het Europees bureau voor fraudebestrijding, dat bij het onderzoek betrokken is.

Was er dan misschien iemand van Olaf in de zaal aanwezig, vroeg een journalist. Het is namelijk niet ongebruikelijk dat de woordvoerders van de Commissie zich laten bijstaan door experts. Olaf heeft zelf geen grote perszaal, zoals de Commissie. En Olaf is niet berekend op honderden journalisten die per telefoon tegelijk dezelfde vragen willen stellen.

Nee, zei Laitenberger, er is vandaag niemand van Olaf. „Dat opereert onafhankelijk van de Commissie wat dit soort onderzoeken betreft.” Waarop iemand er aan herinnerde dat er onlangs wél vertegenwoordigers van McDonald’s en Coca-Cola aanwezig waren bij een persconferentie. „Ik hoop dat er even goed wordt omgegaan met hún onafhankelijkheid”, zei hij. Zo ging de discussie nog een tijd door, af en toe onderbroken door applaus of gejoel. Een deel van de zaal liep weg uit protest.

Na een geplande persconferentie over visserij kwam Laitenberger terug met enkele collega’s om alsnog enkele algemene vragen te beantwoorden. Inmiddels was uitgezocht dat de begroting voor de 132 vertegenwoordigingen van de Commissie buiten de EU 500 miljoen euro per jaar bedraagt. Daarvan gaat 20 miljoen euro naar beveiliging. Volgens Italiaanse media is er gefraudeerd bij de aanbesteding van contracten voor kantoren in Albanië en India.

Aan het einde van de dag verstuurde Olaf een verklaring waarin stond dat de schade van de mogelijke fraude nog niet te schatten is. Olaf begon het onderzoek, samen met justitie, na een klacht in 2004. Volgens de Belgische justitie hebben de feiten zich afgespeeld in een periode van tien jaar en gaat het om opdrachten met een waarde van tientallen miljoenen.