Tachtig jaar ellende, en het had allemaal niet gehoeven

Shorland, het debuutalbum van Moke, is vernoemd naar de Britse jeeps in Belfast.

Hun album komt toevallig uit op het moment van de politieke doorbraak.

„Ik heb het allemaal meegemaakt: kogels die langs de ramen floten, politie die onze deur intrapte en een machinegeweer tegen mijn hoofd zette, marcherende oranjemannen, een dode voor de deur.”

En nu, uitgerekend in de week dat Felix Maginn (36) met zijn nieuwe band Moke het debuut Shorland uitbrengt, gebeurt het. De katholieken en protestanten gaan samen een regering vormen in Noord-Ierland, het land dat hij in 1992 verliet. „Het is fantastisch. Samen zaten ze aan één tafel. Ze schudden elkaar nog niet de hand, maar dat gaan ze zeker nog doen. Dat dít mag gebeuren!”

Dat er wellicht een einde komt aan ruim „80 jaar ellende” is mooi, maar zoals zijn moeder zojuist aan de telefoon zei: „Het had allemaal niet gehoeven.” Want net nadat hij zich in Nederland had gevestigd, voltrok zich de grootste ramp: „Mijn broertje werd doodgeschoten door de politie. Hij was zestien. Mijn familie stortte in. Die tijd beleefde ik als één grote waas.”

En toch, dat Shorland (vernoemd naar de Britse jeeps in Belfast) uiteindelijk over zijn geboorteplaats ging, was geen opzet. Na het einde van zijn vorige band Supersub benaderde Maginn gitarist Phil Tilli (Tröckener Kecks) met het plan „een band te starten die meer had te bieden”. Supersub-drummer Rob Klerkx verhuisde mee, en na een paar kroeggesprekken met bassist Marcin Felis en toetsenist Eddy Steeneken was Moke (naar Mokum) compleet. „Ik had alles al geschreven. Toen we de plaat gingen samenstellen, koos iedereen voor de nummers die over Ierland gingen.”

Des te opvallender is het dat de pure Britpop op Shorland nergens gebukt gaat onder een loodzware boodschap. Sterker nog: het is zelfs maar de vraag of achteloze luisteraars „de wrange bijsmaak” zullen proeven, zegt gitarist Phil Tilli (34): „Het was voor ons ook een eyeopener om erachter te komen dat The Long Way gaat over de omweg die Felix moest maken om ’s avonds veilig thuis te kunnen komen.”

Maginn: „Als ik op straat werd aangehouden door een Britse agent en mijn naam en adres moest geven, deed ik dat in het Iers. Ik weigerde hun taal te spreken. Ook al betekende dat dat ik vervolgens drie kwartier in de regen stond, met gespreide handen en benen tegen een muur.”

Ook het „als vrolijke meezinger verpakte” Here comes the summer kan tot misverstanden leiden. Tilli: „Wij denken dan aan het lentezonnetje. Maar voor hem betekenen de eerste zonnestralen: straks komen die mannen weer met hun bolhoeden en fluitjes: de Oranjemarsen.” Ieren snappen dat wel meteen, weet Maginn. „Mijn broer hoorde het en zei: ‘Jezus Christ, you’re in big trouble now.”

„F***ing smashing tunes”, was het keurmerk dat de oude meester Paul Weller aan Mokes muziek gaf, lang voordat de plaat af was. Hij haalde de band naar Londen om in zijn voorprogramma te spelen. De vriendschap ontstond door een gemeenschappelijk studio- en cafébezoek. „Van jongs af aan is hij voor mij een supericoon”, zegt Tilli. „Als je die in je natuurlijke habitat ontmoet, kun je jezelf enorm gaan opdringen. Maar wij zijn bier gaan drinken. Dat kunnen we allebei zo goed, dat het wederzijds respect vanzelf ontstond.”

Dat het ook muzikaal klikte, komt doordat Moke „geen concessies wil doen”, zegt Maginn. „We wilden achteraf nergens spijt van krijgen. Dus hebben we opgenomen in een dure studio met een goede producer. En daarna wilden we het ook laten masteren, door iemand die dat ook voor David Bowie en Queen heeft gedaan.”

Maar aangezien er nog geen deal met een platenmaatschappij was, ging dat ten koste van spaargeld, overtollige gitaren „en nog veel meer”. „Sorry schat”, vat Maginn het samen, „weer geen vakantie dit jaar: we maken een plaat.” Tilli: „Weet je dat bruine bonen uit blik prima smaken?” Maginn: „Lekker hoor.” Tilli: „Op den duur belde ik hem: de Cup-a- Soup is in de aanbieding.”

Een wijze les van Weller luidde wel: bespaar nooit op je uiterlijk. Maginn: „Zeker in Engeland is je gitaar even belangrijk als je riem of schoenen. Toen ik in Londen de eerste vier rijen voor het podium zag, begreep ik dat. Eerst kijken ze je aan, dan zakt hun blik omlaag.”

Een ongestreken broek kwam de bassist zelfs op een standje te staan. Tilli: „Toen we zijn band in de kleedkamer zagen wisten we waarom: iedereen stond te strijken.” Maginn: „Sindsdien staat de strijkplank op onze rider.” Inclusief bout? Zonder te lachen: „Nee, want dan weet je nooit wat je krijgt. Dus die nemen we zelf mee.”

Moke speelt vrijdag op het FRET Alive! festival in 013, Tilburg en zaterdag op het festival London Calling in Paradiso, Amsterdam, om 19.00 uur. Shorland, het debuut van Moke, is verschenen bij PIAS.