Meneer Vig wil een klooster stichten

Wat doe je als je oud bent en een kasteel bezit? Dan maak je er een Russisch-orthodox klooster van. Dat is tenminste wat de oude Deen, meneer Vig uit de titel, wil in de documentaire van Pernille Rose Gronkjær. Hij is een sterk op kabouter Plop lijkende verschijning die door zijn lekke en onoverzichtelijke kasteel dart om het in gereedheid te brengen voor een proefbezoek van een gezant van de patriarch van de Russisch-orthodoxe kerk in Moskou.

In de tijd dat de Deense filmmaker Gronkjær nog alleen met hem is, dus voor de gezant komt, leren we Vig kennen als een eigenzinnige man die nooit anders dan alleen heeft geleefd. „Liefde? Daar weet ik niks van.” Maar onder die stekelige buitenkant is hij zacht en het kostte Gronkjær klaarblijkelijk weinig moeite om hem aan het praten te krijgen over de grote vragen van het leven.

Zelfs dit deel van de documentaire is de moeite al waard, zij het in het genre ‘de Heer heeft rare kostgangers’. Interessant wordt het pas echt met de komst van de gezant. Een klein maar kloek Russisch vrouwtje, dat het kasteel aan een onderzoek onderwerpt zoals een baboesjka fruit betast in een marktkraam. Ze blijven beleefd, zeker de non, maar de ergernis is voelbaar. Het lekke dak, de krakkemikkige vloeren en de leeftijd van de verwarmingsinstallatie zijn evenzoveel redenen om het kasteel niet kloosterwaardig te bevinden.

Toch vinden de twee elkaar uiteindelijk toch op de een of andere manier – als een cactus en een ballon – en dat kan de kijker niet onberoerd laten.