Liever trommelen dan voor tv hangen

Brede scholen, met opvang tot half zeven ’s avonds, kunnen een oplossing zijn voor problemen in de achterstandswijken. „Het klinkt wrang, maar ze zijn hier vaak beter af dan thuis.”

Zeven jochies van rond de tien jaar zitten rond de tafel boterhammen te smeren. Ze zijn van Libanese, Turkse en Tunesische afkomst. „Woensdag hebben we drummen en het tuinproject”, zegt de één. ,,Donderdag mogen we spellen lenen uit de speel-o-theek’’, zegt een ander. ,,Vrijdag hebben we keyboardles’’, vult de derde aan. ,,En in de zomervakantie gaan we naar het Dolfinarium’’, roept nummer vier.

Het is drie uur ’s middags, op de naschoolse opvang van basisschool de Snippeling in Deventer. De school is net uit, bij de opvang staat djembé trommelen op het programma. ,,Vorige week trommelden we zo hard, dat de klok van de muur viel’’, zegt één van de jongens glunderend.

De naschoolse opvang op de Snippeling is een experiment dat draait op subsidie vanuit Den Haag. Doel is te kijken hoe kinderen van half acht ’s ochtends tot half zeven ’s avonds verantwoord bezig zijn te houden. Met sport, met een tuinproject, met zangles, tekenen, toneel, het maken van een krant, schilderen en kleien: er is van alles te doen. Landelijk is er 100 miljoen euro beschikbaar voor dergelijke experimenten. Deventer kreeg 2,3 miljoen, de gemeente zorgt voor co-financiering.

De subsidie is een rechtstreeks gevolg van de motie Van Aartsen/Bos, die scholen verplicht vanaf augustus vóór en na schooltijd opvang te organiseren, als ouders van hun leerlingen dit wensen. Bedoeling is dat ouders van half acht ’s ochtends tot half zeven ’s avonds geen omkijken meer hebben naar hun kinderen, zodat ze met een gerust hart naar hun werk kunnen gaan, én dat de kinderen verantwoord worden beziggehouden.

Voormalig VVD-leider Jozias van Aartsen, die samen met Wouter Bos (PvdA) de motie indiende, vond dat het maar eens uit moest zijn met het ,,gesleep’’ van kinderen van school naar muziekles en van muziekles naar de sportclub. Een ander doel van de motie was het bevorderen van de arbeidsparticipatie van ouders, vooral moeders.

Hier in de Rivierenwijk in Deventer ligt dat net iets anders. Het is één van de wijken die afgelopen week door minister Vogelaar (Wonen, Wijken, Integratie, PvdA) is aangewezen als ‘probleemwijk’ . Er is veel werkloosheid. Op de Snippeling zitten veel kinderen van allochtone afkomst. „De ouders die hier vragen om naschoolse opvang, doen dat niet omdat ze dan makkelijker kunnen werken”, zegt Gea Jansen, „maar omdat ze graag willen dat hun kinderen iets leuks te doen hebben na schooltijd.” Jansen is coördinator van de stichting Brede School Deventer en een van de initiatiefnemers van het experiment. „Ouders hebben hier vaak geen geld voor sport, of weten niet hoe ze subsidie moeten aanvragen. Hier gaan de kinderen niet naar vioolles.”

De school en de opvang zijn onderdelen van de ‘brede school’ De Schipbeek die rond 2000 werd opgezet. Een brede school is een soort wijkcentrum waar onderwijs, opvang en vaak ook andere instellingen die gericht zijn op kinderen zoals consultatiebureaus en crèches, bij elkaar zijn gehuisvest (zie kader).

De brede school organiseert een vakantieschool, waar kinderen in de zomer dagelijks terecht kunnen. „Anders is het Nederlands bij de kinderen na zes weken vakantie weer helemaal weggezakt”, zegt locatiecoördinator Leentje Krebbers. Verder zijn er op de brede school leeslessen voor moeders van allochtone afkomst, worden ouders geholpen met het invullen van belastingformulieren en is er training over hoe om te gaan met geld. De school wil ook graag beginnen met een ontbijt ‘s ochtends vroeg, vóór schooltijd. „We zien nu heel vaak al vroeg kinderen op straat lopen”, zegt Gea Jansen.

De school en de opvang zitten in hetzelfde gebouw, dus ‘het gesleep met kinderen’ is minimaal. Om de overgang van school naar opvang verder te versoepelen, ontwikkelt het ROC Landstede een middelbare beroepsopleiding waar studenten worden geschoold voor een duobaan als klasse-assistent én begeleider naschoolse opvang. ,,Het is rustiger voor de kinderen, als ze op de naschoolse opvang dezelfde gezichten zien als in de klas”, zegt Carolien Kamphuis, die al een dergelijke duobaan vervult. ,,Vooral jonge kinderen vinden het prettig dat ze je al wat beter kennen.’’

Leentje Krebbers, die de opvang en de brede school coördineert, zegt dat brede scholen vaak ,,het enige antwoord zijn op achterstand en werkloosheid in achterstandswijken”. ,,Het klinkt wrang, maar kinderen zijn hier vaak beter af dan thuis. Natuurlijk kan je er als school voor kiezen de deuren na drie uur dicht te gooien. Maar dan weet je dat je de volgende dag de problemen weer net zo hard in de schoolbanken terug ziet. Dan kan je beter proberen een oplossing te vinden.’’

De subsidie van de gemeente en het Rijk loopt half 2008 af. Gea Jansen hoopt dat de activiteiten daarna gewoon door kunnen gaan. De ouders betalen momenteel vijftig eurocent per activiteit ,,om ervoor te zorgen dat de kinderen ook echt komen”, zegt Jansen. Maar daarvan kan de opvang niet bestaan. Er moet geld bij. Ze hoopt op geld van minister Vogelaar. ,,Als we hier niet zouden zijn, zouden we thuis voor de televisie chips zitten te eten”, constateert scholier Haydar terwijl hij op de opvang een boterham met pindakaas én Nutella smeert. ,,Het is hier veel leuker dan thuis”, zegt zijn overbuurman aan tafel. ,,Hier kunnen we chillen, computeren en komen onze vriendjes”, zegt Hassan.

Als de trommels beginnen te dreunen, zegt activiteitenbegeleider Klaas Lindemans: „Vroeger ging de laatste zoemer en dan vlogen de leerlingen naar buiten, naar huis. Dat is al heel lang niet meer zo. Soms hóren ze de zoemer niet eens. En als het vijf uur is, willen ze niet naar huis.”