Berbers moeten nu hun kansen grijpen

De teneur van het artikel `Berbers strijden voor erkenning van hun taal` (NRC Handelsblad, 10 maart) is dat de `arme` Berbers in Marokko zo moeten strijden voor hun positie en dat terwijl de verlichte vorst Mohammed VI beslissingen genomen heeft ten gunste van Berbertaal en cultuur: Berbers in het onderwijs, Berbermagazines en -kranten te koop op straat en binnenkort een eigen tv-zender.

Maar, zo voeren de veelal seculiere Berbers klagend aan, de moslimfundamentalisten dreigen door hun sterke, electorale, opkomst een tegenstander van formaat te worden.

Een verstandige Berber zou evenwel toch moeten inzien dat koning Mohammed VI enerzijds de Berbers een flink stuk van de politieke koek geeft en anderzijds de fundamentalisten in de kaart speelt door de laatsten toe te staan mee te doen met de later dit jaar te houden parlementsverkiezingen?

Zo kan hij, de politiek van verdeel-en-heers van zijn vader Hassan II indachtig, de fundamentalisten aan zijn borst koesteren en creëert hij tegelijkertijd voor hen een seculiere - Berberse - tegenstander waardoor beiden gedwongen worden zich druk met elkaar bezig te houden. Aldus blijft de koning en met hem het systeem buiten schot. De Berbers kunnen dit opportunistische spel maar beter meespelen en de ongekende kansen grijpen die er nu zijn en niet zo klagen.

Nu is het moment om te investeren in Berbers onderwijs, alle tegenwerking ten spijt, en Berbertaal- en muziek te laten horen via de media: aanwezigheid en draagvlak creëren. De geschiedenis van Marokko leert dat verworvenheden zo maar kunnen verdwijnen: de vorst wikt en beschikt.