‘Als de regering dat nou van ons wil’

Gisteren werd in Egypte gestemd over wijzigingen van de Grondwet. Volgens critici zijn die bedoeld om de Mubaraks aan de macht te houden. Vanochtend werd de uitslag bekend: de meerderheid is voor. Maar de meesten bleven thuis.

Hezim Mohamed Ali is burgemeester van Dar el-Salam, een drukke volkswijk in het zuiden van Kairo. Hij heeft zich geïnstalleerd in een luie stoel op de stoep tegenover een school die dienst doet als stemlokaal. De burgemeester drinkt zoete thee en neemt af en toe een trekje van zijn waterpijp. Hij wordt uitvoerig begroet door buurtbewoners die net hun stem hebben uitgebracht in het referendum over een reeks wijzigingen van de Grondwet. „Ze hebben vóór gestemd” , laat iemand de burgemeester weten.

Hezim Mohamed Ali had ook niet anders verwacht. „Waarom zou men niet voor stemmen? Als de regering dat nou van ons wil”, zegt hij kortaf. „De enigen die tegen zijn, zijn de Moslimbroeders en een paar actievoerders. De eersten zijn een groot gevaar voor de toekomst van Egypte en de anderen zijn agenten van de joden en de Amerikanen.”

Erg druk is het niet in het schoollokaal. Enkele ambtenaren van het ministerie van Justitie zitten verveeld sigaretten te roken. Af en toe komt iemand binnen om zijn stem uit te brengen. De meesten nemen niet de moeite achter het zwarte gordijntje te gaan staan. Onder toeziend oog van alle aanwezigen, trekken ze demonstratief een cirkel rond ‘Ja’. „Een betuiging van vaderlandsliefde”, zegt een van hen hardop.

Volgens niet-gouvernementele waarnemers kwam gisteren hooguit 5 procent van de stemgerechtigden opdagen. Maar minister van Informatie, Mahdou Marei, zei vanochtend op de staatstelevisie dat de opkomst 27 procent bedroeg. En, voegde hij er triomfantelijk aan toe: een overweldigende meerderheid van 75,9 procent stemde voor.

Volgens president Hosni Mubarak komen de in totaal 34 aangenomen grondwetswijzigingen neer op ‘democratische hervormingen’. Zo krijgt het parlement meer bevoegdheden en wordt de president verplicht om de minister-president in meer beleidszaken te betrekken.

Maar de oppositie heeft een heel ander oordeel. Ze spreekt over een ‘doodvonnis voor de Grondwet’. „Het referendum is een farce die beter niet gelegitimeerd kan worden door deelname van het volk”, zei Abdelwahab El-Messiri, leider van de seculiere beweging Kefaya (‘Genoeg’) van te voren. Alle oppositiebewegingen hadden daarom tot een boycot van het referendum opgeroepen.

Ook in het buitenland wordt de kritiek van de oppositie gedeeld. Amnesty International vindt de constitutionele hervormingen „de grootste ondermijning van de mensenrechten” in Egypte, sinds het instellen van de noodtoestand in 1981 na de moord op president Anwar Sadat. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Condoleezza Rice, sprak afgelopen zondag tijdens een bezoek aan Egypte ook haar bezorgdheid uit. „Ik heb mijn zorgen kenbaar gemaakt, evenals mijn hoop op voortgaande hervormingen in Egypte”, zei ze.

Vooral de nieuwe antiterreurwet heeft veel ophef veroorzaakt. Volgens de regering maakt de wet het mogelijk de noodtoestand op te heffen die sinds het aantreden van Mubarak van kracht is geweest. Critici zien echter geen verbetering in de specifieke bepalingen van de antiterreurwet en ze laken de vage omschrijving van het begrip terrorisme. De politie krijgt onder meer verreikende bevoegdheden om telefoonverkeer af te luisteren en terreurverdachten kunnen direct naar een militair tribunaal worden verwezen, waarbij er voor hen geen mogelijkheid is in hoger beroep te gaan.

„Met deze wetten is niemand zijn leven meer zeker. Ze kunnen me zonder enige reden oppakken en wegstoppen”, zegt Murad, een kleermaker in de oude volkswijk Shubra. Hij gaat niet stemmen. Niet zozeer omdat de oppositie een boycot had afgekondigd, maar omdat „de uitslag al voor het referendum bekend was”, zegt hij met een knipoog.

In zijn kleine winkel vol stalen stof heeft Murad de wetswijzigingen in de staatskrant Al Ahram er precies op nagelezen. „Het is allemaal bedoeld om de erfgenaam in het zadel te helpen”, zegt hij, doelend op de vaak gehoorde veronderstelling dat president Mubarak de weg vrijmaakt voor opvolging door zijn zoon Gamal.

Gamal Mubarak heeft herhaaldelijk verklaard geen ambities te hebben voor het presidentschap, maar als partijsecretaris en als hoofd van het beleidscomité bekleedt hij twee van de belangrijkste functies binnen de regeringspartij. Veel analisten zien hem daarom als de meest voor de handliggende presidentskandidaat wanneer zijn vader komt te overlijden.

De grondwetswijzigingen zouden een poging zijn om alle concurrentie bij voorbaat uit te schakelen. Het nieuwe verbod op partijen die hun programma baseren op religieuze beginselen, is direct gericht tegen de Moslimbroederschap, de enige oppositiebeweging die massale steun geniet. De organisatie is formeel al verboden, maar bij de verkiezingen eind 2005 wonnen Moslimbroeders, die zich als onafhankelijke kandidaten hadden genomineerd, 20 procent van de parlementszetels. Strengere eisen aan kandidaatstelling moeten dit in de toekomst voorkomen.

Ook voor seculiere politici wordt het welhaast onmogelijk om zich als onafhankelijke kandidaat te nomineren. Bovendien zullen voortaan niet langer onafhankelijke rechters toezicht houden op de stembusgang. Het waren juist rechters die eind 2005 verslag deden van ernstige fraude bij de parlementsverkiezingen.

In de aanloop tot het referendum werd elk protest tegen de grondwetswijzigingen ruw de kop ingedrukt. Zondag werd een twintigtal actievoerders in het centrum van Kairo opgewacht door duizenden agenten van de oproerpolitie en ingehuurde knokploegen. „Ze zijn echt al het gevoel voor proporties kwijt”, zei een omstander zondag. De demonstranten werden omsingeld en hardhandig een arrestatiebus ingewerkt.