AIR

Het Franse elektropopduo Air maakt aangename muziek. Zo lekker dat hun debuutalbum Moon Safari dé modewinkel-soundtrack van 1998 werd en ze een oorstrelende soundtrack mochten maken bij de verontrustende speelfilm The Virgin Suicides. Jean-Benoit Dunckel en Nicolas Godin hebben een experimentele inborst, zoals bleek uit hun iets linkser van het midden gesitueerde album 10.000 Hz Legend. Het experiment ontbreekt echter volledig op de nieuweling Pocket Symphony, waarop ze vrij krampachtig proberen het weldadige Moon Safari-gevoel terug te halen. Dat Dunckel en Godin goed zijn in het nadoen van vrouwenstemmen wisten we al van de hit Sexy boy, maar dit trucje wordt sleets nu ze het nog een keer of zes herhalen – songs als Photograph klinken zo zwoel dat ze in hun eigen narcisme lijken op te lossen. De afwisseling moet komen van gastbijdragen van Jarvis Cocker in het decadente One hell of a party en van Neil Hannon met een pastoraal meanderend Somewhere between waking and sleeping, toevallig dezelfde twee Britten die Air bijstonden op het veel betere album dat ze met Charlotte Gainsbourg maakten. Als gladde consumptiepop voor de spijkerbroekenwinkel is er niet veel mis met Pocket Symphony, maar vanavond, op het podium van Paradiso, mag Air meer pit vertonen.

Jan Vollaard

Air: Pocket Symphony (Virgin)