Echte hit of mediahype?

De naam is briljant.

Maar slechts 30.000 tot 50.000 Nederlanders hebben een ‘Second Life’-account.

Is het nou hit of hype?

Wie de belangstelling van de media voor Second Life volgt, krijgt de indruk dat deze virtuele wereld het hoogtepunt is van de digitale revolutie. In Second life kan een speler een tweede leven leiden.

De mogelijkheden van Second Life, eigendom van het Amerikaanse bedrijf Linden Lab, worden alom bejubeld. Steeds meer bedrijven openen er bijvoorbeeld een vestiging. Waarom is Second Life zo’n hype?

„Om de aantallen deelnemers kan het niet gaan”, zegt Marianne van den Boomen, docent en onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Van den Boomen doet onderzoek naar virtuele werelden bij het Instituut Media en Re/presentatie. „Bij weblogs en een netwerksite als Hyves gaat het wel om enorme aantallen bezoekers. Maar er zijn slechts 30.000 tot 50.000 Nederlanders die een account hebben bij Second Life, en die zijn zeker niet allemaal actief.”

Het enige wat echt anders is aan Second Life, zegt Van den Boomen, is dat je zelf op een gebruikersvriendelijke manier dingen kunt maken en die kunt verkopen. „Wat je schept is jouw eigendom en je kunt er geld mee verdienen. Dat is tamelijk uniek voor virtuele werelden.”

Ook David de Nood vindt „de enorme aandacht voor Second Life overdreven”. Hij is onderzoeker bij het EPN Platform voor de informatiesamenleving. De Nood deed samen met een collega onderzoek naar gebruikers van Second Life. „Zo’n hype is ook een risico. Als die is uitgewoed, volgt vaak een superkritische benadering. Dat kan een smet werpen op driedimensionale werelden”, waarschuwt hij.

De Nood begrijpt wel waarom er zo’n grote aantrekkingskracht uitgaat van Second Life. „Het is geschikt voor een groot publiek. De grafische kwaliteit is goed. Gamen en meedoen aan online-rollenspellen is tegenwoordig ook veel meer geaccepteerd. En de naam Second Life is natuurlijk briljant gekozen”, aldus De Nood.

Uit het onderzoek van De Nood blijkt overigens dat Second Life geen tweede leven is voor de meeste spelers, maar een aanvulling op hun echte bestaan. Voor slechts 6 procent van de 246 deelnemers aan het onderzoek is Second Life een vorm van escapisme. Zij voelen zich in de virtuele wereld gelukkiger dan in real life. De Nood: „De meeste avatars in Second Life lijken op hun eigenaren.”

Nederlandse bedrijven en instellingen haasten zich om een vestiging in Second Life te openen: ABN Amro, Philips, Randstad en de Vrije Universiteit. Wereldwijd zijn er 6.500 bedrijven actief op Second Life. Ook politici, bijvoorbeeld in Frankrijk, gebruiken Second Life tegenwoordig voor hun campagnes.

Gezien het kleine aantal Nederlanders dat actief is in Second Life kan de aanwezigheid in de 3D-wereld nooit lucratief zijn. Bij ABN Amro komen er per dag 80 mensen langs in de virtuele vestiging van de bank, meestal Nederlanders die voor het eerst Second Life bezoeken. „Het openen van een virtuele vestiging kan ook imagoschade aanrichten. Bij elke kritische noot in de pers over Second Life krijg ik meteen een stuk of tien mailtjes van verontruste collega’s”, zei Daan Josephus Jitta, directeur directe kanalen en innovatie van ABN Amro, op een Second Life Seminar, een bijeenkomst voor ondernemers en marketeers in Amsterdam.

De Haagse raadsfractie ChristenUnie-SGP vroeg zich enkele dagen gelezen af wat de zin is van de onlangs door wethouder Frits Huffnagel geopende ‘strandtent’ op Second Life. De christelijke fractie wil van Huffnagel weten of de 17.000 euro die de gemeente betaald heeft „een verantwoorde uitgave is van gemeenschapsgeld”.

Onder de bewoners van Second Life is regelmatig gemor te horen over de aanwezigheid van politici en bedrijven in ‘hun’ virtuele wereld. Italiaanse Second Lifers protesteerden onlangs tegen de plannen van de minister van Infrastructuur Antonio Di Pietro die zijn intrek wil nemen in de virtuele wereld. Ze vinden de Italiaanse politiek in het echte leven al surrealistisch genoeg.

Second Life gaat veel lijken op de echte wereld. Door de grote belangstelling van ondernemingen voor Second Life als marketinginstrument zijn de grondprijzen gestegen. Eind vorig jaar protesteerden bewoners toen eigenaar Linden Lab besloot de prijs van een virtueel eiland met 34 procent te verhogen.

Toch is Second Life geen digitale goudmijn, zoals deze opstandelingen denken. Daarvoor is het aantal echte bewoners te klein. Het is ook geen opmerkelijke vorm van vrijetijdsbesteding. Virtuele werelden bestaan al meer dan vijftien jaar. De vragen die ze oproepen, zijn nog niet veranderd. Is dit wel goed voor mensen? Is het geen escapisme? Volgens onderzoeken is het schadelijke effect op het echte leven nihil. Maar Second Life is ook geen hype. Dat bewijst de aanhoudende belangstelling van gebruikers en het enthousiasme waarmee ze hun tweede leven leven.