Een Oscarwinnaar in het buurttheater

Vorig jaar won Philip Seymour Hoffman een Oscar voor zijn rol als Truman Capote. Nu speelt hij een klunzige rol in een klein stuk. Met zinnen die eindigen op: „misschien” en „yeah”.

Jack zit. In de limousine, waarmee hij als chauffeur zijn geld verdient. Op de bank bij vrienden, die hij om relatieadvies vraagt. Op een kuipstoeltje in het ziekenhuis, in het gezelschap van een pluche koalabeer, nadat zijn vriendin-in-wording in de metro in elkaar geslagen is. En telkens wanneer Jack zit – bij voorkeur ineengedoken – dan kucht hij. Mm-hmm. Onophoudelijk. Keelkanker, vermoedt hij zelf. Een onnodige tic, weet de toeschouwer.

Precies een jaar nadat Philip Seymour Hoffman een Oscar won voor de manier waarop hij de manipulatieve en op aandacht beluste schrijver Truman Capote speelde, laat de acteur zich weer zien. In een klein New Yorks theater, in een nog niet eerder opgevoerde tragikomedie over de strubbelingen op weg naar een relatie, en in een rol die niet verder van Capote had kunnen afstaan.

Dit alles maakt duidelijk waarom de New Yorkse theaterwereld nu zo interessant is. Dat is niet wegens de originaliteit van de producties – er heerst behoudendheid alom. Wel wegens de reeks bekwame Hollywoodacteurs op het New Yorkse toneel staan. Julianne Moore in de film Children of men. Liev Schreiber in The painted veil. Vanessa Redgrave in Venus, vanaf juni in de bioscoop. En nu dus ook Philip Seymour Hoffman als Jack in Jack goes Boating van Bob Glaudini.

Hoffman heeft er nooit een geheim van gemaakt dat toneel hem meer trekt dan film. Op zondagmiddag op de fiets naar zijn werk, dat was zijn ideaal. Hij studeerde aan de toneelschool van New York University, op loopafstand van het theater waar hij nu werkt. Hij woont in de buurt. Zijn vriendin ontwierp de kostuums. Voor Jack zijn het dikke groenige winterkleren en een onmodieuze bruine muts.

In 1994 voegde de toen nog onbekende Hoffman zich bij LAByrint, een theatergezelschap dat begon als Latino Actors Base, met als doel acteurs uit Midden- en Zuid-Amerika te helpen. LAByrint evolueerde en ook niet-Latino’s als Hoffman waren welkom. Het streven was ontplooiing door functieverandering. Acteurs werden belichters, regisseurs acteerden en toneelschrijvers scheurden tickets.

Hoffman is inmiddels een van de twee artistiek directeuren bij het gezelschap en hij regisseerde er ook. En zelfs na het winnen van de Oscar en het spelen van filmrollen in kaskrakers zoals Mission: impossible III, is hij niet te beroerd om een bescheiden rol te spelen, met als tweede en derde woord telkens „misschien” en „yeah”.

Jack staat onder grote druk, zegt hij zelf. Hij wil graag een andere baan, liefst als metroconducteur („Ik wil niet met mensen werken”). Heftiger is dat hij Connie heeft ontmoet, die vanuit een begrafenisonderneming telefonisch toegangsbewijzen voor rouwcongressen verkoopt.

Connie: „Ik kijk uit naar het einde van de winter”.

Jack: „Dan kunnen we gaan roeien. Als je nog wilt ten minste”.

„Dat wil ik graag met je gaan doen.”

„Het is nog even geen zomer.”

„Lijkt nog wel eeuwen te duren.”

„Yeah.”

„Als je iets wilt.”

Pas dan beseft Jack dat hij helemaal niet kán roeien, zelfs niet in een vijver in Central Park. De twijfel slaat toe, helemaal als zijn vriend Clyde hem vertelt dat hij ook moet leren zwemmen – stel dat Connie te water raakt, wie moet haar dan redden? Inventief uitgelichte scenes voor een wit betegelde muur verbeelden op ingetogen wijze Jacks zwemlessen. „Je doet het goed”, zegt Clyde. „Ik kan beter.” Het klinkt meer als een schuldbekentenis dan als het stereotype, opgewekte Amerikaanse streven naar een sportieve topprestatie.

De tragikomische gang naar Canossa die Hoffman verbeeldt staat haaks op de wereld van perfecte stellen met perfecte relaties die New Yorkers zo vaak krijgen voorgeschoteld. „Een stuk interessanter dan de gebruikelijke mooie mensen in het theater”, schrijft The Financial Times.

Jack probeert niet veel meer dan aansluiting te vinden bij een ander, en hij legt de lat verre van hoog. Wat zoek je in een vrouw, vraagt Connie. „Ze moet van muziek houden. En positief ingesteld zijn.”

De herhaalgrap van het stuk is Jacks walkman, waarin een casettebandje steekt met een slepende reggaeversie van de Boney M-hit Rivers of Babylon’. De muziek beurt Jack telkens weer op, al mislukt het diner dat hij voor Connie wilde koken, al ligt er keelkanker op de loer, al is de toeschouwer de enige die om de puinhopen in Jacks leven kan lachen. Het liedje heeft een positive vibe. Dat is al genoeg voor Jack. En meer heeft Philip Seymour Hoffman ook niet nodig om een ingetogen rol neer te zetten. „Yeah.”

Jack goes Boating. Labyrint Theater Company, labtheater.org. Tel. +1-212-967-7555.T/m 29 april.