‘Te slordig gedrag bij operaties’

Tijdens operaties letten ziekenhuizen niet goed genoeg op of er instrumenten zijn achtergebleven in het lichaam van patiënten. Het artsentijdschrift Medisch Contact meldt dat vandaag, op basis van een studie die onderzoekers uit Eindhoven en Maastricht uitvoerden in Nederlandse ziekenhuizen.

Slechts een op de drie ziekenhuizen telt bij operaties altijd na of er nog operatiegaasjes in het lichaam van de patiënt zijn achtergebleven. De helft slaat het tellen van de instrumenten wel eens over. Het tellen van naalden gebeurt nog minder frequent.

De twee onderzoekers noemen de situatie „zeer zorgelijk”. De zogeheten ‘compleetheidscontrole’ is naar hun mening „nog verre van volmaakt en te vaak gebaseerd op individuele en lokale opvattingen”.

Minder dan een op de drie Nederlandse ziekenhuizen blijkt een protocol te hebben voor het natellen van instrumenten. Bijna geen enkel ziekenhuis heeft een protocol voor het tellen van hechtnaalden en de zogenaamde disposables, dat zijn vooral kunststof materialen voor eenmalig gebruik. De gaasjes worden wel bijna altijd volgens vaste regels nageteld.

De onderzoekers zijn Paul Meijsen, operatieassistent in het Catharina-ziekenhuis in Eindhoven, en Els Meers, hoofd operatiekamers van het academisch ziekenhuis Maastricht. Zij ondervroegen in 2005 de helft van de ziekenhuizen in Nederland.

Het negeren van protocollen is volgens de deelnemers een van de belangrijkste redenen dat het personeel fouten maakt bij het tellen van gazen. De aflossing van personeel tijdens operaties levert het meeste risico op, ook bij het tellen van instrumenten. Spoedsituaties geven ook problemen.

De studie is een herhaling van een studie uit 1992. Er zijn sindsdien, schrijven de onderzoekers, wel „verbeteringen doorgevoerd”. Gaasjes worden veel vaker volgens een vast protocol nageteld, instrumenten iets vaker. Meijers en Meers verzamelden geen cijfers over het aantal malen dat daadwerkelijk een instrument, gaasjes of naald in de patiënt achterblijft. Ze schrijven echter dat het „zeker geen zeldzaamheid” is. Dat blijkt onder meer uit rapporten van verzekeraars van ziekenhuizen.