Gehucht in VS weerstaat macht China

Lijdzaam afwachten hoe je door Chinese invoer van de kaart wordt geveegd? Niet in de Appalachen. Voor politici in Washington is de protectie van de lokale fabriek een ‘zaak’.

Driemaal daags laat de papierfabriek van Newpage in Luke weten er nog te zijn. Om zeven uur ’s ochtends, drie uur ’s middags en elf uur ’s avonds schalt de fabrieksfluit door het dal, weerkaatst ze tegen de Appalachen en is ze tot kilometers verderop te horen. De streek in de Amerikaanse staat Maryland kan weer opgelucht ademhalen: de laatste economische motor van de regio heeft nog niet opgegeven.

„De fabrieksfluit heeft meer symbolische dan praktische waarde”, bevestigt directeur Scott Graham. Hij heeft de laatste jaren eenderde van zijn werknemers moeten ontslaan en zegt „met zijn rug tegen de muur” te staan. China biedt hetzelfde product aan als hij, maar dan 20 procent goedkoper. Hoe? „Subsidies”, is Grahams overtuiging. „Illegale subsidies.”

Volgende maand beslist het Amerikaanse ministerie van Handel of de Chinese invoer van luxe glanzend papier voor tijdschriften, jaarverslagen of filmposters – waarvan Newpage de grootste Amerikaanse fabrikant is – bestraft zal worden met invoerheffingen. Als het inderdaad tot sancties komt, heeft dat een precedentwerking. Ook producenten van plastic, meubels, staal en textiel maken zich op voor revanche.

Newpage heeft in de VS vier papierfabrieken, die in Luke met nog 900 werknemers aan de rivier de Potomac is het oudst. Luke profiteerde van de industriële vooruitgang. Maar van lieverlee bleek het goedkoper om uit Mexico en Azië te importeren dan lokaal te fabriceren. De school sloot bij gebrek aan scholieren, de dichtstbijzijnde trein stopt nu veertig kilometer verderop. Luke is een eenzaam, vrijwel leegstaand dorp in de bergen geworden. Inwoneraantal: tachtig. De winkelpuien in Main Street: dichtgetimmerd. Gemiddeld jaarsalaris: 24.000 dollar (18.000 euro). Aantal ondernemingen: één. De hertenjacht is het enige waar de mannen van Luke nog trots op zijn.

Gaandeweg het gesprek met Scott Graham verliest de trots op de streek waar hij opgroeide het van het grauwe alledaagse bestaan. „Een economisch noodlijdend gebied”, zegt hij. De eerstvolgende fabriek ligt drie uur rijden naar het oosten, in de richting van Baltimore. Op maandagochtend rijden tientallen van zijn oud-werknemers die kant op, op vrijdagavond komen ze weer thuis. Ze overnachten doordeweeks met drie man op een motelkamer.

Het verhaal is in Amerika overal te horen: de landelijke werkloosheid staat er met 4,5 procent misschien goed voor, maar fabrieken gaan dicht. Sinds het aantreden van president Bush in 2001 is eenvijfde van de Amerikaanse fabrieksbanen geschrapt. Op een beroepsbevolking van 153 miljoen hebben nu nog 14 miljoen Amerikanen een productiebaan. 40 procent van de werklozen van vandaag komt uit een fabriek.

In de regio waar Luke ligt zijn de grootste werkgevers de gezondheidszorg en het gevangeniswezen. Veelzeggend volgens Thomas Caldwell, president van de lokale vakbond en ex-werknemer bij Newpage: „We komen op een punt dat we zelf helemaal niets meer maken. Als land heb je dat wel nodig. Anderen nemen al onze productie over. Eng. Als ze willen, draaien ze de knop om en zitten wij zonder importen.”

Newpage heeft niet lijdzaam stilgezeten. Er werd voor honderden miljoenen dollars geïnvesteerd, er werden banen geschrapt. De optelsom van investering en kostenbesparing was productiviteitsgroei, toch stelden de financiële resultaten teleur. Twee jaar geleden kwam het in handen van private-equityfinanciers. Vorig jaar draaide Newpage 32 miljoen dollar verlies.

Maar tegen de Chinese papierinvoer lijkt geen kruid gewassen: vier jaar geleden 87 ton luxe papier, vorig jaar al 289 ton. Het Chinese marktaandeel in de VS steeg van 0,8 procent in 2002 naar 5,4 procent vorig jaar, een jaarlijkse stijging van gemiddeld 60 procent. Met prijzen die eenvijfde lager liggen dan in de VS heeft China een hevige concurrentieslag onder de Amerikaanse producenten uitgelokt. China verdeelt en heerst.

Het Amerikaanse handelstekort met China is aangegroeid tot 233 miljard dollar – een record. Sinds zijn aantreden vorig jaar als minister van Financiën heeft Hank Paulson, afkomstig van Wall Street, al drie reizen naar China gemaakt, ongebruikelijk vaak. Hij roept China op om de yuan te revalueren. Dat zou de Chinese export naar de VS duurder maken (ook de export van Amerikaanse vestigingen in China trouwens) en Amerikaanse export naar China goedkoper. Gevolg? Een lager handelstekort.

Handelstekort en banenverlies doen het economisch patriottisme herleven, met name bij de Democraten in het Amerikaanse Congres, die sinds de verkiezingen van november in beide huizen de meerderheid hebben. En daarmee werd Newpage een zaak.

China nam de advocaat William Barringer in de arm. Eind vorig jaar werd hij gebeld door het Chinese ministerie van Handel in Peking. Hij begon namens het land een rechtszaak bij het Amerikaanse hof voor internationale handel met als doel om de beslissing volgende maand van het Amerikaanse ministerie van Handel preventief ongeldig te laten verklaren. Het is onduidelijk wanneer de uitspraak is. „Wat mijn cliënt van de kwestie denkt?” vraagt hij retorisch aan de telefoon. „Mijn cliënt vindt het maar een vreemde kwestie.”

Volgens zowel Barringer als zakenmedia waren Democratische leden van het Congres op zoek naar een kant-en-klare zaak en hebben zij Newpage benaderd. Die maakte in oktober de zaak bij de Amerikaanse internationale handelscommissie (ITC) aanhangig. Eind december stelde de ITC vast dat er een „redelijke indicatie” is dat „een Amerikaanse sector wezenlijk benadeeld wordt” door de invoer uit China. De zaak werd daarop doorgespeeld aan het ministerie van Handel.

Internationale handelsregels zijn complex en kennen vele uitzonderingen. Globaal kan een land in twee gevallen invoerheffingen opleggen. Eén: in het geval van importen die zo goedkoop zijn dat sprake is van ‘dumpen’. Dit soort conflicten wordt continu uitgevochten, ook tussen de VS en China. De boetes zijn relatief laag. Twee: in het geval van onrechtmatig toegekende subsidies in het land van productie. De boetes die voor dit vergrijp staan, kunnen in het geval van luxe papier oplopen tot een prijsverdubbeling. De Newpage-zaak is interessant omdat de VS al sinds 1983 geen zaak meer gevoerd hebben over het tweede type vergrijp.

China bestrijdt bij monde van Barringer niet dat subsidies zijn toegekend. Hij benadrukt dat de Chinese overheid inderdaad belastingvoordelen verstrekt aan specifieke sectoren. Maar dat doet niet ter zake. China stelt simpelweg dat als het volgens de afspraken met de Wereldhandelsorganisatie WTO (bij toetreding in 2001) beschouwd moet wordt als een zogeheten nonmarket-economie, het onjuist is om boetes uit te delen.

Hoe dit gaat uitpakken? Barringer wil niet uitsluiten dat China de zaak verliest en de kwestie dan bij de WTO aanhangig zal maken. Want China vreest een barrage van andere Amerikaanse sectoren die Chinese importen aan banden willen leggen. Dat probeert hij in opdracht van zijn cliënt te voorkomen.

Stel dezelfde vraag aan vakbondsvoorman Thomas Caldwell en hij excuseert zich. Hij wil niemand beledigen, zegt hij in zijn kantoortje in Luke. Maar toch: hij is „doodsbang” dat deze streek over een paar jaar alleen nog maar interessant is voor dagjesmensen. „En dan staan wij dus met onze specifieke kennis hamburgers te bakken.”

Directeur Graham is concreter. Als hij en niet China de zaak verliest, is er nog maar weinig speelruimte. Een van de twee papiermachines in Luke afstoten is niet mogelijk, dan draait de fabriek met te veel verlies. Nog meer werknemers ontslaan kan ook niet, die zijn nodig om de machines te bemannen. „Dan dus maar helemaal opgeven? Over my dead American body.”