Als het vuur dooft komen de wolven

Officieel Nederland vierde gisteren in de Ridderzaal de vijftigste verjaardag van de Europese Unie.

En schoolkrantscholieren konden hun vragen afvuren.

„We kunnen van Europa een roestvrijstalen keuken maken of we moeten leren leven met vlekken.” De twee Brusselse schoonmakers van het bedrijf Euroclean vatten de grillige levensloop van Europa zo op hun eigen manier samen.

In een toneelstuk bij de feestelijke viering gistermiddag van de vijftigste verjaardag van de Europese Unie (EU) in de Ridderzaal, presenteerden ze Europa als één groot schoonmaakproject. Want waren de politici niet met hetzelfde werk bezig als zij, namelijk schoonmaken, zeiden de twee en keken naar de bewindslieden op de eerste rij zoals premier Balkenende, die naast koningin Beatrix zat.

„U ruimt de rotzooi van de burgers op en wij ruimen uw rotzooi op”, zei een van de poetsers. En de vetste mayonaisevlek op het Europese tafellaken was toch wel het ‘nee’ tegen de Europese Grondwet. Politici hebben de neiging de vlek weg te poetsen, maar door hard wrijven wordt een vlek alleen maar erger. Gaat de schoonmaker te agressief te werk, komt er een gat in het tafelkleed.

De politiek ziet door de rommel de grote idee niet meer. „Wat Europa nodig heeft is een vlam.”

Daar kon de zaal vol ministers, Kamerleden, ambassadeurs, scholieren, europarlementariërs en de oudste Europeaan in Nederland Max Kohnstamm (92), die als rechterhand van Jean Monnet aan de wieg stond van de EU, het mee doen. De titel van het toneelstuk, geschreven door Pieter Hilhorst, was een vingerwijzing voor Den Haag: ‘De opruiming van Europa’.

De bijeenkomst ter herdenking van het Verdrag van Rome, dat op 25 maart 1957 werd getekend, had vooral een cultureel karakter. Het ministerie van Buitenlandse Zaken had een bont programma georganiseerd van muziek, film, toneel en zelfs een modeshow van Aziz Bekkaoui.

Premier Balkenende stond kort stil bij de verworvenheden van de Europese Unie, die „meer banen, meer welvaart en meer keuzevrijheid” heeft gebracht. Netelige Europese kwesties bleven buiten de muren van de Ridderzaal.

Die kwamen even tevoren in het perscentrum Nieuwspoort wel aan de orde. Onder leiding van BNN-presentatrice Sophie Hilbrand (Spuiten en slikken) werden Europees Commissaris Neelie Kroes, staatssecretaris Frans Timmermans voor Europese zaken en SP-leider Jan Marijnissen door vijftig schoolkrantscholieren met een spervuur van vragen bestookt. Of Kroes zich herkende in de beschrijving dat eurocommissarissen in Brussel alleen overleven door intriges en listen, wilde Walter uit Terneuzen weten en haalde een nieuw boek aan: Europese mandarijnen. Achter de schermen van de Europese Commissie. „Helemaal niet”, reageerde Kroes beslist en legde uit dat voor machtsmisbruik geen plaats is in een Europese Commissie waar 27 collega’s elkaar voortdurend op de vingers kijken.

En wordt een nieuw Europees verdrag wel in een referendum aan de bevolking voorgelegd, vroeg Clemens uit Den Haag aan Timmermans. „Eerst moet het onderhandelingsresultaat op tafel liggen”, antwoordde de staatssecretaris. Hij kon er nog „niets” over zeggen.

„Ik wel”, riep Marijnissen triomfantelijk. „Als je bij een eerste voorstel voor een Grondwet wel de mening van de burgers wilt weten, zou ik bij de tweede keer als regering zeggen: opnieuw voorleggen.” Daar wilde Kroes meer van weten. „Wanneer stemmen jullie dan wel vóór?”, vroeg ze de SP-politicus. „Als de regering onze Europa-nota overneemt”, gnuifde Marijnissen. „Alles wat publieke sector is – onderwijs, openbaar vervoer, gezondheidszorg – daar moet Europa z’n poten thuis houden.” De meeste scholieren knikten instemmend.

In de Ridderzaal wisten de schoonmakers wel hoe ze Europa op gang moesten krijgen. Ze boden koningin en premier de eerste kindvriendelijke euro-aansteker aan om het vuur brandend te houden. Want: „Als het vuur dooft, komen de wolven.”