Baanwielrennen profiteert van Theo Bos-effect

Binnen twee olympische cycli is Nederland wereldtop in het baanwielrennen. Theo Bos, de onbetwiste kopman van de baanploeg, tekende gisteren een contract bij Rabobank.

De knusse kantine van Sportpaleis Alkmaar is te klein om de Nederlandse ploeg te presenteren voor de WK baanwielrennen, over precies een week op Mallorca. Zeker als kopman Theo Bos (23) ook nog eens een exclusief contract afsluit met Theo de Rooij, directeur van Rabobank Wielerploegen.

De viervoudig wereldkampioen tekende gisteren tot en met Peking 2008. Hij verkoopt zijn imagorechten aan Rabo en zal daarnaast promotionele activiteiten verrichten. Intussen blijft hij gewoon lid van de nationale baanselectie. Een eventuele overstap naar de weg komt pas na de Olympische Spelen aan de orde.

„Theo Bos is een sporticoon”, verklaarde De Rooij het contract met de sportman van het jaar. In het baanwielrennen is sprake van een Theo Bos-effect. Bij de ploegpresentatie in Alkmaar was volop belangstelling van radio, televisie en schrijvende pers. Wat een verschil met twee jaar geleden, toen er aan de vooravond van de WK in Los Angeles nauwelijks interesse was.

De WK op Mallorca, van 29 maart tot en met 1 april, geldt als een van de laatste grote testen vóór de Olympische Spelen van volgend jaar. Baanwielrennen is van groot belang voor sportkoepel NOC*NSF, dat Nederland zo graag bij de beste tien landen van de wereld ziet. Als ergens veel medailles kunnen worden gehaald, dan is het op de wielerpiste.

Theo Bos is de onbetwiste aanvoerder van de nationale baanequipe. Als The fastest man on track afficheert de sprinter zichzelf op zijn website www.theobos.com. Daar is weinig van gelogen, sinds hij eind vorig jaar in Moskou het wereldrecord over 200 meter verbeterde tot 9,722 seconde; een gemiddelde snelheid van meer dan 74 kilometer per uur.

„Onverslaanbaar worden, daar werk ik aan”, zei Bos ruim een jaar geleden. De broer van schaatser Jan is bezeten van zijn sport, zonder dat het tot verkramping leidt. Hij heeft de concurrentie zo goed bestudeerd dat niemand hem meer verrast. Uitzonderlijke fysieke capaciteiten, met een ‘piekvermogen’ van tegen de 2.100 Watt, doen de rest. Bos accelereert als een luipaard.

NOC*NSF spaart kosten noch moeite om de potentiële gouddelver naar de Spelen te loodsen. Technologische vernieuwing is speerpunt van het beleid, en baanwielrennen is bij uitstek een sport waar de ingenieurs hun ei kwijt kunnen. Voor een half miljoen euro werd voor Bos een nieuwe fiets ontwikkeld. Windtunnels en vermogensmeters optimaliseren de training. Het mogelijke verschil tussen wel of geen medaille. „Sexy centimeters winst”, noemt Charles van Commenée, technisch directeur van de sportkoepel, dat. In contrast met onzichtbare centimeters, gewonnen met bloed, zweet en tranen van atleten en begeleiders.

Bondscoach Peter Pieters kijkt lachend naar een vergeeld krantenknipsel uit 1999. „Baansport op weg naar nieuw olympisch debacle”, luidt de kop. Bij de WK van dat jaar in Berlijn was Teun Mulder de beste Nederlander met een elfde plaats. De debuterende bondscoach kon maar beter direct stoppen, was de teneur. „Ik heb dat artikel ingelijst en hier in de catacomben opgehangen”, zegt Pieters.

De oud-profrenner begon te bouwen met niets. En zie, binnen twee olympische cycli is Nederland wereldtop op de wielerbaan. „De opening van de baan in Alkmaar in 2003 is van groot belang geweest”, zegt Pieters. „Daarbij hadden we een groep renners die wilden investeren in hun sport.” Van de pioniers was Bos de eerste wereldkampioen, in 2004. „De echte klapper hebben we een jaar later gemaakt”, zegt Pieters. „Na de Spelen van Sydney, die een beetje tegenvielen, hebben we besloten om er vol voor te gaan. Vervolgens haalden we op de WK in Los Angeles acht medailles. Sindsdien gaan wij voor onze kennis niet meer naar het buitenland, maar komen zij naar ons. En het succes is breder dan alleen Theo Bos. We doen op alle onderdelen mee om de medailles.”

Een commerciële baanploeg zou volgens Pieters een volgende stap kunnen zijn. „We moeten in Nederland toe naar een situatie zoals in Engeland, waar het voor renners aantrekkelijk wordt gemaakt om zich volledig op de baan te richten.” Zijn kopman Theo Bos neemt ook in dit opzicht alvast het voortouw.