VVD vreest gevolgen van minder marktwerking

„Het kabinet lijkt de deur open te zetten voor beperking van de marktwerking in Nederland. Dat is geen goed idee. Dit gaat ten koste van economische groei en banen”, aldus Tweede Kamerlid Han ten Broeke, Europawoordvoerder van de VVD. Hij reageert op de brief over het Europabeleid, die het kabinet maandag aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Hierin neemt het kabinet duidelijk afstand van een Europese Grondwet. „Daar zijn we heel tevreden over”, aldus ten Broeke. Maar de passage waarin staat dat EU-regels geen belemmeringen mogen opwerpen voor „onze nationale sociale arrangementen of voor de kwaliteit van publieke voorzieningen” is bij de VVD in het verkeerde keelgat geschoten. Ten Broeke: „Betekent dit dat we niet doorgaan met de splitsing van energiebedrijven? Loopt de liberalisering van de postmarkt gevaar? Worden Nederlandse woningbouwcorporaties afgeschermd?” Ten Broeke vraagt hierover vanavond opheldering in een algemeen overleg van de Kamer met het kabinet.

Zijn partijgenoot in het Europees Parlement (EP), Jules Maaten, is „buitengewoon verbaasd” dat de Brusselse volksvertegenwoordigers in de kabinetsbrief helemaal niet aan bod komen. Het kabinet schrijft de Europese besluitvorming democratischer te willen maken, maar spreekt daarbij alleen over meer betrokkenheid van nationale parlementen.

„Het kabinet wil kennelijk niet dat 22.000 ambtenaren bij de Europese Commissie fatsoenlijk worden gecontroleerd. Op al die terreinen waar je bij besluitvorming nationale veto’s opheft en bij meerderheid van stemmen gaat beslissen, moet je de controlebevoegdheid van het Europees Parlement uitbreiden. Want op al die terreinen leveren nationale parlementen invloed in”, aldus Maaten. Hij denkt anderzijds niet dat sprake is van kwade opzet. Maaten: „Volgens mij zijn ze ons gewoon vergeten. En dat is nog veel erger.”

De leiders van de PvdA en het CDA in Brussel gaan er inderdaad van uit dat de bevoegdheden van het EP op terreinen als asiel- en migratie en criminaliteitsbestrijding wat het Nederlandse kabinet betreft toch worden uitgebreid.

Zowel Max van den Berg (PvdA) als Maria Martens van het CDA beschouwen de brief als goed uitgangspunt voor onderhandelingen met andere lidstaten over een nieuw EU-verdrag. Vooral Van den Berg is echter teleurgesteld dat het Handvest van de Grondrechten daar volgens het kabinet niet in hoeft te worden opgenomen, om dat verdrag niet het karakter van een grondwet te geven.

Van den Berg: „dat handvest is nou juist een instrument voor de burger om zich te beschermen tegen onverantwoord handelen door de EU.”