Zakelijk en trefzeker in smoezelig acryl

Tentoonstelling: Fons Haagmans, Lost Highway. T/m 6 mei in het Bonnefantenmuseum, Avenue Céramique 250, Maastricht. Di t/m zo 11-17u. Inl: 043-3290190, www.bonnefanten.nl

Ze zien er zo simpel uit, de schilderijen van Fons Haagmans (1948) in het Bonnefantenmuseum in Maastricht. Eén beeld, één onderwerp, en dat is alles. Haagmans’ voorstellingen zijn helder en eenvoudig. Ze zijn aangebracht met sjablonen. Maar als je ze van dichtbij bekijkt, als je bijna tegen het verfoppervlak kruipt, zie je dat de schilderijen zijn opgebouwd uit meerdere lagen verf over elkaar. Soms schemeren de kleuren door de bovenste laag, soms zorgen ze vanuit de diepte voor een grillige structuur. De kleuren zijn smoezelig en industrieel. Net of Haagmans ideeën heeft opgedaan in een verffabriek vol vergeelde verfsporen.

Haagmans schildert spotprentachtige voorstellingen, zoals een ezelman, maar ook elementen uit de natuur – zo hangt er een schilderij van een boom, volgeplakt met glimstenen. Ook maakt hij doeken in brede geschilderde banen, naar het voorbeeld van de velden op wapenschilden. Haagmans’ werk bestaat uit beeldmotieven uit het verre en nabije verleden: hij gebruikt voorstellingen uit de tarot, zoals de gehangene: een man die ondersteboven aan een been hangt. De kaart ‘Zwaarden Vier’ vertaalt hij als een soort Keltische knoop, met sierlijke ineengevlochten lijnen.

Op een ander werk huppelt een ezel met een cape over het doek, terwijl een man in een pij zijn blote kont laat zien. Dit schilderij sluit aan bij een oude middeleeuwse beeldtraditie, zo lijkt het. Het zijn de moralistische, maar lekker brutale figuren die we ook kennen uit Brueghels overvolle en volkse schilderijen. Ook de Amerikaanse volkscultuur levert Haagmans stof tot schilderen, zo blijkt uit schilderijen van een rock-’n-roll dansend paar, een cowboy met laarzen en hoed, en een zoetig bloemmotiefje ter versiering. Lost Highway heet een vierluik uit 2003, niet naar de onnavolgbare film van David Lynch, maar naar een liedje van countryster Hank Williams. Haagmans koos niet voor Lynch’ geladen sfeer, maar voor een blije, typering van een Amerikaan.

Fons Haagmans is geen schilder die veel heeft gereisd. Hij woont nog steeds in het zuiden des lands, waar zijn vader mijnwerker was. Als klein jongetje kwam hij ooit in Museum Kröller-Müller terecht, waar hij als enige van zijn familie gebiologeerd raakte door kunst. Haagmans bezocht de academie in Maastricht, waar hij vooral expressionistisch moest schilderen. Dat lag hem niet. Hij verkoos het zakelijke, matglanzende acrylverf boven olieverf. Met acryl, dat snel droogt, moet je weten wat je wilt. Het is geen verf voor geschilder in passievolle, brede armgebaren.

Haagmans jongste kunst lijkt abstracter. Ronde, kleurrijke vormen nemen het hele doek over. Als een kunstenaar uit de Middeleeuwen die Maria een gouden achtergrond geeft om zo haar heiligheid te benadrukken, heeft Haagmans grote stukken gekleurd glas op de schilderijen geplakt, en knoeperds van edelstenen. Het doek Edvard heeft een golvende vorm, waarin je met wat fantasie de golvende figuur van Munchs De Schreeuw ziet. Dit zijn kitscherige werken, en toch laat Haagmans ook hier zien hoe hij beeldtaal tot een essentie kan beperken, zonder zijn signatuur te verliezen.

Soms beweegt Haagmans zich rustig in de richting van natuurmotieven, dan weer schildert hij wat abstract, om vervolgens een door de kabbalistiek geïnspireerd motief af te stoffen, zoals getallenreeksen op een zwart vlak. Omdat het werk vol verwijzingen zit, onder andere naar het katholicisme, is het voor de goede verstaander af en toe een feest van herkenning. Maar door zijn zakelijke manier van afbeelden ontwijkt Haagmans de valkuil van de nostalgie.