Voor als hij later groot is

Door vroeg te beginnen met sparen bouw je met weinig inspanning vermogen op.

Hoe voorkom je dat je kind na zijn achttiende het spaarpotje verbrast?

De baby is nog maar net geboren of de eerste telefonische verkopers hangen aan de lijn. Of de kersverse ouders interesse hebben in een spaarproduct voor de studie van hun kind. Dat zien we toch later wel? Op dit moment vliegt het geld de portemonnee al uit. Alleen al de ‘opstartkosten’ (autozitje, box, bedje, kleding) van een baby bedragen volgens het budgetinstituut Nibud al ruim 2.000 euro.

Toch is het verstandig al vroeg ook te beginnen met sparen, verklaart Ronald Janssen, onafhankelijk financieel planner in Rotterdam. „Hoe langer de looptijd, des te minder inspanning kost het om kapitaal op te bouwen.” Zo levert een spaarbedrag van 50 euro per maand, bij een gemiddelde rente van 3 procent, in achttien jaar tijd ruim 14.000 euro op. Beleg je hetzelfde maandelijkse bedrag, dan wordt dit bij een gemiddeld rendement van 7 procent (na kosten) in achttien jaar zelfs ruim 20.000 euro.

Banken en verzekeraars bieden allerlei producten aan om te sparen voor de kleine. Zo zijn er verzekerde spaarvormen, waarbij je gedurende een vaste periode periodiek een bedrag in een verzekeringspolis stort. Daaraan was tot 2001 fiscaal voordeel verbonden, maar dit is inmiddels afgeschaft.

Daarom is het slimmer om een gewone spaarrekening te openen en daar maandelijks een bedrag op te storten. De meeste banken bieden speciale kinderspaarrekeningen aan, met allerlei cadeautjes en spaarpremies. Het belangrijkste is echter het rentetarief. Dat verschilt per bank en per spaarvorm. De ABN Amro heeft bijvoorbeeld de Pardoesrekening met een rente van 2,5 procent en een eindbonus. Het Kinder Toekomst Plan van Triodos biedt 4 procent rente.

De maandelijkse inleg kan ook op een beleggingsrekening worden gestort. Het handigst is een beleggingsfonds, omdat de aankoopkosten dan meestal beperkt blijven tot 0,5 procent.

Is de keuze voor een spaar- of beleggingsvorm eenmaal bepaald, dan moeten de ouders nog beslissen op wiens naam ze gaan sparen. „Het meest logische is om op naam van je kind te gaan sparen”, zegtschenkings- en nalatenschapsspecialist Mike Deubel van notariskantoor Batenburg in Haarlem. „Anders ben je op het moment dat je het bedrag aan je kind schenkt schenkingsrechten verschuldigd. Er is voor kinderen tussen de 18 en 35 jaar wel een eenmalige verhoogde schenkingsvrijstelling van ruim 20.000 euro, maar het is zonde om die daarvoor aan te spreken.” Je kunt de bedragen namelijk tijdens de spaarperiode belastingvrij overdragen, binnen de jaarlijkse schenkingsvrijstelling van ruim 4.400 euro.

Dit houdt wel in dat het kind, na de achttiende verjaardag, vrij over de rekening kan beschikken. Toch vervelend als het zorgvuldig opgebouwde studiepotje er doorheen wordt gejaagd in de plaatselijke gokhal. „Wil je dit voorkomen, dan kun je de bedragen schenken onder bewindvoering. Het kind kan er dan tot een bepaalde leeftijd zelf niet aankomen. Wat ook kan is dat je een bestemming geeft aan de bedragen. Dan bepaal je bijvoorbeeld dat het geld alleen mag worden gebruikt voor studie of rijbewijs. Dit moet dan wel zorgvuldig worden vastgelegd in een akte.”

Op independer.nl of vergelijk.nl kun je de tarieven van kinderspaarrekeningen vergelijken.