Je moet daar wel doorheen, Wouter

Het is natuurlijk wel dapper van Wouter Bos om zich in een onflatteus shirtje te laten wegbrainstormen voor de camera en daar dan ook zelf nog commentaar bij in te spreken („een deprimerende exercitie”). De documentaire De Wouter tapes die in twee delen door de VPRO wordt uitgezonden en waarin Bos van 2005 tot 2007 wordt gevolgd en een dagboek inspreekt, laat vooral zien dat het viel te verwachten dat Bos de verkiezingen niet zou winnen. Niet alleen omdat hij er zelf minder in gelooft dan zijn omgeving – „Ik word soms een beetje bang van het optimisme om me heen”; „Ik begrijp niet dat al die journalisten maar blijven schrijven dat ik de gedoodverfde premier ben” – maar vooral omdat je ziet dat het hem aan overtuigingskracht ontbreekt. Bij de brainstormsessies waarin hij door een groep vrienden en medewerkers wordt aangevallen op zijn ‘bejaardenbelasting’, ziet hij eruit als iemand die geconcentreerd probeert een moeilijke som op te lossen, in plaats van als iemand die met overtuigingskracht gelooft in wat hij doet. Als je even het geluid afzet wordt het helemaal duidelijk. Bos legt in een pauze uit hoe hij dit soort aanvallen voortaan gaat pareren. Hij maakt brede armgebaren, onderstreept zijn woorden met wijzende bewegingen – met zijn lichaamstaal overschreeuwt hij zijn onzekerheid. Hij spéélt iemand die overtuigd is. En hoewel de vrienden wat zwakjes knikken, drukt hun hele houding sceptische afwachting uit: eerst zien, dan geloven. Bos heeft, dat blijkt helaas maar al te duidelijk, gewoon niets te bieden. Goede bedoelingen, aardige inzichten, oh zeker. Maar stel dat je even in de hoofdkwartieren van Jan Marijnissen mocht kijken, denk je dat je die de hele tijd zou zien vragen: wat wil ik nu eigenlijk?

Wouter Bos moest de verkiezingen gewoonweg verliezen. „Misschien is dit wel leuker” denkt hij zelf achteraf. Dat woord. Leuker.

De politieke wereld is er één van praten, praten, praten, maar de vrouwenwereld is dat ook. Waar Bos door een groep intelligente en scherpe mensen begeleid wordt in zijn strijd om het premierschap, werd de gescheiden Suzan door drie kwekkebekken begeleid in haar strijd om een nieuw leven in Ex wives club van RTL5. De kwekkebekken zijn Bekende Kwekkebekken, die je voortdurend aanwijzingen hoort geven als: „Je moet jezelf bij de hand nemen”. „Daar moet je wel doorheen.” „Je moet wel realistisch blijven.” „Je moet daar niet bang voor zijn.” „Zodra die man iets doet wat je niet leuk vindt, moet je kunnen zeggen: ik ben weg.” Luisteren is er niet bij. Niet dat er iets te luisteren valt, Suzan brengt vooral zinnetjes uit als: „Er gaat wel iets raars door je heen van bewustwording van laat maar los” of als één van de kwekkebekken haar haar bruidsjurk in de fik wil laten steken omdat dat zo enorm bevrijdend zal werken: „Er gaat iets door me heen van dat ik zoiets heb van doe maar.” De kwekkebekken geven ook nog voortdurend commentaar op haar: „Ik mis een beetje pit”, „Je bent boos! Ja?!” „Ze uit zich niet, ze houdt het binnen”, „Ze wordt erg blij van shoppen”. Goeje genade. Je zou er een levenslange depressie van krijgen, maar Suzan knapt ervan op. Misschien zou het ook iets voor Wouter zijn.

En dan is er de nieuwe Nederlandse dramaserie Julia’s tango, van Net 5, dat de maandagavond, waarop de verrukkelijk onzinnige ziekenhuisserie Grey’s Anatomy al te zien is, wat verder vervrouwelijkt. Ook alleen maar vrouwen, ook vooral gekwek maar nu in uit het hoofd geleerde dialoogjes. „Oh meisje wat ben je beeldschoon geworden!” „Tante!”. Enfin, misschien wordt het nog heel eh…leuk.

Reageer op deze column www.nrc.nl/ogen