Ex-vicepresident Irak opgehangen

In een gevangenis in Bagdad is vanochtend de vroegere Iraakse vicepresident Taha Yassin Ramadan opgehangen – precies vier jaar na het begin van de Amerikaanse aanval op Irak. Na Saddam Hussein, diens halfbroer Barzan Ibrahim al-Tikriti en voormalig opperrechter Awad Hamad al-Bandar is Ramadan de vierde Iraakse leider die op deze wijze is geëxecuteerd.

Volgens de autoriteiten verliep de ophanging, voor zonsopgang, zonder incidenten. Saddam kreeg vlak voor zijn executie op 30 december allerlei beledigingen naar zijn hoofd geslingerd en er werden stiekem opnames gemaakt met mobiele telefoons. Saddams halfbroer werd bij zijn ophanging op 15 januari per ongeluk onthoofd.

Net als de anderen werd Ramadan, die bijna zeventig is geworden, veroordeeld wegens zijn rol bij een bloedbad in het dorp Dujail. Daar werden 148 shi’itische inwoners vermoord na een mislukte aanslag in 1982 op Saddam. Aanvankelijk kreeg Ramadam levenslange gevangenisstraf, maar dat vonnis werd vorig jaar december door een hof van beroep omgezet in de doodstraf.

Een zoon van Ramadan, Ahmad, noemde de terechtstelling vanochtend „een politieke moord”. Hij zei dat vanuit de Jemenitische hoofdstad Sana’a. Volgens hem zal zijn vader worden begraven in of nabij de stad Tikrit, in de buurt van de plek waar ook Saddam is begraven.

De gevangenis waar Ramadan ter dood werd gebracht, is gevestigd in het vroegere hoofdkwartier van de militaire inlichtingendienst onder Saddam. Ramadan werd een uur voor zijn executie door de Amerikanen overgedragen aan de Iraakse autoriteiten.

De Amerikaanse president Bush blikte gisteren in een toespraak terug op vier jaar ‘Irak’. Hij onderstreepte het feit dat de Iraakse leider Saddam („een tiran”) is verwijderd en dat „vrije verkiezingen zijn gehouden onder een democratische grondwet”. Over het geweld zei hij: „Vier jaar na het begin van deze oorlog is de strijd moeilijk, maar hij is te winnen.” (Reuters)

Bush over Irak: pagina 5