Oud-olympiërs verliezen bij terugkeer op de Amstel

Op de Amstel werd afgelopen weekeinde het Nederlandse roeiseizoen geopend. De Holland Acht moest het afleggen tegen een gelegenheidsboot met andere bondsroeiers.

Zuchtend stond Diederik Simon op in het botenhuis van roeivereniging Nereus aan de Amstel. Wat had hij eigenlijk gemist in de afgelopen twee jaar als roeier-af? Na twee boterhammen, lachend: „Ja, weet ik veel. Ik miste het roeien gewoon, oké? Het is iets dat ik leuk vind, dat is toch simpel?” En dus geeft de drievoudig olympiër zich opnieuw over aan wekelijks tientallen uren aan boot- en krachttraining. Een medaille in de achtmansboot met stuurman in Peking is het doel.

Simon (36) won in 1996 een gouden olympische medaille in Atlanta met de Holland Acht, de boot waarvan de techniek internationaal verplichte kost werd voor roeitrainers. Vier jaar later roeide hij in Sydney met de dubbelvier naar olympisch zilver, waarna in 2004 zilver in Athene volgde met opnieuw een acht.

Nadat Simon zijn carrière als actief roeier had beëindigd trad hij in dienst als hoofdcoach bij het Amsterdamse Nereus, een functie die hij de afgelopen twee jaar vervulde. Het was meer met het oog op gezelligheid dat de ook gestopte Gerritjan Eggenkamp (31) hem voorstelde gezamenlijk te trainen. Eggenkamp won als eerste Nederlander de fameuze Boat Race, de jaarlijkse universiteitenrace tussen Oxford en Cambridge op de Thames, en maakte deel uit van de Nederlandse acht in Athene.

„Gerritjan had besloten in de selectie voor de acht te stappen. Ik trainde met hem, hij trainde met de nationale ploeg en dus roeide ook ik mee bij de bondsselectie”, zei Simon aan de Amstel, waar afgelopen weekeinde de Heineken Roeivierkamp werd gevaren, de officieuze opening van het Nederlandse roeiseizoen. Het was een snelle stap zich definitief bij nationale selectie voor mannen in de zware gewichtsklasse van bondscoaches Jan Klerks en Mark Emke te voegen.

Klerks, die het grootste type roeiboot bij wedstrijden coacht, toonde zich gelukkig met de terugkeer van de twee olympischemedaillewinnaars. „Het is positief dat roeiers van dat kaliber zich aansluiten. Het kost meer tijd nieuwe talenten op het vereiste niveau te krijgen dan dit soort roeiers. Bovendien kun je als coach vanaf de kant of vanuit een volgboot niet altijd zien welke dingen niet goed gaan. Die technische finesses kunnen alleen ervaren roeiers waarnemen en verwoorden.”

Simon beaamt de woorden van Klerks dat beide roeiers nog een lange weg te gaan hebben naar hun oude niveau. „Daar heb ik de rest van dit seizoen wel voor nodig. Het kost gewoon een half jaartje om fysieke capaciteiten weer op te bouwen en wedstrijdritme op te doen.”

Ondanks de trainingsachterstand maakten Simon en Eggenkamp afgelopen weekeinde deel uit van de Holland Acht I. De selectie van Klerks en Emke telt vijftien roeiers van wie drie niet belastbaar genoeg waren voor de jaarlijkse roeivierkamp. Met de hulp van de roeiers uit de vier zonder stuurman (Gijs Vermeulen, Matthijs Vellenga, Jan-Willem Gabriëls en Geert Cirkel) die bij de afgelopen wereldkampioenschappen een bronzen medaille wonnen, konden twee nationale achten worden gemaakt.

Hoewel Klerks stelde dat aan de verdeling van de roeiers geen consequenties mochten worden verbonden, lijken de vier roeiers die met de bemanning van de vierzonder werden aangevuld (de Holland Acht II) de voorlopige afvallers te zijn in de strijd om een plaatsje in de definitieve Nederlandse acht. Opvallende naam in de eerste boot was Reinder Lubbers. De roeier van Aegir was Emke opgevallen in een ontwikkelingsprogramma van de Nederlandse roeibond KNRB en was de enige in de I zonder ervaring in een nationale acht.

Klerks was niet hevig verrast over de uitslag van de roeivierkamp, opgezet volgens het systeem van een allroundschaatstoernooi. Op gang getrokken door de krachtroeiers van de vierzonder, die in het voorolympische traject ongewijzigd blijft, won de Holland Acht II. De gelegenheidsformatie versloeg de I, die als tweede eindigde, op de 2.500 meter, de 250 meter en de 5.000 meter. Alleen op de derde afstand, de 750 meter, moest de II de A-keus laten voorgaan.

Klerks wilde na afloop niet vooruitlopen op de samenstelling van de acht bij de twee olympische kwalificatiemomenten: de wereldbekerwedstrijd op de Rotsee en de WK in München. „We gaan de komende tijd bekijken wat de beste samenstelling is, maar ook hoe bepaalde mensen zich settelen in een omgeving met goede roeiers om zich heen. We moeten niemand uitsluiten voor Peking.”