Kamer: openheid over beleggingen

In de Tweede Kamer groeit de roep om volledige openheid van de pensioenfondsen over hun beleggingen. Aanleiding voor de oproep is ongenoegen over de beleggingen van pensioenfondsen ABP (ruim 1 miljoen leraren en ambtenaren) en PGGM (ruim 1 miljoen zorg- en welzijnswerkers) in Amerikaanse bedrijven die betrokken zijn bij de wapenindustrie, zoals gisteravond onthuld werd in het tv-programma Zembla.

„De pensioenfondsen moeten er zelf voor zorgen dat zij eens per kwartaal al hun beleggingen openbaar maken”, zegt PvdA-woordvoerder Staf Depla. „Dan kan iedereen zien wat zij doen. Als zij het zelf regelen hoeven wij geen aparte wetgeving te maken, dat duurt zo een jaar of twee. In het het verleden heeft het goed gewerkt als de politiek hun een duwtje geeft.”

Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA) is het daarmee eens: „De pensioenfondsen moeten volledige openheid geven over de bedrijven waarin ze beleggen. Daarnaast moet de deelnemersraad, waarin werknemers en gepensioneerde werknemers vertegenwoordigd zijn, advies geven over de bedrijven waarin belegd wordt.”

Zembla zette onder meer de schijnwerper op beleggingen van ABP en PGGM in bedrijven die clusterbommen en landmijnen produceren. Bij clusterbommen gaat het volgens Zembla om 229 miljoen euro Nederlands pensioengeld, bij mijnen om 59 miljoen.

Kamerlid Stef Blok (VVD): „Pensioenfondsen moeten zich aan de wet houden. Als de wet deze wapenbedrijven toestaat, kun je niet verbieden dat ze erin beleggen.”

In een reactie op de ABP-website zegt topbelegger Roderick Munsters dat het bij beleggingen in de wapenindustrie vaak over bedrijven gaat die voor beleggers interessant zijn wegens andere producten. De eigen beleggingscode van het ABP, waarin onder meer maatschappelijk verantwoord beleggen aan de orde komt, verbiedt dit soort beleggingen niet expliciet. De Nederlandse pensioenfondsen hebben samen 700 miljard euro belegd, waarvan 300 miljard in aandelen.