De Europese revanche van ‘ Us Reneke’

Twintig jaar geleden struikelde hij over een paspoort, nu wordt hij ontvangen door wereldleiders. De Limburgse Europeaan René van der Linden zoekt toenadering tot Rusland, maar niet tot ieders genoegen.

O pgewonden drukte ’s morgens vroeg in de lobby van het vijfsterren Kruisherenhotel in het centrum van Maastricht. Drukte die bijzondere aanwezigheid verraadt. In het midden staat – helemaal in zijn element – een druk gesticulerende René van der Linden. Limburgs pratend tegen het hotelpersoneel, Nederlands tegen medewerkers van de Maastricht School for Management en Engels tegen zijn Russische gasten. Om die laatsten is het allemaal te doen. De oud-premier van Rusland en de voorzitter van de buitenlandcommissie van het parlement, de Doema, komen niet dagelijks over de vloer en zeker niet speciaal in Limburg.

Het was weer eens een idee van Van der Linden, behalve politicus ook voorzitter van het bestuur van de Maastricht School of Management. Oud-premier Evgeny Primakov hield een toespraak voor de studenten van de Limburgse managementopleiding tijdens het symposium ‘The Art of doing business in Russia, the most perspective economy for Europe’. Ook voerde Primakov, tegenwoordig voorzitter van de Russische Kamer van Koophandel, samen met Doema-vertegenwoordiger Konstantin Kosachev gesprekken met het regionale bedrijfsleven. Op hun beurt kregen de Russen een exclusieve rondleiding op de kunst- en antiekbeurs Tefaf in Maastricht.

Het is René ten voeten uit, zeggen de mensen die hem kennen. „Iemand met een gigantisch netwerk, tomeloze energie en een aanstekelijk enthousiasme”, aldus Dick Dees, de VVD-parlementariër die al jaren met hem in de Eerste Kamer en in de assemblee van de Raad van Europa zit.

Niet lang meer. Dick Dees houdt het na 35 jaar politiek voor gezien en keert in mei niet terug in de nieuwe Eerste Kamer. René van der Linden gaat op voor een nieuwe termijn in de senaat. Zodat hij ook zijn werk kan afmaken als voorzitter van de parlementaire vergadering van de Raad van Europa, het samenwerkingsverband van 46 Europese landen dat toeziet op democratie, rechtsstaat en mensenrechten. Een functie waarin Van der Linden enkele maanden geleden voor de derde, reglementair laatste keer werd herbenoemd en waarvan hij zichtbaar geniet. „Het is de spannendste baan die ik ooit gehad heb. En tevens met de meeste impact”, zegt hij. Bijvoorbeeld omdat hij – naar eigen zeggen – de Russen ertoe kan bewegen hun ambassadeur terug te sturen naar hun buurland Georgië waarmee de verhoudingen onder het vriespunt zijn.

De warme banden die Van der Linden met Russische autoriteiten onderhoudt, en zijn begrip voor hun problemen, zijn omstreden. Vooral de landen die tot de val van de Muur nog onder Russische invloedssfeer stonden, staan een harde lijn voor en geven hem dat regelmatig te verstaan. Maar kritiek krijgt de CDA’er ook uit eigen land. „Hij denkt met een zekere naïviteit invloed te kunnen uitoefenen en doet daardoor te veel concessies. Ten onrechte, want op dit moment is de sfeer in Rusland toch dat iedereen de pot op kan”, zegt PvdA-europarlementariër Jan-Marinus Wiersma. Dick Dees, Van der Lindens collega in de Raad van Europa, vindt ook dat de parlementaire vergadering „veel scherper stelling moet nemen” tegenover Rusland.

Van der Linden is er niet van onder de indruk. „Een confronterende houding steunt slechts de restauratieve krachten in de Doema.” Bovendien laat hij niet alles kritiekloos passeren, meent hij zelf. „Niemand heeft zo sterk stelling genomen tegen de moord op de Russische journaliste Anna Politkovskaja als ik. Niet alleen door middel van een verklaring in Straatsburg. De week na haar dood heb ik deze zaak in een toespraak in Moskou aan de orde gesteld op een bijeenkomst waar ook de Russische minister van Buitenlandse Zaken Lavrov aanwezig was.”

Het is toch nog goed gekomen met ‘Us Reneke’ zoals hij in Limburg nog altijd liefkozend wordt genoemd. De verslaggever van het weekblad De Groene Amsterdammer die in 1990 een verhaal schreef over de teloorgang van CDA-politicus René van der Linden nadat deze was gepasseerd voor het gouverneurschap van Limburg, eindigde zijn stuk met een waarschuwende ironische voorspelling. „Als het nu nog verder tegenzit, eindigt de komeet van Nuth met ambtsketting ten stadhuize van een middelgrote gemeente in het zuiden des lands.”

Zo had het inderdaad kunnen gaan. Want de aanbiedingen voor burgemeestersposten van middelgrote gemeenten, bovendien ook nog in het zuiden des lands, kwamen. Maar Van der Linden weigerde ze stelselmatig.

In plaats van een burgemeester die ontvangt is Van der Linden nu een Europees politicus die op het hoogste niveau ontvangen wordt. De speciaal uitgegeven brochure van de Raad van Europa met ‘Highlights and Activities of the president René van der Linden’ getuigt ervan. Van der Linden op bezoek bij de Paus, bij de Russische president Vladmir Poetin, bij bondskanselier Angela Merkel, bij de Spaanse premier José Luis Rodriquez Zapatero, bij voorzitter Manuel Barroso van de Europese Commissie. „Ik zou dit niet willen ruilen met de meeste ministersposten. Dit is veel interessanter”, zegt Van der Linden.

Reculer pour mieux sauter, een stap terugdoen om later een grotere stap voorwaarts te kunnen zetten, werd zijn lijfspreuk nadat zijn politieke bliksemcarrière in 1988 hardhandig ten einde kwam. Dat was als gevolg van de zogeheten paspoortaffaire. Een weinig politiek inhoudelijke maar wel bizarre kwestie waarbij Van der Linden als staatssecretaris van Buitenlandse Zaken onder druk van zijn CDA-partijgenoten de verantwoordelijkheid op zich moest nemen voor het falen van de overheid bij het produceren van een fraudebestendig paspoort. Een gebeurtenis waar hij ruim twee jaar later tegenover weekblad Elsevier zei: „Ik moest geslachtofferd worden. Het ging niet meer om argumenten. Onder druk van de publieke opinie wilden de politici in de Tweede Kamer weer eens een vuist maken.”

Zwaar gefrustreerd verliet hij direct na zijn aftreden Den Haag. Terug naar het Zuiden waar een verontwaardigde achterban hem als een held ontving. Nog altijd woont hij in zijn voor een belangrijk deel eigenhandig verbouwde boerderij in het vlakbij Heerlen gelegen Nuth. Sinds hij geen Tweede Kamerlid meer is, is het wekelijkse spreekuur dat hij daar hield afgeschaft. Maar men weet men hem nog steeds te vinden.

Aan de keukentafel in Nuth zat vorig weekeinde de Russische parlementariër Konstantin Kosachev. Als het om de relatie met Rusland gaat, heeft Van der Linden een missie. Het is volgens hem „één van de meest centrale onderwerpen voor de komende tien tot twintig jaar”. De kritische houding die het Westen, en dan in het bijzonder de Europese Unie, aanneemt tegenover Rusland bevalt hem niet. „Er zijn soms goede redenen om Rusland te kritiseren. Maar we moeten ook in aanmerking nemen dat Rusland een extreem gecompliceerd land is, in zijn geschiedenis nooit een democratisch systeem heeft gehad zoals wij dat kennen en enorme problemen heeft aan zijn zuidoostelijke grens. Dan mag je wat meer benadrukken dat de ontwikkeling van de democratie in dat land een kwestie van tijd en evolutie is. Ik houd niet van kritiseren om het kritiseren. Ik kritiseer om het ontwikkelingsproces te stimuleren. Een constructieve opstelling is veel beter dan een confronterende.”

Van der Linden noemt zijn aanpak ‘parlementaire diplomatie’ die de voor Europa zo kenmerkende soft-power benadering kan versterken: praten met collega-parlementariërs, ervaringen uitwisselen, trainingscursussen aanbieden. Zo zien de Russen het ook graag. „We willen een afgewogen relatie waarin wij de Europese Unie respecteren en de Europese Unie ons”, zegt Konstantin Kosachev, behalve voorzitter van de buitenlandcommissie van de Doema ook vice-voorzitter van de parlementaire vergadering van de Raad van Europa. „De Europese Unie behandelt Rusland of het een kandidaat-lidstaat van de EU is. Maar dat is Rusland niet. Je kan dus ook niet allemaal eisen stellen aan Rusland zoals bij kandidaat-lidstaten van de Unie wel kan worden gedaan.”

Iemand als Van der Linden begrijpt dat volgens Kosachev. Hij speelt „een constructieve rol” en heeft „persoonlijk veel meer dan ook maar iemand van zijn voorgangers getracht Rusland te helpen bij zijn interne problemen”, meent hij. „Rusland is een leerling in de klas van de Raad van Europa, het huis van de democratie. Op het terrein van democratie hebben we decennia gemist en veel achterstand. Zoals in elke school maakt een leerling fouten. Je kan hem dan op verschillende manieren behandelen: straffen, schreeuwen dat hij zich moet gedragen of naast hem gaan zitten en hem uitleggen wat zijn fouten zijn en wat hij hier aan kan doen. Dat laatste is precies de stijl van Van der Linden.” .”

Niet iedereen kan zich vinden in de ‘parlementaire diplomatie’. Zijn Europese christen-democratische partijgenoten kreeg Van der Linden massaal over zich heen toen hij eind vorig jaar aankondigde in januari naar Wit-Rusland, de laatste dictatuur in Europa te zullen afreizen. „We waren teleurgesteld, omdat hij met zo’n bezoek het regime toch legitimeert”, zegt de Poolse europarlementariër Bogdan Klich, tevens voorzitter van de Wit-Rusland delegatie van het Europees Parlement. „We hadden een heel strikte lijn afgesproken en die doorkruiste hij.”

Van der Linden: „Ik heb mijn eigen verantwoordelijkheid. Bovendien was mijn bezoek aan Wit-Rusland een groot succes. De vrouw van oppositieleider Alexander Kozulin die in de gevangenis zit heeft mij openlijk bedankt. Ik heb weten te regelen dat de Duitse ambassadeur bij haar man werd toegelaten. Niet met elkaar praten is niet de manier om Wit-Rusland binnen de Europese Gemeenschap te krijgen. Ik ga door op mijn manier.”

Eind van dit jaar is het voorzitterschap van de parlementaire vergadering waardoor Van der Linden in het buitenland volgens de protocollaire regels als een staatshoofd wordt ontvangen voorbij. Beschouwt hij zijn internationale positie als een vorm van rehabilitatie voor wat hem bijna twintig jaar in de binnenlandse politiek is overkomen? Dick Dees wil er niet over oordelen. „Dat vind ik moeilijk. Maar ik weet dat hij indertijd bij de paspoortkwestie hevig geleden heeft en neem nu waar dat hij geweldig is opgebloeid.”