Zorg over integratie voedt paspoortkwestie

De dubbele nationaliteit van migranten verdeelt de Nederlandse politiek. De linkse partijen ergeren zich aan het verband dat wordt gelegd met loyaliteit.

„De kroon op de integratie”, noemt Kamerlid Mirjam Sterk (CDA) het opgeven van de dubbele nationaliteit. Kiezen voor Nederland betekent voor haar „afstand doen van de nationaliteit van het land van herkomst”.

De tijden zijn veranderd. Veertien jaar geleden was een dubbele nationaliteit volgens het CDA nog goed voor de integratie. In 1993 schreef CDA’er Ernst Hirsch Ballin (toen ook minister van Justitie), een wetsvoorstel dat een dubbele nationaliteit mogelijk moest maken: „Nationaliteit is een uitdrukking van verbondenheid, niet van ondeelbare trouw. Omdat die verbondenheid van velerlei aard kan zijn, is het mogelijk dat een persoon met meer dan één land wezenlijk verbonden geacht kan worden. Nationaliteit is dan ook niet meer te beschouwen als een exclusieve band met één land, waarop dat land aanspraak kan maken.”

Geert Wilders heeft met zijn aanval op de dubbele nationaliteit van de PvdA-politici Ahmed Aboutaleb, Nebahat Albayrak en Khadija Arib het debat over het onderwerp de afgelopen maand gedomineerd. Wat begon met een wetsvoorstel van voormalig minister Verdonk (VVD) om meervoudige nationaliteit in de toekomst te beperken, eindigde vorige week in urenlang geruzie in de Kamer over Arib. De wet van Verdonk liep vast in procedurele schermutselingen in de Kamer en ligt nu weer op het bureau van Hirsch Ballin. Wat de minister ermee gaat doen is nog niet duidelijk. „Het ligt heel gevoelig”, zegt een woordvoerder.

De grote partijen weten niet wat ze met de ophef aan moeten. Want eigenlijk vinden ze allemaal dat de dubbele nationaliteit zo veel mogelijk vermeden moet worden. Kamerlid Jeroen Dijsselbloem (PvdA): „Onze makke is dat Wilders met simpele oplossingen komt, en wij met complexe. Maar zijn oplossingen zijn geen oplossingen, het is fictie.”

Dijsselbloem discussieerde jarenlang met collega Kamerleden Sterk en Jan de Wit (SP) over het onderwerp. Die debatten gingen – ook vóór de entree van de Partij voor de Vrijheid van Wilders – over loyaliteit aan Nederland, integratie en juridische verplichtingen aan andere landen.

PvdA en SP ergeren zich aan het verband dat Wilders volgens hen legt tussen loyaliteit en nationaliteit. Dijsselbloem: „Alsof er iets mis met je is als je nog een ander paspoort hebt.” De Wit: „Neem ze dan dat paspoort af! Die gedeelde verbondenheid kan je zo toch niet uit dat hoofd rammen? Dat spreekt toch voor zich? Die helderheid kan je niet afdwingen.”

Toch is dat wat VVD en CDA wel willen. Al praat het Tweede-Kamerlid Sterk liever over verbondenheid dan over loyaliteit. Sterk: „Nationaliteit drukt ook verbondenheid uit met het land waar je woont. Dat is niet iets vrijblijvends. Je moet volledig met twee benen in Nederland gaan staan. Die keus moet je helemaal maken, dat vind ik eigenlijk wel. Die eis kan je stellen.”

Het is niet normaal, zegt Kamp (VVD), dat mensen meer dan één nationaliteit hebben. „Je krijgt dan een minder logische, geordende samenleving.” Wie in Nederland wil wonen, werken en leven, moet de Nederlandse nationaliteit willen hebben, vindt de VVD’er. Zo niet, dan moet je volgens Kamp „overwegen terug te gaan”.

Voor CDA en VVD lijkt het aannemen van de Nederlandse nationaliteit niet direct bedoeld om de integratie vooruit te helpen. Ze willen dat immigranten (of hun kinderen) met een symbolische daad laten zien: ik heb de keus gemaakt, en ik kies voor Nederland.

Die verbondenheid met Nederland moet exclusief zijn. Voor CDA en VVD is het verwerpen van de tweede nationaliteit daarom net zo belangrijk. Zo belangrijk dat de Staat het moet afdwingen als het mogelijk is. Vanuit dit perspectief is een gelijke verbondenheid met verschillende landen onmogelijk en onwenselijk.

In het politieke debat lopen de begrippen loyaliteit/verbondenheid en integratie steeds in elkaar over. Wie goed geïntegreerd is, voelt zich loyaal aan of verbonden met Nederland, en zal uiteindelijk door het aannemen van de Nederlandse nationaliteit die band willen symboliseren. Die gedachtengang spreekt ook SP en PvdA aan. Ook zij zien liever dat iedereen die hier lang woont alleen Nederlander is. Maar voor deze partijen staat voorop dat het een individuele keuze blijft voor mensen, die ook waarde heeft als iemand zijn andere nationaliteit niet opgeeft.

Het is nooit aangetoond, zegt zowel De Wit als Dijsselbloem, dat het verbieden van een dubbele nationaliteit de integratie verbetert – een verband dat Verdonk in haar wetsvoorstel wel legde. Toch ligt daarin volgens de linkse partijen de verklaring voor de steun die Wilders heeft voor zijn onverzoenlijke opvatting. Mensen maken zich zorgen over de integratie. De Wit: „Met zijn opmerkingen doet Wilders alsof mensen met een dubbele nationaliteit geen goede Nederlanders kunnen zijn. Dat is toch onzin!”

PvdA en SP zien wel een goede reden om de meervoudige nationaliteit terug te dringen: wie meer dan één nationaliteit heeft, kan in de problemen komen als wetgeving in het andere land verplichtingen oplegt. Bekende voorbeelden zijn de dienstplicht in Turkije, of het in Marokko geldende familierecht, dat vrouwen minder rechten toekent.

De juridische problemen worden ook door CDA, VVD en PVV gezien. De laatste partij lijkt zich daarbij geen zorgen te maken over de gevolgen voor burgers zelf, maar richt zich in de discussie meer op de mogelijke risico’s voor de Nederlandse staat.

Nederland heeft over die conflicterende rechten en plichten niets over te zeggen: elk land bepaalt zelf wie zijn staatsburgers zijn, en welke rechten en plichten daarbij horen. Zeker als landen niet toestaan dat burgers de nationaliteit opgeven, kunnen Nederlandse politici van alles zeggen, maar verandert er in de praktijk niets. Alle grote partijen pleiten dan ook voor onderhandelen met ‘probleemlanden’ als Marokko en Turkije (waar bijvoorbeeld mannen alleen na hun dienstplicht de nationaliteit kunnen opgeven).

Onderhandelingspogingen in het verleden hebben weinig resultaat opgeleverd. Maar zelfs een akkoord hierover zal nooit alle problemen oplossen. „In een wereld waarin mensen veel reizen, in verschillende landen werken, kom je nooit van dubbele nationaliteiten af”, zegt SP’er De Wit.

Dijsselbloem (PvdA): „Als je zoals Wilders de problemen bij die mensen zelf neerlegt, dan worden die burgers vermalen tussen twee staten. De VVD en de PVV zeggen in feite dat ze daar schijt aan hebben.”