Trouwen voor de centen

Vermogende homoparen moeten financieel hun zaken goed regelen. Fiscus en geërgerde familie proberen hun gram te halen.

Suze Orman is een van Amerika’s bekendste financieel adviseurs. Ze verdiende een fortuin met boeken als The Courage to be rich en haar programma over personal finance op televisiezender CNBC.

Orman kwam vorige maand in het nieuws over iets dat op het eerste gezicht weinig met financiën te maken heeft. Ze bekende in een interview in het magazine van The New York Times dat ze al jaren met een vrouw samenleeft. In Nederland zou haar onthulling wellicht nauwelijks opzien hebben gebaard, maar in de VS ligt dat beduidend anders. Ook in financieel opzicht, want in de VS kunnen paren van hetzelfde geslacht in veel staten geen huwelijk of een partneroverkomst sluiten. Hierdoor is onder andere het successierecht dat partners moeten betalen veel hoger dan bij getrouwden, kunnen ze geen aanspraak maken op fiscale vrijstellingen tijdens leven en kunnen partners zonder nadrukkelijk testament geen erfgenaam van elkaar worden. Om de nalatenschap te beschermen tegen de fiscus en inhalige familieleden moet de nalatenschap minutieus worden vastgelegd tegen hoge juridische kosten. De vraag van het blad naar Ormans trouwplannen had dan ook een financiële context. Orman benadrukt te willen trouwen om te voorkomen dat de helft van haar op 25 miljoen geschatte vermogen naar de belasting gaat.

In Nederland zijn de zaken voor samenwonende mannen- en vrouwenparen beter geregeld. Paren krijgen door het sluiten van een huwelijk of een partnerovereenkomst direct dezelfde rechten als heteroseksuele getrouwde stellen. Uit onderzoek van het CBS uit 2005 blijkt echter dat maar een kwart van de paren van gelijk geslacht hun relatie bij de burgerlijke stand heeft laten vastleggen. (Bij het totaal aantal samenwonende paren ligt dit aandeel op ruim 80 procent.)

De 75 procent die niets heeft geregeld, doet er goed aan de financiële consequenties te analyseren. Onder andere de wetgever ziet hen – net als de Amerikaanse overheid – vaak als niet meer dan de buurman, met de nodige wettelijke en fiscale nadelige gevolgen. Wie financieel en juridisch de getrouwde status (deels) wil benaderen zonder in het huwelijksbootje te stappen, moet zelf actie ondernemen.

Een eerste stap kan het regelen van het nabestaandenpensioen zijn. Wie ouderdomspensioen opbouwt bij zijn werkgever, bouwt in de regel ook een partnerpensioen op. Dit wordt na het overlijden uitgekeerd aan de nabestaande; uw partner en eventuele kinderen. Bijna alle pensioenfondsen accepteren tegenwoordig ook samenwonenden als partners, maar dan moet de partner wel aangemeld zijn. Gebeurt dit niet, dan krijgt de partner na het overlijden mogelijk geen partnerpensioen.

Zoek ook uit hoe de zaken zijn geregeld als u of uw partner overlijdt. Wie samenwoont en niets regelt, loopt de kans bij het overlijden van de partner met zijn of haar familie in de slag te moeten.

Juridisch gezien heeft de partner geen recht op de erfenis en is afhankelijk van de coulance van de familie. In de praktijk blijkt dat eventueel ongenoegen over een relatie door de familie soms via de afwikkeling van de erfenis wordt afgereageerd.

Het is ook oppassen voor degenen die een samenlevingscontract hebben opgesteld. In dit contract tussen partners kan een aantal zaken worden geregeld; maar partners kunnen elkaar niet tot erfgenaam benoemen. Die schijn kan echter wel worden gewekt door de opname van het zogenoemde verblijvingsbeding. Dit zorgt ervoor dat bij overlijden de achterblijvende partner eigenaar wordt van de gezamenlijke bezittingen en de gezamenlijke koopwoning.

Dit geldt echter niet voor privébezittingen. Dat betekent dat na het overlijden de andere erfgenamen bijvoorbeeld een auto, kunst of een vakantiehuis – die de overledene zelf kocht of al in bezit had voor hij ging samenwonen – kunnen opeisen. Wie al zijn bezittingen aan zijn partner wil nalaten, heeft een testament nodig. Het opmaken ervan door de notaris kost een paar honderd euro maar heeft als bijkomend voordeel dat het alle in het verleden gemaakte afspraken met andere partners kan overschrijven.

Ook vanuit financieel oogpunt is het handig om zaken vast te leggen, bij de afrekening met de fiscus hebben getrouwden een streepje voor. Zij zijn evenals geregistreerd partners, tenzij anders bepaald, automatisch elkaars erfgenaam. Dit levert naast een lager tarief een vrijstelling van successierecht op van 515.928 euro (2007).

Samenwonenden die niets hebben geregeld betalen het ‘buurman’-tarief dat kan oplopen tot 68 procent. De fiscus komt de samenwoners wel enigszins tegemoet. Met een samenlevingscontract geldt de vrijstelling ook – mits het paar minimaal zes maanden een gezamenlijke huishouding voerde en in de laatste vijf jaar voor het overlijden bij de aangifte voor het fiscaal partnerschap heeft gekozen. Binnen een samenlevingscontract zijn afspraken mogelijk over de onderlinge zorgplicht, zodat partners elkaar na eventuele beëindiging van de relatie een bijdrage in hun levensonderhoud kunnen vragen.