Opties Akzo-top tellen voor twee

Brutale beleggers hebben de halve wereld. Behalve als ze in de krochten van de meldingsregisters van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) verzeild raken.

Sinds jaar en dag krijgt de raad van bestuur van Akzo Nobel zijn jaarlijkse portie opties in april – opties die het recht geven aandelen Akzo te kopen tegen een vooraf vastgestelde prijs. Behalve dit jaar.

Dit jaar deed het concern op 28 februari, vlak vóór de verrassend goede verkoop van Organon, een nieuwe melding van personeelsopties voor de topmannen. Dat is een leuke meevaller: zo wordt de 19 procent koerswinst die Akzo Nobel deze week maakte net meegenomen in de waarde van deze opties. Maar er wordt toch niet gehandeld met voorkennis?

Zes telefoontjes met Akzo Nobel en even zo vele antwoorden verder lijkt de einduitslag gevonden: Neen, dit zijn geen nieuwe opties. Die komen gewoon in de gebruikelijke ronde van april. Dit zijn opties van drie jaar geleden. Voorwaardelijke opties met een looptijd van drie jaar, die in februari onvoorwaardelijk zijn geworden en in april kunnen worden uitgeoefend. Inderdaad, dezelfde opties die de top al in 2004 ontving en toen keurig bij de toezichthouder meldde.

In dat jaar kreeg de top zijn opties voor het eerst onder de voorwaarde dat bepaalde doelstelling waren gehaald, in plaats van onvoorwaardelijk. Begin dit jaar stelde de raad van commissarissen de cijfers vast, en constateerde dat de doelen gehaald waren.

Niets aan de hand dus, als beleggers maar weten dat de opties al eerder gemeld zijn – maar dat kunnen zij niet weten, anders dan door de AFM plat te bellen. De melding is dubbelop en in het register worden ook de aantallen dubbel geteld. De Akzo-woordvoerder: „Wij zullen dit intern gaan bekijken en zullen ook contact opnemen met de AFM.” Een AFM-woordvoerder zegt vanwege de geheimhoudingsplicht niet in te gaan „op individuele gevallen”.